Houd thuis uw eigen Bijlmer-enquête
1999-02-19
Een betrouwbare getuige is een redder van levens.” De ene getuige is de andere niet. Als relatieve buitenstaanders vellen we gauw een oordeel over een getuige. De licht arrogante bestuurder die meent dat veel ophef over de Bijlmerramp niet terecht is, schrijven we onmiddellijk af. Met hem kunnen we ons niet identificeren. Maar de brandweerman, die mensen met gevaar voor eigen leven uit de vuurzee redde, geloven we op voorhand.- Jaargang 43
- nummer 4
Hij zal ons toch niets op de mouw spelden. In hem willen wij ons verplaatsen.
Het is niet zeker of de Spreukendichter met het oog op deze situaties heeft geschreven: „Een betrouwbare getuige is een redder van levens.” Want hoezeer onze sympathie ook ligt bij de mensenredder, toch hoeft zijn getuigenis geen grotere waarheidsgehalte te hebben, dan de bureaucraat die het moet hebben van vliegcoördinaten, radarbeelden en structuren. Hij laat daar een paar computeranimaties op los en concludeert tegengestelde zaken aan die van de brandweerman.
Vermoedelijk geloven we de bureauzitter minder, omdat hij in een constellatie zit die wij niet vertrouwen. Hij maakt deel uit van de luchtvaartwereld en daar hebben wij weinig zicht op. In die kleine wereld zijn ze zo van elkaar afhankelijk, dat ze vast en zeker elkaar de hand boven het hoofd houden, zo denken we al gauw. Misschien wantrouwen we die samengebalde vriendenclubs wel, omdat wij er zelf ook zoveel van kennen. De meesten zijn geneigd om loyaal te blijven aan de organisatie waar we in functioneren.
Ook loyaal in de opzichten die het niet verdienen. Het gaat dan bijna altijd om het verzwijgen van een gevaarlijke lading, dikwijls een gevaarlijke geestelijke lading.
Afhankelijke mensen
Als christen-journalist mag je vaak achter de schermen zien van christelijke organisaties. Daar is veel dat het daglicht niet kan verdragen. Toch wordt er nauwelijks melding van gemaakt. Dat betreft zaken van excessief drankgebruik tot seksueel misbruik en van onwettige fondswerving en zelfzucht tot een compleet verkeerde voorstelling van zaken om de achterban rustig te houden.
De reden tot zwijgen ligt vrijwel nooit in die beruchte mantel der liefde. Want u weet dat de apostel daar alleen dingen onder schuift die openbaar zijn geworden en waarover schuld wordt beleden.
De werkelijke reden ligt in het feit dat mensen afhankelijk zijn. Wie kritiseert, is bovendien zelf nooit helemaal schuldeloos.
En de machthebbers in de organisatie maken daar zonder scrupules gebruik van. Er is altijd wel een wereldse juridische reden te vinden om de machtigen te dienen in hun gruwelijke kleinheid. En die zweert er bij God nog een eed op ook.
Is zwijgen – al of niet opgelegd door je baas – geoorloofd? Wie daar ja op zegt, zal waarschijnlijk volhouden dat je die zaken intern moet oplossen, want er is geen enkele feilloze organisatie.
Stel je voor dat je alles op straat zou gooien, het is de parlementaire enquête niet. Maar mensen die dit zeggen, realiseren zich niet dat de getuigen vrijwel altijd hebben geprobeerd hun kritiek bij hun directe chef – het middenkader – te uiten. Maar hij had er geen oog en geen hart voor.
Het is net alsof u de Bijlmer-enquête beluistert.
Zodra je het hogerop zoekt met je kritiek, word je gekielhaald. Alles wordt in laatste instantie verdedigd met het argument dat wie bestuurt vuile handen maakt. Een uit het management geboren zelfgenade. Sommige christen-leiders hoor je zich verantwoorden met een beroep op de gebrokenheid waar we mee moeten leren leven. Het zal u opvallen dat zij daar zelf nooit de dupe van worden: het is de eredienst der gebrokenheid als zelfbedachte genade voor het leiderschap.
Ik ken geen voorbeeld van het tegendeel, in welke christelijke organisatie dan ook. Directeuren en bestuurders wonen in woorden, hun daden zijn van papier. Daarom noemt Spreuken misschien die betrouwbare getuige een redder, een dader des Woords. Waar is de chef die ooit met de Chef van Micha zal zeggen: „Getuig openlijk tegen Mij, want ik zal het weerleggen”? Hij of zij die het doet, verknalt zijn baan. U kijkt alweer in het hart van de Bijlmer-enquête.
Lessen
Er zijn zeker vier lessen uit de Bijlmerenquête te trekken voor iedereen werkend in een organisatie of constellatie: op christelijke grondslag of niet.
Houd uw eigen Bijlmer-enquête.
1) Wie kritiek heeft op de zwijgzamen over het kwaad, gaat eerst te rade bij zichzelf over al wat hijzelf onder de pet houdt.
2) Wie durft te spreken, moet bereid zijn de consequenties van zijn kritiek te ondergaan, soms volgt een sanctie, vaker een frustratie.
3) Wie getuigt, weet dat een getuigenis vaak ervaringen betreffen zoals die van de brandweerman die vergeet dat feiten anders kunnen liggen dan de werkelijkheid die je hebt ervaren.
4) Maar besturen en directies: waak u voor de bureaucraat, de chefs, het middenkader, dat inzichten liquideert, dat correcties elimineert en het leven van een organisatie doet verdorren.
Het is overal hetzelfde. „Maar gij dan? Gij geheel anders!”