Globaal bekeken
1996-04-05
Het laatste nummer van Kerk en theologie (uitgave Boekencentrum Zoetermeer) is geheel gewijd aan de plaats van de klassieke talen (Hebreeuws, Grieks en Latijn) in het theologisch hoger onderwijs. Uit dit lezenswaardige nummer volgen hier enkele fragmenten.- Jaargang 40
- nummer 7
I Uit het Ten geleide van dr. A.A. Spijkerboer: "Luther moet eens gezegd hebben: wie Hebreeuws leest drinkt uit de bron, wie Grieks leest drinkt uit de waterleiding en wie Latijn leest drinkt uit de plassen op de grond. Van een taalvirtuoos als Luther kun je wel geloven dat hij in het Hebreeuws, Grieks en Latijn kon wonen en dat dat voor hem van groot belang was bij het verstaan van de Schrift en de traditie. Maar wat moet je als gewoon predikant, die geen taalvirtuoos is en die zondag aan zondag de kansel opgaat om de boodschap van de bijbel naar de gemeente toe te brengen, en dat dan hopelijk met de steun van de traditie in de rug?
(...) En altijd wanneer ik bij collega's kerkte ben ik zo vrij geweest te denken: je hebt je Hebreeuwse/Griekse bijbelopengehad, of: dat heb je niet! Verificatie is dan een beetje vervelend voor de betrokken collega, maar ik vroeg het me wel altijd af, en meende het antwoord te weten.
Met Luther begonnen - met Luther geëindigd: "Ik, Maarten Luther, ben noch met het Hebreeuws, noch met het Grieks klaar; toch durf ik het wel tegen een Hebreeër en een Griek op te nemen. Want de talen alleen maken nog niet iemand tot theoloog - ze zijn een hulp om theoloog te worden"."
Dit interessante stukje troffen wij aan in 'De Waarheidsvriend', wekelijks orgaan van de Gereformeerde Bond in de Ned. Herv. Kerk. Het bevat pittige opmerkingen zoals wij dat van dr. Spijkerboer gewend zijn. Ja, als je als dominee regelmatig allerlei collega's in de zondagse erediensten beluistert kan men niet van je verwachten, dat je je theologische bagage thuislaat. Alleen: hoe functioneert je theologische kennis en inzicht als je kerkganger bent? Waarvoor kom je eigenlijk? Toch om de altijd nieuwe boodschap van de vergeving der zonden en het eeuwige leven te vernemen?! Het kerkgebouw is geen collegezaal van een Theologische Universiteit, maar verzamelplaats van de gemeente van Jezus Christus.
Tot die gemeente mag ook de predikant behoren. Een herder en leraar is in dat verband ook schaap. En de hele kudde heeft eten en drinken nodig om in leven te kunnen blijven. Dat moet de voorganger aanreiken. Daarop is hij aanspreekbaar.
Het gaat in het kader van de opbouw van de gemeente via de prediking van het evangelie om de versterking van het persoonlijke geloof. Zo bevinden wij ons in de werkingssfeer van de Heilige Geest!