Dagboek 1943-1945
1998-07-10
20 juni 1943: Die zondag houden de Duitsers een grote razzia in heel Zuid en een deel van Amsterdam-Oost. Met groot militair vertoon sluiten ze de hele wijk af en dringen vervolgens alle huizen binnen om de laatste joden die ze nog kunnen vinden, mee te nemen. Alleen een paar honderd mensen die stempels hebben van de Joodse Raad en de gemengd gehuwden worden dit keer nog gespaard. Zo lukt het de Duitsers om op één dag nog een kleine zesduizend joden bij elkaar te schrapen die allemaal naar Westerbork worden getransporteerd. Bij deze razzia worden wij ook opgepakt: Mijn broer David met zijn vrouw Chaja en ikzelf met mijn vrouw Masja en mijn zoontje Loekie. We doen net als iedereen onze rugzak om en lopen achter de anderen aan.- Jaargang 42
- nummer 14
Zo begint het ’Togboech’ van Jozef Hillel Borensztajn. Tot 4 september verblijft hij in Westerbork en het dagboek geeft ons een goed beeld van de toestanden in dat kamp. Uit andere beschrijvingen (Hillesum, Presser, Mechanicus) kende ik al de verschrikkelijke spanningen rondom de vrijwel wekelijks vertrekkende trein; ook Borensztajn geeft daar verslag van: Mensen lopen naar de Registratur en stellen alles in het werk om degenen die het voor het zeggen hebben, te spreken te krijgen. We zijn getuige van taferelen met vertwijfelde personen die er niet in slagen ook maar iets bij zo iemand gedaan te krijgen. Het laat bij ons allemaal een vreselijke indruk achter. De mensen die geen relaties hebben, kunnen helemaal nergens naartoe... En dan, ’s nachts om drie uur, wordt de lijst voorgelezen van degenen die moeten vertrekken. Het gaat op alfabet en als de B. geweest is, is het voor mij voorbij. Mijn naam wordt niet voorgelezen en er valt een pak van mijn hart...
Maar toch, met het laatste transport uit Westerbork moet ook de familie Borensztajn mee; ze horen tot de bevoorrechten die naar Theresienstadt gaan. Na drie weken worden de schrijver en zijn broer doorgestuurd naar Auschwitz. Daar zullen ze verblijven tot 4 oktober. Het wordt hun al gauw duidelijk gemaakt: dit is een vernietigingskamp en de kans dit te overleven, is angstwekkend klein. Ze worden bedrogen en bestolen (ook door andere joden) en dan worden ze onverwacht verder getransporteerd naar een werkkamp bij een dorpje Golleschau. Vooral het werk in de steengroeve daar is zwaar, maar volgens de verhalen was het twee jaar daarvoor nog veel erger en werden er regelmatig mensen doodgeknuppeld. Toch, wie na vijf weken hard werken en honger lijden uitgemergeld is, gaat ook nu terug naar Auschwitz, de gaskamer in, en dan naar het crematorium. Maar de schrijver heeft alle ellende overleefd en hij is erin geslaagd te doen wat hem steeds voor ogen heeft gestaan: een verslag maken van wat hij heeft meegemaakt. Een verslag dat een grote aanklacht is, een beschrijving van vreselijke, mensonterende dingen, maar toch ook van echte menselijkheid, van offers en van oprechte joodse vroomheid.
Wie wel eens wat smalend over traditie spreekt, zou wat meer moeten weten over de waarde daarvan in zulke situaties. Op 21 januari 1945 worden zo’n zeventig joden weer in een treinwagon gepropt. Acht verschrikkelijke dagen en nachten moeten ze daarin doorbrengen; tenslotte komen ze aan bij het kamp van Schindler in het Tsjechische dorpje Brinnlitz. We worden in de meest letterlijke zin van het woord uitgeladen, zoals geslachte ossen uit een veewagen. Niemand van ons kan nog zonder ondersteuning lopen, of zelfs maar kruipen, al is het maar een klein stukje tot aan het nieuwe kamp.
Dank zij de inspanningen van Schindler hebben de mensen in dit kamp de oorlog overleefd. Als u daar meer van wilt weten, kunt u terecht bij het boek van Thomas Keneally: Schindlers Lijst. Eindelijk kwam dan het einde van de oorlog en na de nodige extra belevenissen vond ook Jozef Borensztajn zijn vrouw en dochter terug.
Dit ’dagboek’ kan ik van harte aanbevelen.
Ook jongeren zouden er kennis van moeten nemen. Omdat het zo’n geslaagd stuk literatuur is? Nee, maar:
„Opdat wij gedenken tot in lengte van dagen.”
Omvang 213 bladzijden. Uitgever Ambo, Amsterdam. Prijs ƒ 34,90.
In dit verband wil ik nog enkele boeken noemen die ik in de ramsj bij De Slegte vond en die uw aandacht waard zijn:
– Theresienstadt, de geschiedenis van het ’modelkamp’ van de nazi’s, geschreven door G.E. Berkley; (De Kern, Baarn)
– Stemmen uit de duisternis, fragmenten uit dagboeken van kinderen uit de oorlog, bijeengebracht door L. Holliday (Anthos, Amsterdam)
– Joodse cultuur, oorsprong en bloei, door G. Wigoder (Ambo, Amsterdam)