Leren van Larry (1)
1998-05-01
De titel werd gekozen, omdat hij plezierig in het gehoor ligt. Aanstonds moet ik nu evenwel vanwege vrijpostigheid mijn excuses aanbieden aan de heer L. Crabb, doctor in de klinische psychologie en de directeur van het Institute of Biblical Counseling.- Jaargang 42
- nummer 9
Dr. Crabb schreef een boek, dat (in vertaling) de titel draagt "Van Binnenuit. Werkelijke verandering is mogelijk"
(Navigator Boeken, Driebergen 1993, CIP/ISBN 90 70656 68 x). Ik heb dit boek moeten bestuderen voor behandeling in het kader van de Theologische Studiebegeleiding. Het heeft mij en verschillende studenten behoorlijk 'gepakt'. Het lijkt me nuttig hiervan in het kort iets door te geven. Ik wil dat doen in drie artikelen. Het eerste geef ik de titel DIAGNOSE, het tweede de titel THERAPIE, terwijl het derde nog enkele KANTTEKENINGEN van mijzelf bevat. Af en toe ziet u een getal tussen haakjes. Dat is voor hen die het boek van Dr. Crabb erbij willen nemen (Vijfde druk).
Diagnose
Dr. Crabb spreekt steeds over mensen, die zich met ijver inzetten voor het Koninkrijk van God (Gemeentewerk, Evangelisatiewerk, Gebedskringen ....) en die dan toch met allerlei moeiten en problemen bij hem als hulpverlener terechtkomen. Ze hebben verdriet en lijden onder teleurstellingen. Of ze hebben bij al hun ijver niet kunnen breken met gewoontezonden (van driftbuien tot masturbatie ...). Ze doen hun werk in een stug doorzettingsvermogen maar zonder werkelijke hartelijke vreugde. Of ze moesten constateren, dat ondanks herhaalde pogingen en beloften van een werkelijke betering van leven niets is terechtgekomen.
Anderen bewonderen hen. Zelf gaan ze gebukt onder de diepe schaduwen en onder de leegte in hun leven (17, 20, 89).
Waar moet men de oorzaken van deze tekorten zoeken?
Het euvel de volmaaktheidswaan
Moeten we niet z6 van de Heilige Geest vervuld zijn, dat er eenvoudig geen plaats meer in ons overblijft voor lijden, teleurstelling, tekort, zonde?Moet de vreugde in de Here niet alle pijn en verdriet uitdrijven? En zegt Paulus ook niet, dat wij voor de zonde dood zijn (Rom. 6:2)? Dan ontstaat er een grote krampachtigheid.
Ik heb deel aan de Heilige Geest Dus: ... Ik heb geen verdriet meer! Ik lijd niet meer! Ik zondig niet meer! Want anders ... anders heb ik geen deel aan de Geest en ben ik niet in Christus!
Wee mij, als ik verdriet heb of zonde van mij ontdek! (7) Velen leven in die kramp. In evangelische kring, maar zeker niet alleen daar! Totdat... het masker verscheurd wordt en men als een brokje ellende bij de hulpverlener terechtkomt!
Ontkenning, verdrlnging, 'weg der werken'
Maar voordat het zo ver is blijft de krampachtigheid het toneel beheersen. De volmaaktheidswaan vindt bondgenoten!
Allereerst de verdringing. Van het verdriet, van het zondebesef! Er zijn mensen, die bij de begrafenis van een zeer geliefde ,louter vreugde" zijn, zonder tranen. Zijn ze het contact met eigen innerlijk niet kwijtgeraakt? Er zijn gelovigen, die bij anderen bewondering wekken om hun 'volmaaktheid', maar naast die bewondering ook ... afkeer, omdat ze onecht geworden zijn, figuren uit een wassenbeeldenmuseum! Er zijn gelovigen, die het leed van broeders en zusters benaderen met het aanbod van een gemeenschappelijk gebed, maar die de ander niet kunnen laten uitspreken over zijn of haar verdriet, zwakheid, zonde!
Zijn ze mogelijk doodsbang voor de 'spiegel' die de ander hun zal voorhouden/ Is ook het gebed - verschrikkelijk zelfbedrog! .; geworden tot een kracht van verdringing?
Er zijn gelovigen,_ die hun broeders en zusters in nood aansporen tot "meer van het zelfde": méér gemeentewerk, méér evangelisatieijver, méér gebedsactiviteit! Goede zaken uiteraard! Maar kan ook die "heilige drukte" niet in dienst komen te staan van een krampachtige verdringing van verdriet, tekort, zonde? Waarom boezemen vele ijverige gelovigen hun broeders en zusters wel bewondering maar geen liefde in?
Is het niet daardoor, dat krampàchtigheid geen liefde kan ontsteken? Hoe vaak reinigt men bij opvoering van ijver niet "de buitenzijde van de beker en van de schotel" (Matth. 23:25)? (23, 41, 104,124,175,11,56,112,122,119).
Dr. Crabb noemt ook andere zaken, die hier van belang zijn ...
Compensatie
Wij hebben dorst. We hebben diepe verlangens. Naar een relatie met iemand die onoverwinnelijk sterk en oneindig liefdevol is (primair), waarin alleen God kan voorzien. Naar goede relaties onder de mensen (secundair).
Naar de goede dingen van het leven, die los van relaties bestaan: pijnloze behandeling, goede uitslag van het onderzoek, lekker eten ... (tertiair). Christus belooft de vervulling van onze primaire verlangens, maar .. in de gestalte van een 'voorproef die een diep verlangen naar de uiteindelijke volheid overlaat. De vervulling van de andere verlangens is ons slechts beloofd, voorzover we die nodig hebben, opdat God in ons leven tot zijn doel komt. Pijn, gebrek, gebrokenheid in relaties zijn niet uitgesloten! (76, 82). Ook hier gaan ontkenning en verdringing hun rol spelen, als men hier en nu de realisering van alles wat we mogen hópen eist. De krampachtigheid slaat toe.
Maar ook komt het motief van de compensatie hier naar voren. Zaken op secundair en tertiair vlak kunnen de leegte van het gemis aan vervulling van de primaire behoefte gaan vullen, zoals ook het gemis van een goede en liefdevolle relatie onder mensen kan worden 'gedempt' door het surrogaat van pomo, sex-op-zich, masturbatie (94).
Lange tijd kan men erin slagen de vreugde in de goede dingen te houden voor de vreugde in God en een heilvolle relatie met Hem. ,,AI het goede komt immers van boven?" Maar het genot van zegeningen is niet identiek met een ware persoonlijke geloofsrelatie met de Here! En ook hier kan plotseling het masker scheuren en diepe ellende bloot komen!
Eisende houding
De idee van de volmaaktheid kan bij toch ondervonden teleurstelling en pijn ook leiden tot een diep verwijt aan God: De Here behoort zijn gelovige kinderen vrij te stellen van pijn en verdriet, die nu tóch gekomen zijn! Crabb wijst erop, dat ook Job hoe langer hoe meer tot een eisende houding overgaat. God behoort Job de kans te geven zijn recht te betogen! Is het geen machtsmisbruik, als God het rechtsgeding maar blijft weigeren? Maar wanneer de Here inderdaad aan Job een audientie verleent loopt het zo geheel anders af!
"Daarom herroep ik en doe boete in stof en as", zegt Job (42:6). Een eisende houding is een zaak van zelfvernietiging! We nemen geen genoegen meer met het evangelie van de HOOP! (135). Onze 'Hier-en-nu-eis' brengt ons in vertwijfeling!
Het treffende van de diagnose door Dr. Crabb gesteld
We komen nu tot een voorlopig commentaar. Dr. Crabb heeft me echt getroffen. Zelfs geschokt. Maar op een positieve heilzame manier! In theorie lijden we geen van allen onder de volmaaktheidswaan. In de werkelijkheid zijn we allemaal bevreesd voor de opening van de afgrond van pijn, tekort en zonde, die we in ons zouden kunnen aantreffen. We hebben ook echt wel de neiging van God te verlangen (eisen?), dat Hij in één 'wonderklap' door zijn genade en Geest ale pijn, zwakheid, tekort, zonde uit ons wegneemt. Waarom doet Hij dat niet?
We weten denkelijk wel, dat verdringing en ontkenning zaken zijn, die in de psychologie een grote rol spelen. Maar Dr. Crabb laat ons zien, dat er een 'doorsteek' is van de psychologie naar het hart van het leven in het geloof! Waarom zijn verdringing en ontkenning zo funest? Mij kwam voor de geest te staan de Catechismuszondag over het gebed (45). In vr./antw. 117 wordt ons verteld wat behoort tot een gebed dat God aangenaam is en van Hem verhoord wordt. Onder 'ten tweede' horen we: "dat wij onze nood en ellende recht en grondig kennen, om ons voor het aangezicht van zijn majesteit te verootmoedigen.
Bij verdringing en ontkenning 'besparen' we ons het gezicht op onze diepe nood en ellende! We ontkennen ons roepend tekort, onze zonde, onze ingrijpende pijn! En dan kunnen we niet meer bidden, zoals het betaamt. We kunnen ons niet meer ootmoedig en nederig buigen voor God en onze ellendige 'inventaris' in belijdenis en gebed voor Hem neerleggen! We hebben de brug opgehaald, waarover zijn genade en kracht naar ons kan uitgaan! Psychologische termen en Zondag 45! Het leven is één!
Bij de eisende houding geldt precies hetzelfde. De eiser staat rechtop voor God. Hij staat "op zijn (vermeende) strepen". Hij kan zich onmogelijk voor de Here buigen. Hij kan niet meer in nederigheid een beroep doen op Gods genade! Bij de compensatie denk ik vooral aan het zelfbedrog, waarin we de relatie tot de Here vervangen door het genot van zijn zegeningen, die we in feite toch weer van de Zegen aar losmaken en op zichzelf stellen. Geen persoonlijke band meer van geloof en liefde!
Dan zijn we "rijk en verrijkt en hebben aan geen ding gebrek". Terwijl we in werkelijkheid "ellendig, arm, blind en naakt" zijn (naar Op. 3:17). Ook hier wordt het werkelijke gebed vermoorddoor onze blindheid voor onze armoede! Komen we werkelijk voor het aangezicht van de here met onze werkelijke nood en ellende? Weten we nog wat ellende is? Weten we nog wat genade is?
Een volgende keer verder.