Gemeenten geven voorkeur aan eigen honk

2010-04-02
  • Jaargang 54
  • nummer 7
Ja, het kost een zak geld en in het beheer gaan vele vrijwilligersuurtjes zitten, maar toch geven veel Nederlands Gereformeerde Kerken de voorkeur aan kopen boven huren. Uit een steekproef van Opbouw blijkt zelfs dat een eigen gebouw een waardevolle sociale functie in de omgeving kan hebben en dat het hier en daar meer mensen naar de diensten lokt.

Meer dan 70 procent van de Nederlands Gereformeerde Kerken beschikt over een eigen kerkgebouw (zie de grafiek). Dat is niet zonder reden. Hoewel kopen en huren allebei voor- en nadelen hebben, zijn veel gemeenten aanzienlijk enthousiaster over de eerste optie dan over de laatste, zo blijkt uit een steekproef die Opbouw deed bij tien gemeenten.
Vanuit financieel perspectief is het kopen en zeker het bouwen van een kerkgebouw een zware last. In gemeenten die onlangs tot kopen overgingen, leidde dat daarom wel eens tot sceptische geluiden. Geluiden als ‘kunnen we het geld niet beter besteden?’ of ‘waar schepen we de volgende generatie mee op?’ Niettemin: als puntje bij paaltje komt, blijken gemeenteleden een eigen gebouw wel zo waardevol te vinden dat ze in de buidel willen tasten. Zoetermeer organiseerde bijvoorbeeld tal van acties om de financiën rond te krijgen en in Houten werd de nieuwe kerk De Lichtboog voor een groot deel gefinancierd door middel van persoonlijke leningen van gemeenteleden.
Het is het waard, luidt de eensgezinde conclusie in Houten, Zoetermeer en ook Zeewolde, stuk voor stuk gemeenten die in 2007 een eigen gebouw betrokken. ‘Het trekt zelfs mensen’, is de opmerkelijke waarneming van Betty Bronsveld, secretaris in Zoetermeer, waar men intrek heeft genomen in een tot kerk omgebouwd gymnastiekgebouw. ‘Elke zondag zijn er niet-leden in de dienst. Dat waren we niet gewend. De aula waar we eerst kerkten, lag nogal verscholen. Er is ook groei te constateren in het aantal leden, maar ik weet niet of dat door het gebouw komt.’
‘Sinds 2007 hebben we steeds tegen elkaar gezegd: wat zijn er veel bezoekers’, zegt ook Kees van der Bijl, de beheerder van de nieuw gebouwde kerk in Zeewolde. ‘In het jaar van de opening van de kerk zijn er extra veel leden bij gekomen: 60 à 70 in plaats van de gemiddelde 50.’ Hoe het komt? Voorheen kon de gemeente in Zeewolde met moeite 200 à 300 mensen in een schoolgebouw proppen. Nu beschikt het over een modern gebouw, met veel licht en een prominent kruis op het dak. Bovendien is de gemeente door de verhuur van het gebouw aan allerlei organisaties veel bekender geworden in Zeewolde. En socialer. ‘De verhuur is financieel leuk en heeft bovendien een drempelverlagende en een sociale kant’, zegt Van der Bijl. ‘We kunnen wat voor de ander betekenen. Zo zijn er wel eens activiteiten van de Arme Kant van Zeewolde, die voor een lagere prijs het gebouw kan gebruiken. We willen er voor het hele dorp zijn.’
Ook Houten merkt dat het ‘meer kans heeft tot participatie in de stad’ sinds het huist in De Lichtboog. Het gebouw wordt op tal van manieren verhuurd aan derden. Zo is er permanent een naschoolse opvang in de kerk gevestigd. Gertjan van Rhee, voorzitter van de Commissie Exploitatie in Houten, plaatst daarbij wel de kanttekening dat het beheer veel tijd vreet. ‘Je runt als commissie eigenlijk een bedrijf, maar dan met vrijwilligers. We hebben wel een beheerder aangenomen voor 18 uur per week en zelfs ook een assistent beheerder, maar dan nog kost het alle betrokkenen veel tijd. Daarbij komt dat bedrijfsmatige en kerkelijke overwegingen nog wel eens lastig tegen elkaar zijn af te wegen.’

Saamhorigheid
Er zijn meer voordelen van een eigen gebouw te noemen. Zo hoef je als gemeente niet iedere keer locaties te zoeken voor je doordeweekse activiteiten. ‘Als je ziet wat er allemaal doordeweeks gebeurt, kun je je haast niet meer voorstellen hoe we dat vroeger deden’, zegt Van der Bijl uit Zeewolde. ‘Natuurlijk is overal een oplossing voor te vinden, maar ik moet zeggen dat ik er wel van geniet dat we nu alles in eigen huis kunnen doen.’
De gevoelswaarde van een eigen honk telt ook mee. ‘Er zit meer van jezelf in’, zegt Van der Bijl. En Gerry Westera uit Dalfsen vult aan: ‘Je hebt een eigen plekje en dat geeft veel vrijheid.’ In Dalfsen werd het eigen gebouw eind jaren zeventig gebouwd. Doordat heel de gemeente zich destijds volop inzette voor de bouw, ontstond er grote saamhorigheid. Iets wat men recenter ook merkte in Nunspeet, waar in 1993 een nieuw gebouw werd betrokken en in 2001 een grote verbouwing plaatsvond. De band tussen de gemeenteleden werd bevorderd door de veeleisende werkzaamheden.

Schrobben
Ook op financieel gebied is het nog maar de vraag of kopen zo ongunstig is. Volgens Van Rhee uit Houten doet een eigen gebouw eerder een appèl op de tijd van mensen dan op hun geld. ‘Neem als voorbeeld het schoonmaken van het gebouw’, zegt hij. ‘Bij ons gebeurt dat door wijkkringen, maar er zijn nu al mensen die zeggen: kunnen we dit niet afkopen? Ze stoppen liever een paar tientjes in de pot dan dat ze zelf moeten schrobben.’ In Dalfsen merkt Westera eveneens dat het vooral aankomt op de vrijwillige krachtsinspanningen van gemeenteleden, terwijl de gemeente naar haar idee financieel voordeliger uit is dan wanneer het al die jaren een gebouw had gehuurd. ‘Huren liegt er ook niet om.’
Dat strookt met de ervaringen van diverse hurende gemeentes. Huren betekent niet automatisch dat je meer geld te besteden hebt. In grotere ‘huurgemeenten’ als Amersfoort-Noord en Deventer hoeft men over geld niet te klagen, maar in Oegstgeest (waar men in een schoolgebouw kerkt) is de begroting nog steeds niet sluitend. En ook in Alphen aan den Rijn kan geen extra geld uitgeven worden, want de relatief kleine gemeente moet ondanks het huurvoordeel wél een fulltime predikant onderhouden. Daar heeft men dan ook simpelweg het geld niet om uit te kijken naar een eigen gebouw. ‘Maar als de financiële middelen er wel waren, dan was het nog de vraag of we het zouden doen’, zegt koster Wim Bol. ‘Alle doordeweekse activiteiten vinden bij mensen thuis plaats. Waarom zou je een eigen gebouw willen als je het alleen zondags nodig hebt?’

Laag pitje

In Hardinxveld-Giessendam is er zelfs in het geheel geen behoefte aan een eigen gebouw. De kleine gemeente kerkt in het Hervormd Centrum en heeft daarnaast een eigen wijkcentrum gebouwd voor doordeweekse activiteiten. ‘We zijn tevreden met wat we hebben’, zegt predikant Huizinga. Het enige grote nadeel dat hij ervaart, is dat de gemeente geen eigen gezicht naar buiten heeft. ‘Veel mensen kennen ons niet. We kunnen bijvoorbeeld geen bord aan de buitenkant plaatsen, omdat we in een hervormd gebouw zitten.’
Daarmee noemt Huizinga precies één van de belangrijke redenen waarom de meeste huurders toch liever een eigen gebouw zouden hebben. Een eigen gebouw is niet alleen praktisch gemakkelijk, het geeft een gemeente een smoel, een duidelijke plaats in het dorp of de stad. ‘Doordat we geen eigen adres, geen eigen gezicht hebben, staat het werk in de wijk op een laag pitje en komt de evangelisatie nog niet echt van de grond’, merkt bijvoorbeeld Peter de Jonge in Amersfoort-Noord.
De gemeente loopt daarnaast tegen andere belemmeringen aan. Zo zijn de gemeenteleden het een beetje zat om iedere week stoelen neer te zetten en op te ruimen en is het doordeweeks behelpen met de ruimte. Bovendien groeit de gemeente vrij snel, waardoor de aula waar men nu kerkt binnenkort te klein is. Hij ervaart verder de sfeer in een schoolgebouw als een handicap. ‘Het is als school ingericht, dus het is niet bedoeld voor de manier van ontmoeten die bij een kerkelijke gemeente past. Het voelt enigszins unheimisch.’
Deze bezwaren geven in Amersfoort-Noord de doorslag om te zoeken naar een eigen gebouw of een gebouw dat volledig gehuurd kan worden (zeven dagen per week). En het waren precies deze bezwaren waardoor Zoetermeer, Zeewolde en Houten besloten een eigen gebouw te betrekken en waarom Oegstgeest en Deventer daarnaar op zoek zijn.

Nijpend

Maar iets zoeken is gemakkelijker dan iets vinden, zo blijkt. Zoetermeer had in eerste instantie plannen om samen met de PKN iets te bouwen, maar werd jarenlang aan het lijntje gehouden door het gemeentebestuur. Oegstgeest zoekt al jaren, maar heeft nog niets gevonden en de samenwerkingsgemeente in Deventer wacht al geruime tijd tot het gebouw van de CGK verkocht is, zodat plannen voor nieuwbouw doorgezet kunnen worden.
In Amersfoort wil het proces evenmin echt vlotten; daar is men ook al een paar jaar bezig met de plannen voor een betere ruimte. Nieuwbouw is te duur en traditionele kerkgebouwen passen niet bij het karakter van de gemeente. Er is wel een goede optie om een gebouw van de PKN over te nemen, maar de besluitvorming binnen dat kerkverband laat op zich wachten.
‘Als je iets zoekt om te huren, zijn er kerkgebouwen zat’, zegt De Jonge. ‘Maar niet gebouwen die zondagochtend om 10.00 uur beschikbaar zijn. Als we onze dienst om 11.30 of 12.00 uur zouden plannen, zouden we vele mogelijkheden hebben, maar dat valt niet goed in de gemeente. Dat heeft dan toch te maken met een bepaald ritme van de zondag.’
Amersfoort-Noord gaat nu ook andere locaties bekijken dan het PKN-gebouw. Een mogelijk alternatief is iets samen met de gemeente Amersfoort-Zuid te kopen. Die gemeente hoeft niet per se op zoek naar een alternatief voor de aula waar het nu kerkt. ‘Maar ook zij hebben behoefte aan een eigen huis.’

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief