Opstanding

1998-04-17
  • Jaargang 42
  • nummer 8
Het is maar een kort zinnetje, je leest er zo overheen. Deze verschijning aan Jakobus lijkt veel minder belangrijk dan de verschijning van de Here Jezus aan Petrus en aan die meer dan vijfhonderd broeders (en zusters?) tegelijk. Waarom staat dit zinnetje eigenlijk in de Bijbel?

Oog voor de enkeling
Nu zou je kunnen zeggen: Hieruit blijkt dat de Opgestane niet alleen oog heeft voor de massa, maar ook voor de enkeling, voor die ene. Dat is inderdaad heel treffend. Meteen al na zijn opstanding is de Here Jezus aan het werk gegaan om zijn uiteengeslagen kudde weer op te zoeken en bij elkaar te brengen. Hij heeft Petrus uit de put gehaald.
Thomas uit zijn troosteloosheid verlost. Kleopas en zijn vriend uit de droom geholpen. En dus ook Jakobus.
Jezus heeft oog voor de enkeling. Dit mag eenzamen tot grote troost zijn: Hij die de wereld regeert vergeet u en jou niet.
.1 Toch zit er, dacht ik, nog iets meer in. Maar dan moeten we er eerst achter zien te komen, over welke Jakobus het hier gaat. Onder de apostelen waren er namelijk twee. Echter één van deze Jakobussen wordt hier niet bedoeld. Er is namelijk nog een andere Jakobus, een broer van de Here Jezus, één van de zonen van Jozef en Maria. En aan Jezus' broer Jakobus moet u denken. De Here Jezus verscheen dus na zijn opstanding aan zijn broer. Waarom? Moet je denken aan een gesprekje van broers onderling of zoiets? Nee, hier is iets anders aan de hand. Weet u wat er van Jezus' broer(s) in de Bijbel staat te lezen? U vindt dat o.m. in Johannes 7:5, waar staat geschreven: "Zelfs zijn broers geloofden niet in Hem".

Gesloten ogen
Onnadenkend menen wij wel eens dat de mensen die leefden in de tijd van Jezus' zijn op aarde, het veel gemak eijker hadden dan wij. Alleen, wat blijkt nu: Je kunt zelfs met Jezus onder één dak leven, met hem aan één tafel zitten en toch niet geloven!
Jakobus geloofde niet dat zijn broer de door God gezonden Messias was.
Dat maakte hem natuurlijk niet meteen een aartsvijand van Jezus, zoals veel Schriftgeleerden, maar Zijn hemelse afkomst en bestemming zag hij niet zitten. Tijdens Jezus' aardse leven is hij niet tot bekering gebracht. Zijn ogen bIeven gesloten. En op Goede Vrijdag is niet alleen Jezus uit zijn ogen verdwenen, maar ook zijn moeder Maria. Zij heeft immers bij Johannes haar intrek genomen. Vanwege Jakobus' ongeloof? In elk geval je verwacht nu, dat Jakobus zelf ook in geestelijke zin spoedig zal zijn verdwenen.

Geopende ogen
En nu het wonder. We zien Jakobus wel terug. Hij is door Jezus niet uit het oog verloren. Want we vinden Jakobus terug in de bovenzaal te Jeruzalem na de Hemelvaart. We lezen namelijk in Handelingen 1: 14: "Deze allen, (dat zijn de elf apostelen), bIeven eendrachtig volharden in het gebed, met enige vrouwen en Maria, de moeder van Jezus, en met zijn broers". En even later treedt diezelfde Jakobus op als voorganger van de eerste gemeente. En Paulus typeert hem als een steunpilaar die hem, als apostel der heidenen, de broederhand toereikte, Galaten 2:9. En van de hand van Jakobus is zelfs een brief in het Nieuwe Testament terechtgekomen. Ommekeer Er is dus iets gebeurd in zijn leven.
Een radicale ommekeer. En achter die ommekeer staat de verschijning van de Opgestane aan zijn broer. Zoals de Here Jezus Thomas heeft verlost van zijn twijfel, zo heeft Hij Jakobus verlost van zijn ongeloof. Jacobus had geen oog voor Jezus. Maar Jezus had wel oog voor Jakobus. Wat er besproken is, we weten het niet. Maar één ding is zeker, sindsdien was Jakobus de oude Jakobus niet meer. Volgens hele oude christelijke overleveringen werd hij Jakobus 'De Rechtvaardige' genoemd en ging er een goed getuigenis van hem uit. Hij stond in aanzien bij zowel joden als christenen. De Joden durfden hem, als christen, zelfs niet de toegang tot de tempel te weigeren vanwege zijn heilige levenswandel. En Eusebius, de eerste kerkhistoricus meldt dat Jakobus vanwege het bidden knieën had als van een kameel. Uiteindelijk is Jakobus als martelaar gestorven.

Opstandingskracht
Wat een kracht gaat er uit van de Opgestane! Van ongelovigen maakt Hij gelovigen, van vijanden vrienden.
Van doden levenden. Wat niemand kan, kan Hij. Want de Heer is waarlijk opgestaan en Hij is aan Jakobus verschenen.
En toen is dat wonder gebeurd. En sindsdien gaan de wonderen de wereld niet meer uit, omdat Christus' opstandingskrachten de wereld niet meer uitgaan. Hij is aan Jacobus verschenen, die zoon van Maria die het geloof van Maria niet zag zitten. En er zijn meer van die zonen en dochters, die het geloof van hun ouders niet (meer) zien zitten. Misschien heeft u jaar in jaar uit al gebeden voor dat afgedwaalde kind. Vergeet u het niet: De Heer is waarlijk opgestaan! Hij is er ook en zijn opstandingskracht is er ook waarmee Hij zelfs het hardste hart kan breken. Hij opereert zelfs in het machtsgebied van de boze. Zelfs uit het grootste gevaar doet Hij verloren zonen en dochters weerkeren en brengt ze thuis. Want Hij is nog steeds die zoekende Herder die oog heeft voor de enkeling, voor Petrus de loochenaar, voor Thomas de twijfelaar, voor Paulus de vijandige, en voor...

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief