Mensen naar ons beeld...

1998-02-06
  • Jaargang 42
  • nummer 3
Een jaar geleden werd het nieuws beheerst door het feit dat onderzoekers erin waren geslaagd een schaap te kloneren.
Kloneren is een vorm van voortplanting zonder dat daaraan zaadcellen of eicellen te pas komen. Het is dus een vorm van ongeslachtelijke voortplanting. Door het kloneren ontstaan nakomelingen die dezelfde erfelijke eigenschappen hebben als de 'ouder'. Volgens de voorstanders biedt het kloneren, gecombineerd met genetische manipulatie, ongekende mogelijkheden.
De mens lijkt de schepping naar zijn hand te kunnen zetten. Uiteraard worden door de voorstanders verheven doelstellingen gehanteerd. Zo zouden kloneren en genetisch manipuleren nodig zijn om nieuwe medicijnen te ontwikkelen.
En misschien zou het tekort aan donororganen kunnen worden opgelost door middel van klonen. Klonen kunnen immers in oneindig grote aantallen worden geproduceerd. AI met al ontstaat het beeld van de mens die op de stoel van God gaat zitten. De mens die durft te zeggen: "laat ons mensen maken naar ons beeld ..".

Oudere tweelingzuster
Tegenstanders van de huidige ontwikkelingen, waaronder ikzelf, hebben de stellige indruk dat de mens wordt meegesleurd in de maalstroom van wetenschappelijke en technische ontwikkelingen. Bij hen overheerst het beeld van de mens die niet de juiste grenzen weet te trekken tussen wat ethisch wel of niet aanvaardbaar is. De mogelijkheden van ongeslachtelijke voortplanting bij dieren en mensen zijn ongekend, maar dat geldt ook voor de ethische, biologische, ecologische en juridische consequenties daarvan. Wanneer we ons beperken tot het kloneren van mensen, wat moeten we dan b.v. denken van al die nakomelingen die wel een biologische- maar geen genetische moeder hebben. Waar de moeder simpel gezegd slechts als een wandelende couveuse fungeert voor een mannelijke kloon. En hoe moeten we de moeder van een vrouwelijke kloon zien, gaat het hier nu om een moeder of om een zoveel jaar oudere tweelingzuster? We hebben er met andere woorden geen idee van wat de consequenties zullen zijn van de huidige ongenormeerde technisch-wetenschappelijke ontwikkelingen.

Slordig
De laatste weken heeft in de discussie het kloneren van mensen centraal gestaan. Dat is niet verwonderlijk. Als het kloneren bij dieren mogelijk is, waarom dari ook niet bij mensen. Op deze aardbol zijn altijd wel enkele perverse wetenschappers te vinden die er alles voor over hebben om iets dergelijks te ondernemen. Lieden die een 'taboe' in naam van de vooruitgang wel willen doorbreken. De discussie kreeg een enorme impuls toen bleek dat de Nederlandse regering het aanvullend protocol bij een Europees verdrag, dat beoogt het kloneren van mensen te verbieden, niet had ondertekend. Het feit dat de Kamer dit uit de krant moest vernemen geeft aan hoe slordig met deze problematiek wordt omgegaan.
Het geeft ook aan hoe vluchtig ethische normen in paarse tijden zijn. Het kloneren van dieren lijkt door de discussie over het kloneren van mensen impliciet te zijn geaccepteerd. Het doel heeft het middel weer geheiligd. En daarmee is wederom het hellende vlak betreden. De erkenning dat het in dezen noodzakelijk is de meerderheid in het kwade niet te volgen blijkt steeds minder geldingskracht te hebben. Nederland was één van de twee landen die de aanvullende verdragstekst niét tekende.
Negentien andere Europese landen tekenden wél!

Aap uit de mouw
Minister Borst verdedigde zichzelf door te betogen dat de tekst van het aanvullende verdrag onduidelijk is. Echter, als in tekst staat dat het kloneren van mensen verboden is, dan is niet de tekst onduidelijk, maar sloot deze blijkbaar iets uit wat de minister wilde toelaten. Tijdens het interpellatiedebat, dat door ondergetekende was aangevraagd, kwam die aap dan ook uit de mouw.
De minister wil de ruimte houden dat menselijke embryo's van nul tot veertien dagen voor kloneren gebruikt kunnen worden. Na het kamerdebat heeft de regering in een brief aangegeven het betreffende protocol alsnog te willen ondertekenen onder de voorwaarde dat het kloneren van menselijke embryo's in de eerste twee weken mogelijk zal blijven. Helaas is daarmee zelfs het kloneren van mensen ten principale geaccepteerd. Een grens van 2 weken moet als willekeurig van de hand worden gewezen. De regering heeft, met het pleidooi voor het experimenteren met embryo's, zi'chzelf, de samenleving en de zaak van het ongeboren leven geen dienst bewezen.

Dick Stellingwerf is lid van de Tweede Kamer namens de RPF.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief