Zendingszaken op de landelijke vergadering

1998-08-21
  • Jaargang 42
  • nummer 17
Dat was nog eens interessant nieuws! Diaconale zaken behóren op onze agenda te staan.
Dat zei ds Job Smit op de LVvergadering van 27 juni ter ondersteuning van het voorstel om het Centraal Diakonaal Comité om te zetten in een Diaconale Commissie van onze kerken, benoemd door en verantwoordelijk aan onze kerken in landelijke vergadering bijeen. Er is geen enkele reden om terughoudendheid te betrachten ten aanzien van diaconale zaken, zo voegde Smit er nog aan toe. Allemaal gelezen in ons eigenste blad Opbouw.

Ben ik het daar dan niet mee eens? Jawel, ik ben het er roerend mee eens. Het klinkt wat on-Nederlands Gereformeerd in mijn oren, dat wel! Iedere gemeente plust toch zoveel mogelijk haar eigen zaken uit? En het is toch oppassen geblazen met overheersende deputaten, of ze nu commissieleden heten of niet? Maar wat lees ik? ”Als Commissie hebben we de bevoegdheid om een officieel kerkelijk standpunt in te nemen. We kunnen dan meer doen. Bovendien wordt het diaconale werk meer geïntegreerd in het landelijk verband van onze kerken als we de status van commissie krijgen.” Geen woord over het gevaar van mogelijke deputaten-overheersing.
Geen woord over zelfstandige kerken die iets van hun eigen verantwoordelijkheid moeten inleveren. Gewoon een zakelijke aanpassing aan de praktijk ten dienste van de kerken zonder enig fundamenteel theologisch debat over de vraag of dat ecclesiologisch onder ons eigenlijk wel kan: diaconale zaken delegeren aan een landelijke commissie?

Maar nu dan zending
Zendingszaken behóren op onze agenda te staan. Er is geen enkele reden om terughoudendheid te betrachten ten aanzien van zendingszaken. Zou dat voorstel het gehaald hebben op onze LV? Tot op heden komt er op onze meerdere vergaderingen nooit en te nimmer enige zendingszaak ter tafel. Zending is zaak van een plaatselijke kerk, daarin gesteund indien nodig door steunbiedende of samenwerkende kerken.
Talloze gemeenten steunen allerlei thuisfronten van mensen in dienst van allerhande zendingsorganisaties; talloze gemeenten steunen gemeenten in Oost-Europa; andere gemeenten doen aan zendingswerk in eigen omgeving, evangelisatie genoemd. Er is een bonte veelkleurigheid aan zendingswerk onder ons, in allerlei vormen en gedaanten. Maar wat is het kerkelijke standpunt van Nederlands-
Gereformeerden op het punt van zending? Zouden we niet veel meer kunnen doen, als we een landelijke commissie hadden, niet om het werk van plaatselijke zendingscommissies en thuisfronten over te nemen, maar om al dat werk te integreren in een samenhangend zendingsbeleid? Zo’n commissie zou zendingsdenken kunnen stimuleren, de verschillende benaderingen met elkaar kunnen verbinden, hulp bieden waar om hulp gevraagd wordt. Een centrale zendingscommissie ligt nu eigenlijk wel voor de hand, vind ik. Diaconale zaken horen wel thuis op de LV, maar zendingszaken niet? Wat zou daar voor soort theologie achter kunnen zitten?
In elk geval slechte theologie! Misschien zonder het zelf te beseffen heeft de LV op 27 juni een fundamentele keuze gedaan, die gevolgen behoort te hebben voor zendingszaken in onze kerken. Of die gevolgen er ook zullen komen? Een mens kan er altijd op hopen – er zelfs voor bidden.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief