Religieuze conflicten gelovig oplossen
1998-04-17
Joden en moslims bevechten elkaar het recht om in het beloofde land te wonen. Ze doen dat omdat het voor beide geloofsgemeenschappen heilige grond is. De joden kunnen Hebron niet aan de Palestijnen geven, vanwege de graven die daar volgens Schrift en traditie zijn: Adam en Eva, Abraham en Sara, Izaak en Rebekka en Jakob en Lea. Ook Jeruzalem is in het joodse geloof een onvervreemdbaar eigendom van Israël. Voor de moslim-Palestijnen geldt hetzelfde vanuit hun religieuze overtuiging. En omdat het om religieuze overtuigingen gaat - om waarheid en niets dan de waarheid - is de kloof onoverbrugbaar. Dat verklaart de moeizame vredesbesprekingen en het steeds weer oplaaiende geweld van extremisten.- Jaargang 42
- nummer 8
Toch ligt de sleutel voor de oplossing van het conflict juist in een religieuze benadering ervan. De politieke aanpak, zoals de internationale gemeenschap die propageert, is gedoemd te mislukken zolang voorbij gegaan wordt aan die religieuze dimensie. Dat vindt de Nederlandse rabbijn Lody B. van de Kamp. Het artikel dat hij er over schreef, is van belang voor een oplossing van het Joods-Palestijnse conflict, maar wellicht ook voor andere ruzies met een religieuze ondertoon.
Begrip
Rabbijn Van de Kamp weet van zichzelf en andere meer of minder orthodoxe joden hoe onopgeefbaar de claims op het Heilige Land zijn. Het staat in de Thora, God heeft het zelf beloofd aan Abraham, Izaak en Jakob.
Dat is de enige waarheid. Dat besef kweekte bij hem begrip voor de Palestijnen en hun evenzeer religieus bepaalde claims op Palestina. Hun enige waarheid. Daar zit dus geen enkele onderhandelingsruimte. Waarom dat niet eerlijk tegen elkaar gezegd om vervolgens een vrede te regelen, waarbij Joden en Palestijnen samen de heilige plaatsen besturen, met respect en ruimte voor elkaars religie. Maar, is dat niet vragen om ruzie en bloedvergieten? Nee, vindt rabbijn Van de Kamp. En dat heeft alles te maken met de toekomstverwachting van beide partijen. De zekerheid dat in de toekomst God dan wel Allah z'n belofte zal waarmaken en het land aan de zijnen schenken zal. Wie daarnaar vooruitgrijpt door nu al land te willen verdelen, laat in feite daardoor merken dat z'n geloof dat God dan wel Allah het zal doen, niet erg sterk is. Die toekomstverwachting moet het alle betrokkenen mogelijk maken, geduld te oefenen, te wachten op God, of Allah en tot die tijd vreedzaam samen te leven.
Gamaliël
Het verhaal van Van de Kamp trof me vanwege de wijsheid die er in zit. Iets van de wijsheid van Gamaliël. U weet wel: de Farizeeër, die betrokken was bij het verhoor van de apostelen (Hand.5:26 w). Hij wilde niet weten van een verdere vervolging van de eerste christenen. Zijn argument: als de beweging van Jezus uit God is, kunnen wij er toch niets tegen doen. Als ze uit mensen is, zal ze vanzelf verdwijnen. De toekomst zal het leren.
Diè wijsheid zou niet alleen voor het Midden-Oosten iets goeds kunnen betekenen. Ook bijvoorbeeld voor het conflict tussen Protestanten en Katholieken in Noord-Ierland. Ook daar wordt immers door beide partijen op basis van religieus-historische argumenten het eigen gelijk verdedigd. En wordt er met geweld naar gegrepen.
Wie over het gelijk op korte termijn heen kan kijken, wie dus gelóóft, dat God zijn partij in het gelijk zal stellen op Zijn tijd, die zal voor nu kunnen dragen dat alle verlangens (nog) geen werkelijkheid worden.
Wellicht kunnen we ook voor onszelf iets van de wijsheid van Van de Kamp leren. Ook in onze gemeenten wordt soms gestreden om het eigen gelijk op het scherpst van de snede. Met Van de Kamp kan gezegd worden: hoe fanatieker, hoe ongeloviger. Echter, vanuit het vaste vertrouwen dat God zijn kinderen op de jongste dag alles zal openbaren, zou er heel wat minder fel gevochten hoeven te worden.