In gesprek met God

1996-08-23
  • Jaargang 40
  • nummer 17
Het gesprek is niet uit het leven van een mens weg te denken. Zelfs het gesprek over koetjes en kalfjes vervult al een belangrijke Junctie. Veronderstel eens dat we die mogelijkheid niet bezaten, dat we niet over koetjes en kalfjes zouden kunnen praten, maar als koeien alleen maar met elkaar zouden kunnen communiceren door te loeien. Wat een verarming zou dat betekenen. In een gesprek over koetjes en kalfjes bereikt een mens natuurlijk niet de toppen van zijn geest en daalt hij niet al naar de diepste roerselen van zijn ziel. Maar toch: als het ontbrak zou dat de ontmanteling van zijn bestaan betekenen.
Dat geldt in veel sterkere mate van een goed gesprek. Daar kan een mens niet buiten. Dat heeft hy nodig om op peil te blijven. In zo'n gesprek ontmoeten we elkaar, bereiken we elkaar en beïnvloeden we elkaar. En daarin lijken we op God. Want God is een God die spreekt en die daarin zijn volk ontmoet en bereikt. En dat spreken van God heeft zijn hoogtepunt bereikt in zijn Zoon, het Woord dat vlees geworden is. In Hem heeft God zich volledig uitgesproken. Als je in gesprek met God, met zijn Zoon, komt, gebeurt er iets met je. Dat raakt je tot op de bodem van je ziel. Het plaatst je voor een keuze: voor of tegen God. Als God met je in gesprek komt, kan je hele leven worden omgegooid. Dan kan het een volkomen nieuwe richting krijgen en een nieuwe dimensie bovendien. Dat heeft Nicodemus ondervonden. Joh. 3 vertelt dat Hij een gesprek had met Jezus. Dat gesprek was van beslissende betekenis voor zijn leven. Het gaf er een nieuwe koers en een nieuwe dimensie aan, zó nieuw, datje van een nieuwe geboorte, een wedergeboorte kunt spreken. Dat kan er gebeuren als je in gesprek komt met God, met Jezus.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief