Persoonlijke verantwoording

1998-04-03
  • Jaargang 42
  • nummer 7
Even wat adem scheppend na de loodzware problemen van vorige Snippers geef ik vandaag antwoord op een vraag die ons herhaaldelijk gesteld is de laatste jaren, namelijk: waarom zijn jullie na je emeritaat niet naar Nederland teruggekeerd? Gezien mijn laatste sombere verhaaltjes zou die vraag nu weer gesteld kunnen worden. En gaan er de laatste tijd niet heel wat Nederlanders naar hun geboorteland terug? Waarom jullie niet?

Ik zou de geriefelijkheidsredenen eerst kunnen noemen: het klimaat (oh, die ellendige druilweken in Nederland aan het eind e van het jaar zonder ooit een zon te zien), de leefruimte (we kunnen hier een groter huis bewonen met een majesteitelijke tuin), de betrekkelijke dorpsrust (tegenover de alomtegenwoordige lawaaiige verkeersonrust in Nederland). Er zijn familieredenenen dat namelijk al onze kinderen met aanhang en kleinkinderen (nog) in Afrika wonen.
Maar er zijn diepere redenen te noemen die wat moeilijker voor de dag komen maar mij toch zwaar wegen.
Jarenlang was ik als blanke deel van een samenleving die tegen zwarten discrimineerde. Ik kon reizen en wonen waar ik wilde terwijl anderen hier geboren, dat recht niet eens hadden.
Voor mijn kinderen was er goed en goedkoop onderwijs, wat er voor de kinderen van mijn zwarte broeders in veel mindere mate was. Dat andere blanken mij soms nauwelijk accepteerden omdat ik toch maar "mijn tijd verknoeide met zwarten" (zoals een Engelse boer het uitdrukte) doet er niets aan af dat ik deel was van een groep mensen die voorrechten had boven anderen. Het verleden blijft mij ook als Christen achtervolgen. Als Christenen leiten we ons te makkelijk onder narcose brengen om niet of onvoldoende de pijn te voelen de ander aangedaan. Ik heb het apartheidsbeleid zoals uitgevoerd weliswaar nooit voro mijn rekening genomen, maar als blanke en als Christen behoorde ik tot een groep die dat beleid gestreng in de praktijk bracht.
Nu zijn de rollen omgedraaid. In het nieuwe Zuid-Afrika is een duidelijke wat affirmative action wordt. Maar het houdt niet bij de staatsdienst op. Ook het bedrijfsleven wordt door wetgeving gedwongen om op basis van ras volgens vastgelegde percentages aanstellingen en bevorderingen uit te voeren. In mijn familie- en kennissenkringetje vinden soms hevige debatten plaats. Vooral daar waar een verdiende promotie of de kans op ene baan verkeken is omdat je huidskleur toevallig de verkeerde is. Voor jonge mensen doet dat zeer; zij zien geen toekomst meer hier en zeggen steeds weer: dat apartheidsbeleid was iets van het vorige geslacht. En zij praten over emigreren! Mijn reactie is dan: dankzij onrecht heb je intussen een goede opleiding gehad, draag dan nu ook jouw deel. En breng je de wan balans van de geschiedenis weer in evenwicht.
Zeg maar dat wanneer de stand in een wedstrijd op 1-1 is gekomen, je samen weer verder kunt. Een Christen is geen opportunist die de wereld rondreist op zoek naar de best belegde boterham. Voorlopig is mijn bijdrage aan het nieuwe Zuid-Afrika er als Christen te zijn. Want ieder die vertrekt maakt het voor de achterblijvers weer iets moeilijker.
Statistisch maakt mijn vertrek als blanke weer een paar zwarten uit de overgrote onderlaag van de bevolking brodeloos. Wie weet of mijn blijven niet tot gevolg kan hebben dat wij samen in vrede de wedstrijd kunnen uitspelen!

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief