Verscheurde eenling
1997-11-28
Ik ken een vrouw die gemeden werd, nadat haar man was gestorven. Ze zag hoe de overbuurvrouw expres in de langere rij van de andere kassa van Albert Heijn ging staan, of de overkant van de straat nam… Het evangelie doet het moedig anders en kiest de weg dwars door nood en dood heen. Een sprekend voorbeeld is Psalm 88, een lied dat je bij een eenzame stervende brengt. Het is doodgaan zonder een troostend woord of een koesterende hand; zonder een ander, die je op de weg van het sterven nog vergezelt zolang het kan. Het is een psalm over een mens in India, stervend in een hoek van de straat. Het is het lied over je stadgenoot, die radeloos een eind maakt aan zijn of haar leven. Door mensen verlaten.- Jaargang 41
- nummer 24
In die eenzaamheid stapelen de vragen zich op. Vragen, die je ook vindt (of mag vermoeden) in Psalm 88. Als mensen je alleen laten is immers de bange vraag onontwijkbaar of God ze misschien bij je vandaan houdt (vers 9). Zoals God toch ook - omgekeerdiemand op je weg kan brengen, die in de moeilijkste momenten tot grote steun is. Zou Gód ze nu misschien bij je weghouden, die vrienden van vroeger? En als God dat doet, heeft Hij zich dan misschien ook zèlf van je afgekeerd? Ook al weet je van God, dat Hij de God is van degenen die er ellendig voorstaan (Psalm 146). Sluit dat de uitzondering uit, naar wie God niet omkijkt? Die ene, gedompeld in ellende, maar God duwt hem van zich af. Iemand ten einde raad, die zelfs nog bidt: '0 God van mijn heil' (vers 2). Maar toch door God opgegeven en verlaten?
God-verlatenheid
AI lezend in de psalm(en) kun je je niet voorstellen dat God een mens, die bij Hem een schuilplaats zoekt in zijn eenzaamheid en verscheurdheid, van zich weg zou duwen. Zo is God niet! Maar het kan wèl de ervaring zijn van een eenzame, die de lijn doortrekt: door mensen verlaten ... ook door God verlaten? Die ervaring van god-verlatenheid proef je heel de psalm door in grote vertwijfeling - met aan de ene kant een schreeuw van gebed, maar aan de andere kant toch ook de angst, dat God hem heeft opgegeven. Of sterker nog, dat God zich tégen hem heeft gekeerd: 'Waarom verstoot God me' (vers 15)? 'Zijn brandende toorn gaat over me heen' (vers 17)? 'Gods grimmigheid concentreert zich op mij' (vers 8). Paulus zegt het van onze wereld (Romeinen 3:19): de hele wereld is strafwaardig voor God. Maar een mens kan soms die last, die op de wereld rust, in radeloosheid te persoonlijk maken. Door Gods toorn over de zonde van de wereld op zichzelf te concentreren - als door een brandglas heen. Zodat God alleen nog maar een God lijkt die een afschuw heeft van dood en zonde, en niet of nauwelijks meer Degene, tegen wie je kunt zeggen: laat mij als een kleine vogel schuilen mogen (Psalm 61). Zo vertolkt Psalm 88 de hartverscheurende ervaring van een eenzame sterveling.
Ontmoeting met een eenzame sterveling .
Verwonderlijk zo'n lied. Dat deze psalm er gewoon tussen staat (na de 87e)! Mensen kunnen soms met een geweldige boog de dood, de eenzaamheid, het geklaag van iemand omzeilen (Lucas 10:31,32). De bijbel laat zo'n eenzame aan het woord komenbreeduit - zonder hem in de rede te vallen. Als je zo de confrontatie met het sterven, zelfs met sterven in diep isolement aandurft, zoveel ruimte durft te geven aan de donkerste klachten, zelfs de klacht van god-verlatenheid, dan getuigt dat van lef! Zoals die grote boog van mensen wel iets lafs heeft. Zulke durf wekt ook verwachting: zou het evangelie misschien zo'n ruimte voor de klacht kunnen geven, omdat het meer in huis heeft? Omdat het komt met de boodschap van de sterkere - sterker zelfs dan het meest geïsoleerde sterven. In Psalm 88 vind je dat vragenderwijs in vers 11: 'zult Gij aan de doden een wonder doen - zullen schimmen opstaan en U loven'? Daar hoor je iets van vermoedens m.b.t. een sterkere. Bijna niet te geloven!
Zou het kunnen: sterker dan het eenzaamste sterven, krachtiger dan de dood? Nogmaals, deze psalm verwondert me. Wat een apart lied, dat de ontmoeting met zo'n geïsoleerd mens, zo'n eenzame sterveling voluit aangaat. Zo'n psalm loopt daarmee dwars tegen de draad van het doorsnee-menselijke in, met lef om ook de diepste nood stem te geven. En tenminste iets van die eenzaamheid en nood zit in ons eigen leven - en sterven.
Jezus als antwoord
Ik kan deze psalm niet lezen buiten Jezus om. Juist omdat het hier in de psalm gaat over de diepste eenzaamheid: 'Mijn God, mijn God, waarom hebt u mij verlaten' - genomen uit Psalm 22, maar toch ook de toon van Psalm 88.
Jezus heeft die ervaring van mensen, die zich van God en ieder verlaten voelen tot de zijne gemaakt, door de weg van vernedering en dood te gaan. Waar Hij stuitte op verwerping, Gods toorn, Gods afschuw - dat wat het moeilijkste is van Psalm 88. Toorn van God, die mensen in hun verscheurdheid en hun ziekelijkheid soms te persoonlijk op zichzelf kunnen betrekken: 'Uw grimmigheid rust zwaar op mij' en 'Waarom verstoot Gij mij'. Op dit punt van Psalm 88 maakt Jezus deze psalm tot de zijne, mens-geworden als Hij is. Aan Psalm 88 merk je dat het evangelie zelfs de diepste eenzaamheid en verscheurdheid aankan. Allereerst door die eenzaamheid stem te geven en ruimte te scheppen voor de klacht. En dat met het oog op de sterkere. Jezus is Gods meest verreikende .antwoord op de duisternis van zonde en dood, verscheurdheid en eenzaamheid. Onze Heer stapte zelf in de donkerste schaduwen van Psalm 88. En Hij is ook de garantie dat het licht zelfs in de diepste duisternis haar stralen spreidt (Gezang 75:8).