Gaven
1998-07-10
Een jonge predikant vertelde iets van een grote omwenteling in zijn denken. Hij was mensen anders gaan benaderen. Niet vanuit de problemen, maar vanuit de belofte. Zijn eerste vraag op huisbezoek was niet langer: ’Wat is uw probleem’, maar: ’Wat is uw gave?’ Het had de toonzetting van veel gesprekken veranderd. Hij probeerde het ook bij mij. ’Collega, wat is uw gave?’ Hij was altijd al een ’pastoraal type’ geweest. Hij stond zijn gemeenteleden bij in hun nood. Hij bad voor ze. Hij toonde een warme, menselijke belangstelling. Maar hij was er zelf niet tevreden mee. De mensen bleven te passief. Ze hadden een grote waardering voor hun pastor, dat is zeker. Maar het leek wel of ze zich daardoor des te afhankelijker gingen opstellen... Hij was tot de slotsom gekomen dat dat niet de juiste benadering was. ’Wat is uw gave?’ Dat klinkt beloftevol. De mens wordt niet benaderd vanuit de schaduwzijden van zijn bestaan, maar vanuit zijn mogelijkheden. Hij wordt niet passief gemaakt, eerder actief. Het gesprek blijft zo minder geconcentreerd op iemands problemen, teleurstellingen en verdriet. Het is minder op het verleden en meer op de toekomst gericht.- Jaargang 42
- nummer 14
Het resultaat van de nieuwe aanpak?
Vooral de gesprekken met de jongeren en jonge gezinnen liepen beter. Er kwamen andere kanten van het leven van de gemeenteleden naar boven. De geestelijke en kerkelijke inzet van de gemeenteleden werd aangewakkerd. De gesprekken verliepen ook geanimeerder.
Ze werden een zoektocht naar nieuwe mogelijkheden... Deze jonge hervormde predikant wist zo het kerkelijke meeleven te stimuleren en nieuwe werkers in de gemeente te ontdekken.
Anderen wilden meedoen met een gespreksgroep over de gaven van de Geest. Ze waren nieuwsgierig geworden. Voor mij was het een bevestiging van wat ik al vaker had gedacht. Pastoraal werk is vaak té probleem-gericht. Daar dien je tenslotte de gemeente onvoldoende mee. Het stoot de mensen, die relatief weinig problemen hebben een beetje af. ’Wat is uw gave?’ Dat lijkt me een uitdagende vorm van pastoraat. Ik hou van uitdagingen. Daarin ben ik lang niet de enige. Dit artikel namen wij over uit het bekende ’Gezamenlijk kerkblad voor de gereformeerde kerken en de S.O.W.-
kerken in Drenthe, Overijssel en Flevoland’.
Ds. Bram Krol weet ook in deze bijdrage op puntige wijze iets aan te stippen wat van wezenlijk belang is voor het pastoraat. Het pastoraat krijgt in onze tijd – en terecht – veel aandacht.
Vroeger werd het vaak ondergesneeuwd door ettelijke vergaderingen en allerlei nevenfuncties alsook door een eenzijdige belangstelling voor de verkondiging op de zondag. Maar met de concentratie op het pastoraat komt ook geaccentueerder de vraag naar voren: Hoe pak je het in het gemeentewerk aan? Dat leer je uiteindelijk niet via een boekje. Dat hangt vooral samen met intens gebed en geestelijke feeling. Het pluspunt van de vraagstelling van de jonge collega zoals die in het overgenomen artikel wordt geformuleerd is ook, dat het een medicijn is tegen het pessimisme en stimuleert tot een optimistisch denken. En dat hoort toch bij het geloof?!