Antwoord!

1998-02-06
  • Jaargang 42
  • nummer 3
Iemand moest kiezen tussen twee gelijkwaardige kandidaten voor een vacature van leraar op een christelijke school. Wat moet je dan? Knopen tellen? Dit bestuurslid deed wat anders. Via de telefoon stelde hij beide –pardoes- de vraag: “Houdt u van de Here Jezus?” De ene kandidaat begon omslachtig te antwoorden en de bevestiging ten slotte was stroef. Want wie stelt nou zo’n vraag! De andere kandidaat gaf spontaan ten antwoord: “Jazeker. Ik houd van de Here Jezus. Maar zeg eens…” De tweede kandidaat kreeg de baan.

Ingetogen of vervreemd'?
We zijn het niet zo gewend om elkaar zulke directe vragen te stellen en overeenkomstig te beantwoorden. We spreken en preken meer over (de dingen van) God. Dit kan ingegeven zijn door piëteit. Hiermee loop je immers niet te koop. Maar het gevaar is groot dat deze indirectheid en afstandelijkheid veroorzaakt is door een levenshouding en een levensgevoel, waarin de Here God eerlijk gezegd op grote afstand is geraakt. De secularisatie zit diep in ons!

De kloof
Draait het in de dramatische gebeurtenis op de Karmei ook niet om juist deze zaak? Hoe werkelijk is de Here God?
Hoe werkelijk is Hij nog voor het volk? Ook Elia stelt een zeer directe vraag aan de toegestroomde massa's. Kies: of de Baäl of de Here. Maar het volk antwoordde hem niets! (vs.21) Zijn ze overvallen?
Zijn ze bang? Onverschilligheid? Of ....weten ze gewoon geen raad met deze radicale keuze: of-of. Zelfs de nationale crisis ten gevolge van de aanhoudende droogte had hen niet aan het denken gezet. Onthutsend. Want leg dat eens naast het boek der Richteren. Daar is het een terugkerend refrein: Israël ging de Baäls dienen en zo kwamen ze in grote rampspoed en dan - zo kun je consequent lezen: "Toen riepen zij tot de Here". De mensen toen waren niet minder zondig dan ten tijde van Achab, maar het grote verschil is dat in de richterentijd nog het besef leefde van alles of niets. Van de zegen en de vloek - "Wie God verlaat heeft smart op smart te vrezen, maar wie tot Hem komt mag bij Hem veilig wezen".
Maar ten tijde van Achab was dit denken en dit besef uit de hoofden en harten verdwenen, weggesleten, weggespoeld.
Hoezo een kloof? En de ware achtergrond van de nationale crisis konden ze niet meer onderkennen. Achab méénde het oprecht toen hij Elia een beroerder Israëls noemde. De profeten van de Baäl hebben hun werk kennelijk goed gedaan. De mensen laten denken dat ze nog altijd godvruchtig zijn - "oké, anders dan vroeger maar niet minder echt en oprechf' - terwijl van God een Baäl gemaakt is. En een Baäl is er voor jou! Als de levende God een Baäl is geworden, dan luister je niet meer. Niet echt. Je luistert alleen nog naar jezelf en naar wat men zegt.

'- en wie ze maakt, wordt even doof en blind'
De goden van onze tijd zijn machtig en overtuigend en ze maken ons doof en stom. Psalm 115:5-8. We kunnen communiceren met de hele wereld en zijn overal mobiel bereikbaar, maar hoe zeldzaam is een goed gesprek geworden.
We kunnen de hele wereld zien, maar zien we de ander nog? In hoeveel huizen is de TV, of de PC aangesloten op intemet of geladen met eindeloze (soms gruwelijke en vunzige) spelletjes een gewijde paal geworden? Wat doet het met ons en onze kinderen, langzaam maar zeker? Weten wij nog wat echt antwoord geven is in een wereld van virtual reality, cyberspace, tamagotchi's en sex per computer? Weten we nog van de radicale keuze? Israël op de Karmei wist het niet meer. Waar heeft die man het over?! Maar God .•• En dan kan er nog maar één ding gebeuren: dat God in zijn genadige goedheid dwars door alles heen breekt en laat merken dat Hij is. Overtuigend en onbetwistbaar. Besef van de levende God kunnen we niet aankweken of aanleren. Dat ontvang je enkel door ontmoeting met en door God zelf. Israël op de Karmei heeft het meegemaakt. Hoe de Baäl met zijn profeten in zijn machteloosheid werd te kijk gezet: want hij antwoordt niet .. Wat de machten ook presteren en te bieden hebben toen en vandaag. Je kunt er je hele bestaan mee volstoppen. Maar ze hebben een fatale zwakte: ze antwoorden niet. Niet echt, alleen surrogaat.
Er is niemand die antwoordt: De huiveringwekkende leegte in het leven van zo velen vandaag. Wij fatsoenlijke kerkmensen wenden ons af van het weerzinwekkende lawaai en geschreeuw van house-party's en 'metal'-groepen. Maar horen we daarin de schreeuw nog om antwoord - de uitzinnige schreeuw van de baäl priesters op de Karmei?
Israël op de Karmei heeft het meegemaakt hoe er Eén is die wel, echt, onmiskenbaar verpletterend en bevrijdend tegelijk antwoord geeft. Ze hebben gehoord hoe Elia tot God sprak. Geen gegil en geschreeuw, maar een gesprek. En toen kwam het vuur. En dan wordt ook van de kant van het volk de stilte doorbroken "de HERE is God" gaat als een machtige wave de Karmei over. De daaropvolgende slachtpartij op de baälprofeten choqueert ons.
Maar de boodschap is duidelijk en actueel: zo radicaal moet er afgerekend worden met de leugen van de baäls: de dwaalleer die de kloof dicht, de radicale keuze verdoezelt, het geloof vrijblijvend maakt, de Bijbel snijdt op de maat van onze gedachten. Die ons verleidt om kerkje te spelen in plaats van kerk te zijn. Ook een vorm van virtual reality.
Even comfortabel als dodelijk. Daartegen moeten we vechten op leven en dood. Om kerk te zijn: een kerk van Elia's die voor Hem hun nek durven uitsteken in de overtuiging dat Hij de enige is die antwoordt. Die antwoordt op het diepste in ons - en van ieder mens. Mensen voor wie niet meer de Karmei maar de heuvel Golgotha de meest ingrijpende gebeurtenis in hun hele leven wordt. Daar waar God geen antwoord gaf - om ons voor eeuwig antwoord te kunnen geven. Daar waar alle machten openlijk te kijk zijn gezet. De boodschap van die andere berg kan maken dat een mens in een samenkomst van de gemeente een ontdekkende en bevrijdende Karmel-ervaring opdoet: ,,- dan wordt hij door allen weerlegd, wordt hij door allen doorgrond, het verborgene van zijn hart komt aan het licht en hij zal zich ter aarde werpen, God aan bidden en belijden, dat God inderdaad in uw midden is!" 1 Kor. 14:24v. Het is vandaag of-of: óf wij zijn een gemeente van Elia's óf wij hebben dringend een Elia nodig.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief