"ik" en apartheid
1999-12-24
Mag ik dat aanmatigende woordje "ik" vandaag eens gebruiken om terugkijkend nog eens na te gaan in hoeverre een zendeling in de zwarte wereld toen, in het hoogseizoen van de apartheid, ermee te maken had of erdoor gehinderd werd? Wie met het Evangelie in de zwarte samenleving aan het werk was, was al gauw geneigd te vergeten van een apartheidsbeleid; zijn blank zijn was er geen hindernis want de bevolking van de zogenaamde Zoeloe-thuislanden in Natal was helemaal nog niet verpolitiekt. Toen de kranten al uitvoerig verslag hadden gedaan van het Mandela-proces en hij al een jaar of wat op Robbeneiland gevangen zat, was de naam Mandela toen in de zestiger en zeventiger jaren bij mijn mensen nog volledig onbekend, zo had ik al verschillende malen kunnen vaststellen.- Jaargang 43
- nummer 26
De botsing kwam waar de blanke wereld en de zwarte wereld elkaar raakten. De apartheids-regering wilde die twee werelden hoe dan ook gescheiden houden. Vandaar dat het een buitenlandse zendeling die dikwijls wat andere ideeën had, niet makkelijk gemaakt werd toegang tot de zwarte gebieden te krijgen. Na veel moeite kreeg ik toestemming in 1959 met allerlei voorwaarden erin vermeld. Onder geen omstandigheden mocht ik mij inmengen met de huishoudelijke zaken van de Bantoe. 'In sy onderhandelinge met die Bantoe moet die houer se gedrag waardig wees en geen kritiek mag gelewer word aangaande die administrasie van die regering of enige van sy amptenare nie'.
'Inwoning by Bantoe word nie toegelaat nie'.Waar ik dan ook wel eens bij hen overnachtte, was dat wel tegen de wet en nog wel riskant misschien ook omdat een volgende bepaling vermeldde: 'hierdie permit is geldig vir die tydperk van vyf jaar maar mag te eniger tyd teruggetrek word sonder vermelding van redes'. Dat verlenging van zo`n permit niet automatisch gebeurde, kreeg ik in een brief van 1963 te horen, waarin stond dat, wanneer om verlenging verzocht zou worden, ik wel redenen zou moeten aanvoeren waarom ik nog geen verzoek had ingediend om de Zuidafrikaanse nationaliteit te verkrijgen. Op vriendelijke wijze werden wij zo voor het ultimatum gesteld: òf Zuidafrikaner worden die immers onder controle kan worden gehouden, òf met zendingswerk in de Bantoegebieden stoppen. Vandaar dat, na overleg, de zendende kerk van Kampen in 1963 ons voor naturalisatie toestemming gaf. Zo werden we ex-
Nederlanders. Dat het binnen dat apartheids-raamwerk om de twee werelden ten koste van alles gescheiden te houden, kleingeestig, schrijnend, onrechtvaardig en voor ons heel lastig kon toegaan, werd mij duidelijk toen ik het verzoek indiende om een telefoon op Groothoek te krijgen. De zendingspost was in opbouw. Er woonden al twee evangelisten en er waren plannen voor een kliniekje.
En er liep een telefonlijn die richting uit tot op een kilometer of zeven van de zendingspost. Als die eens doorgetrokken zou kunnen worden! In het schriftelijk antwoord van de postdienst zat het grote apartheidsbeleid verkleind opgesloten.
Men zou graag die lijn doortrekken op voorwaarde dat ik de schriftelijke toestemming zou krijgen van allen die al op die lijn waren aangesloten.
De angel zat in de latere mondelinge verduidelijking.
Er 'zaten' al een stuk of negen blanke Engelssprekende boeren op die wat primitieve lijn die maar door één tegelijk kon worden gebruikt en waar je elkaar zou kunnen afluisteren.
Maar nu zou een Zoeloe 'onze' telefoon kunnen opnemen en gebruiken. Hier begonnen de blanke en de zwarte wereld elkaar te raken en, tegen het beleid in, met elkaar verstrengeld te raken. Maar de aanvrager was een blanke, één van ons.
Wanneer nu alle blanke gebruikers het zouden goedvinden . . . . Eigenlijk begon hier dat op papier zo prachtige apartheidsbeleid al zachtjes wat te kraken, een proces dat zich in het midden van de zeventiger jaren met geweld zou doorzetten. En wie zou denken dat al die boeren met genoegen hun handtekening op het lijstje zouden zetten, kwam van een koude kermis terug.
Maar weer eens terugkomen en nog weer eens even bedenktijd of onderling overleg.
Het heeft mij maanden zeuren gekost voordat ik alle handtekeningen bij elkaar had. Het heeft mij ook gelerd dat het heus niet alleen de Afrikaners waren die het apartheidsbeleid steunden.
De Engelsen stonden er net zo achter al stemden ze op een andere politieke partij.
Racisme is al een oud en wijdverspreid artikel.
Waren wij er zelf zo vrij van?
Ik heb hier vòòr mij een papier gedateerd 27 April 1962 waarboven staat Machtiging. De inhoud? "De Raad van de Gereformeerde Kerk te Kampen machtigt Ds Johan Vonkeman . . . . .een spaarrekening te openen voor de kerken van de inborlingen".
Schreven wij dat?
J.Vonkeman Richmond, Zuid-Afrika