God verborgen onder het kruis

1996-05-17
  • Jaargang 40
  • nummer 10
Volgens Luther is 'objectieve' kennis van God voor ons niet weggelegd. Doordat wij als zondaren voor zijn aangezicht staan, kennen wij Hem anders dan de engelen. Aanschouwen zij Hem in zijn hemelse majesteit – voor ons verbergt God zich onder Christus' lijden op Golgotha. Daarover gaat dit artikel.

Oorlogsgeweld en milieurampen
De vraag die Luther zich stelt is even eenvoudig als wezenlijk: 'Waar vinden wij God?' Het is een vraag die ook in onze tijd indringend op ons afkomt.
Wij leven in een wereld die zo chaotisch, zo misvormd en zo gepijnigd is, dat het voor hoe langer hoe meer mensen, ook christenen, steeds moeilijker wordt om een relatie te zien tussen deze wereld en God. Vanouds leken er genoeg dingen te zijn die van zich af wezen naar God: de schoonheid van de natuur en de onvoorstelbare ingewikkeldheid van planten en dieren schreeuwden om zo te zeggen uit dat achter deze wereld de Schepper staat. Nog altijd zijn velen door dat besef gegrepen. Maar op het moment dat een prachtig landschap het decor wordt voor oorlogsgeweld, wordt het veel moeilijker om de lijn door te trekken naar God. En de overweging dat de vleugels van een vogel zo ingenieus geconstrueerd zijn dat er wel een God móet zijn, verschrompelt tot een dorre abstractie als duizenden zeevogels ten gevolge van een olieramp hun vleugels niet meer kunnen ontvouwen.
Met andere woorden: juist de concrete wereld om ons heen, met milieurampen en oorlogsgeweld en noem alles maar op, lijkt het zicht op God te verduisteren. Vanuit de natuur opklimmen naar God in zijn scheppingsmajesteit - dat is niet zo'n vanzelfsprekende weg als het lijkt. En daarom is het zo onverwacht actueel als Luther verklaart dat die weg geblokkeerd is en dat wij God dienen te zoeken waar wij Hem het minst zouden verwachten: in de verborgenheid.

Zonde
Luther is tot die gedachtengang gekomen vanuit het inzicht, dat de zonde ons verhindert om vanuit de natuur een brug naar God te slaan. Want wat is dat precies, 'zonde'? Het is veel meer dan dingen doen die God verbiedt.
Het is een rampzalige verstoring van de verhouding tussen God en ons. De juiste verhouding is dat wij de Schepper de eer bewijzen die Hem toekomt en onze plaats weten als volstrekt van Hem afhankelijke schepselen.
De zondaar echter neemt geen genoegen met zijn positie als schepsel: hij richt zich niet in heel zijn wezen op de Schepper, maar heeft een geweldige drang om zich van God te ver-zelf-stand-igen, om op zichzelf te gaan staan. Soms gebeurt dat heel platvloers, bijvoorbeeld wanneer iemand lak heeft aan God en zijn geboden en domweg doet waar hij zin in heeft. Maar de zonde kan ook de geraffineerde vorm aannemen, dat men God gebruikt om er zelf beter van te worden. Dat gebeurt bijvoorbeeld wanneer mensen een fatsoenlijk godsdienstig leven leiden, enkel en alleen omdat ze in de hemel willen komen.
Ook in dat geval worden de verhoudingen rigoreus geschonden: het is een mens dan om zichzelf te doen en niet om de dienst aan GÓd. God wordt gedegradeerd tot iemand die een nuttige dienst aan de mens bewijst. Zelfs is het zo, dat overal waar mensen hun zekerheid in zichzelf zoeken, zij God tekort doen. Geschapen zijn houdt immers per definitie in, dat je geen enkele andere zekerheid hebt dan dat de Schepper jou er laat zijn. Wie zekerheid in zichzelf zoekt, doet in feite niet anders dan zich emanciperen van zijn Schepper. Alles bij elkaar betekent dat, dat de zonde een struktuur in het menselijk leven is geworden waaruit niemand meer kan ontsnappen.
Want elke poging om op eigen kracht met de zonde te breken, is in werkelijkheid juist een bevestiging van die fatale verstoring van de verhoudingen.
Immers, ook wie alles op alles zet om geen zonde meer te doen, is als zodanig nog verwoed bezig aan God te demonstreren hoe goed hij zichzelf kan redden! Echt breken met de zonde kan alleen, als je God eindelijk erkent als de enige bestaansgrond die je hebt. Dat wil zeggen: alleen die mens houdt op zondaar te zijn, als hij zijn pogingen staakt om zich van God te verzelfstandigen en zijn lot volkomen in Gods handen legt.

Genade
Maar dat is eng! Want je lot volkomen in zijn handen leggen, terwijl je van jezelf wéét dat je Hem in zijn eer ontzaglijk tekort hebt gedaan - dat is vragen om moeilijkheden. God néémt het immers niet dat zijn schepsel Hem zo onvoorstelbaar brutaal van zijn plaats duwt. De toorn van God was voor Luther diepe realiteit. Maar juist daarom ging de hemel voor hem open toen hij ging begrijpen dat de Here een genadige God is: een God, die eigenhandig de gevangenis van de zonde openbreekt en ons in Christus uitnodigt om vertrouwend en hoopvol ons leven aan Hém toe te vertrouwen.
Zo kon Luther het evangelie samenvatten in die twee motto's die op elkaar passen als hol en bol: sola gratia en sola fide. Hoe ontsnappen wij, zondaren voor Gods aangezicht, aan de gerechtvaardigde toorn van God?
Alleen door genade; alleen door geloof. 'Geloof' is voor Luther dat je je restloos overgeeft aan God, in het vertrouwen dat Hij genadig is.
Zo is er voor de mens als zondaar voor Gods aangezicht dus maar één uitweg: die van de radicale overgave aan zijn genade. Elke andere poging om toenadering te zoeken tot God is heilloos. Daarom heeft Luther geen goed woord over voor de gangbare opvatting, dat een mens bij God kan uitkomen via de schepping. Zijn bezwaar is niet alleen dat je op die manier nooit de ware, genadige God vindt, maar ook dat je Hem dan voor de zoveelste keer niet serieus neemt.
Naar zijn gevoel is het namelijk zeldzaam hoogmoedig om net te doen alsof er niets aan de hand is tussen God en jou, en vanuit een zogenaamde 'neutrale' positie naar Hem op zoek te gaan. Immers, wie dat doet weigert in feite te erkennen dat hij God groot onrecht heeft aangedaan, en wijst Gods genade van de hand! In heel dat streven naar een objectief kennen van God manifesteert zich opnieuw dat onuitroeibaar lijkende voornemen van de mens om zijn eigen (religieuze) boontjes te doppen.

Ezeltje Prik
Voor Luther staat vast, dat God zich voor dat karretje niet laat spannen. De Here gaat niet mee in dat menselijk weglopen uit zijn hoogst kritieke positie als zondaar. Hij spreekt de mens ' aan op diens schandelijke miskenning van zijn hoogheid als Schepper. Hij roept hem op, eindelijk toch de ware verhoudingen te erkennen en zich aan Hem over te geven. En Hij stelt zichzelf tegenover de mens heel nederig op, als de God die de minste wil zijn, die wil vergeven, en die bereid is de menselijke zondeschuld af te wentelen op het hoofd van zijn lieve Zoon... De eriig ware God laat zich slechts vinden op Golgotha. Wie weigert Hem daar te zoeken, zal Hem nooit vinden. Luther zegt: God verbergt zich voor die hoogmoedige mensen, die net doen alsof er geen zonde is en denken dat ze langs de gewone weg, via de schepping, naar Hem kunnen opklimmen.
Hij onttrekt zich aan hun mystieke beleving en scherpzinnige redeneringen.
Men kan op die manier misschien nog wel allerlei vormen van religiositeit ontwikkelen, maar die hebben niets te doen met onze Schepper die ons in Christus genadig is. Luther vergelijkt mensen die God zoeken buiten onze gekruisigde Heer om met geblinddoekte kinderen die 'Ezeltje Prik' spelen: ze verbeelden zich dat ze God 'te pakken' hebben, maar in werkelijkheid zitten ze er helemaal naast en hebben ze niets dan Gods toorn te vrezen. Zo heeft God de wijsheid van de wereld tot dwaasheid gemaakt (I Corinthiërs 1:20). Alle religie die er niet de uiterste ernst mee maakt dat de mens als zondaar voor Gods aangezicht staat, of ze nu door de moslims of door de Joden of door christenen bedreven wordt, is een slag in de lucht, een illusie.
De ware God kom je alleen tegen op een plek waar je Hem nooit zou verwachten: in het Christus' lijden. Want wie zou God nu ooit zoeken aan een kruis? Van God mag je sterkte en majesteit, heiligheid en verhevenheid verwachten. Het kruis van de Here Jezus toont niets van dat alles. Het is menselijkheid op z'n treurigst. Maar nota bene: juist daar waar de mens Jezus van Nazareth de laatste adem uitblaast na op een vreselijke manier doodgemarteld te zijn, dáár toont God wie Hij is. De dood van Jezus is Gods overwinning op de dood; het hoogtepunt van menselijk onrecht is de triomf.
van God over de zonde; de diepe duisternis van Godverlatenheid bevat het stralende licht van de verzoening.
Luther zegt: God verbergt zich onder het tegendeel van wat en Wie Hij is; en z6 openbaart Hij zich. Zo neemt de wijsheid van God de gestalte van dwaasheid aan, en zo gaat zijn kracht helemaal, schuil achter zijn zwakheid.
Deze laatste woorden verwijzen natuurlijk naar wat Paulus geschreven heeft over het 'dwaze' en het 'zwakke' van God (I Corinthiërs 1:25). Het is niet teveel gezegd, dat Luther als weinig anderen in de geschiedenis van de kerk de diepte gepeild heeft van die vreemde woorden van, Paulus. Hij heeft met heel zijn wezen de aanstoot en de absurditeit ervaren van een God die zich openbaart in de gekruisigde ' Christus (I Corinthiërs 1:23). En met een uitzonderlijke Geestelijke intuïtie heeft hij de betekenis hiervan in het licht gesteld. God verborgen onder het kruis - dat is ons houvast als wij op zoek zijn naar God. In het licht van Luthers interpretatie van I Corinthiërs 1 is het niet toevallig, dat het zoveel mensen niet meer lukt om vanuit de schepping, geteisterd als zij is, een brug te slaan naar God. Luther zou zeggen, dat wij daarin stuiten op het feit dat God de wijsheid van de wereld tot dwaasheid heeft gemaakt. God is kennelijk nog steeds bezig af te rekenen met het door en door hoogmoedige streven van zondaren, om vanuit de natuur naar Hem op te klinimen.
Hijzelf laat dat streven eindigen met een fiasco: een wereld vol oorlogsgeweld en milieurampen brengt ons allerminst op het spoor van een lieflijke Schepper, maar grijnst ons aan als een duivelse chaos. Zo drukt de moderne tijd ons met de neus op de feiten: God verbergt zich voor ons, ' zolang wij halsstarrig proberen Hem buiten zijn genade om in beeld te krijgen.
Hij verbergt zich - onder het kruis. Daar openbaart Hij zich in zijn macht en glorie.

Geloof
En zo dwingt Hij ons de weg van het geloof te gaan. Want wat is geloof?
Luther zegt: het heeft met dingen te doen die je niet ziet (Hebreeën 11:1).
Nu was God nooit minder waarneembaar dan toen zijn Zoon stierf, aan het kruis. Alles kwam toen dus aan op geloof, geloof dat Hij er t6ch was, precies zoals Jezus het gezegd had. Ja, want bij alle verborgenheid van God draait het om wat Hij zegt, om het evangelie. God heeft zijn woord gegeven: daar zul je Mij vinden. Maar je ziet er niks van, helemaal niks. Hij is diep verborgen onder het tegendeel.
De sterke, machtige, reddende God vermomt zich als een zwakke, lijdende,' aan de dood prijsgegeven man - de Man van smarten. Alleen het , geloof kijkt door die vermomming heen en laat er Zich niet door van de wijs brengen. Het geloof immers houdt vast aan het woord van die man: 'Ik ben jouw Verlosser'. Zo staat is er maar één begaanbare weg naar God toe: die van het geloof in Jezus Christus, de Gekruisiqde. Langs die weg zul je tenslotte op Hem stuiten, op jouw machtige, reddende, leven gevende God.
En de Godservaringen in de natuur dan? Houdt een mens, die 's morgens avondmaal gevierd heeft en 's avonds het beeld van zijn goede God terugvindt in de overweldigende schoonheid van een zonsondergang, zichzelf voor de gek? In geen geval! Maar waar het om gaat is dat 's morgens die avondmaalsviering is geweest.
Daar, verborgen onder de tekenen van brood en wijn, heeft God zich doen kennen als onze sterke, reddende, genadige Schepper. Dat is de enige plek waar wij mensen, die lijden onder de duivelse chaos van deze wereld en onder de angst voor schuld en dood, stuiten op God. Dat vraagt geloof: volhardend het evangelie vertrouwen dat Hij dáár zijn hart voor ons opent en als onze Redder voor ons in de bres springt. Vanuit dat geloof zullen wij Hem inderdaad kunnen herkennen in de schoonheid van een zonsondergang. Maar dan ook alleen van daaruit.
Wij zullen nooit vanuit deze wereld God in beeld kunnen krijgen. Het is andersom: vanuit het geloof in Jezus Christus, in wie God zich verborgen én geopenbaard heeft, zullen wij de wereld in beeld krijgen als het schouwspel van zijn toorn en zijn genade.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief