Carolien wil een ijsje!
2000-08-18
Carolien (2 jaar) zit op de vloer voor de koelkast. Ze wil een ijsje. Haar vader vindt dat nu niet nodig. Met dat antwoord is zijn dochter het niet eens. Ze wil een ijsje. Nú! Soms kunnen die conflicten met Carolien wel een half uur duren. De dochter weet wèl wat ze wil….- Jaargang 44
- nummer 17
De familietherapeut Jesper Juul hanteert dit voorbeeld om te laten zien wat er in veel moderne gezinnen aan de hand is. De ouders van Carolien zijn goed op de hoogte van opvoedkundige principes. Ze hebben veel gelezen over opvoeding. Ze willen niet autoritair zijn en ze vinden het belangrijk dat hun dochter alle aandacht krijgt waar ze behoefte aan heeft. Ze zijn niet boos op hun dochter en ze ergeren zich ook niet aan haar…
Oplopend conflict
Carolien speelde in de keuken. Opeens zag ze ‘bewust’ de koelkast. En daar zit ijs in. Dus kwam Carolien op het idee dat ze best een ijsje zou lusten.
Haar vader denkt even na en komt dan tot de conclusie dat het nu niet verstandig is om ijs te eten. Hij gaat door de knieën om op ooghoogte aan zijn dochter het besluit uit te leggen. ‘Nee Carolien, je mag nu geen ijsje.’ Carolien stampt op de keukenvloer.
‘IJsje hebben!’ ‘Nee Carolien’, zegt haar vader nogmaals, ‘je krijgt nu geen ijsje.
Mamma gaat zo eten koken en dan zit Carolienes buikje al vol met ijs.’ Daar heeft Carolien natuurlijk geen boodschap aan.
(Even terzijde: dat kan ze ook nog niet hebben, want peuters van 2 jaar zijn nog niet in staat om zich in de denkwereld van een ander te verplaatsen.
Vandaar al die ruzies onderweg naar de supermarkt: de peuter van 2 jaar kan zich niet voorstellen dat zijn moeder niet even de tijd heeft om op dat leuke speeltoestel te klimmen).
Na een kwartier zijn vader en dochter het nóg niet eens; de vader is wanhopig en de dochter is heel erg boos en ligt te krijsen op de keukenvloer.
Het eens worden?
De vader van Carolien wil graag een goede vader zijn. Hij hoopt dat hij er met zijn dochter –op basis van goed overleg- wel uit zal komen. Hij streeft naar ‘consensus’: het samen eens worden.
Hij gebruikt geen harde woorden.
Hij hoopt dat zijn redelijke argumenten Carolien tot andere gedachten zullen brengen. Nu ze het samen niet eens kunnen worden heeft hij het gevoel dat hij als vader gefaald heeft. Hij ziet de toenemende frustratie van zijn dochter als een teken dat hij het als opvoeder niet goed doet.
Wat gebeurt er op zo’n moment in de opvoeding? Dat is moeilijker uit te leggen, maar we wagen een poging….
Net zoals bijna alle andere kleine kinderen voelt ook Carolien de stemming van haar vader heel goed aan. Ze hoort het aan zijn stem en ze ziet het aan zijn ogen. Jesper Juul zegt vervolgens: ‘In feite verschuift de verantwoordelijkheid nu van haar vader naar haar zelf. Zij wordt er daarmee verantwoordelijk voor hoe haar vader zich voelt en hoe lang het conflict duurt. Die verantwoordelijkheid kan geen enkel kind dragen.’
Geschiedenis
Veel ouders zijn ontevreden over de manier waarop ze opgevoed zijn. Dus proberen ze anders op te voeden.
Maar ze weten niet hoe dat moet. De ouders van Carolien hebben een probleem, ze kennen slechts één alternatief, en dat willen ze niet, want het is het alternatief van hun eigen ouders.
Die reacties kennen ze maar al te goed.
‘Stel je niet zo aan. Als je niet luistert kun je meteen naar bed!’ Of: ‘Nu moet je lief zijn. Mamma wordt erg boos (of erger: erg verdrietig!) als je zo vervelend blijft doen!’ Veel ouders zijn ook ontevreden over de manier waarop ze thuis in het christelijk geloof zijn opgevoed.
Ze weten dus wel wat ze niet willen.
Niet meer al die discussies over regels en mee móéten naar de kerk. Ze zullen heel anders gaan opvoeden. Met overleg komen ze er vast wel uit. We overleggen dus of we naar de kerk gaan of uit de Bijbel zullen lezen.
Maar ook dat blijkt niet te ‘werken’.
Deze ouders blijven uiteindelijk met een diffuus schuldgevoel zitten.
Waarom komen we er in overleg niet uit met onze kinderen? We proberen zó alles aan hen uit te leggen. We proberen het ze zó naar de zin te maken…. En tóch….
Voorbeeld ontleend aan: Jesper Juul, Dat vind ik. Wat vind jij? Over grenzen van volwassenen en kinderen.
Uitgever: Ad Donker, Rotterdam, 1999).