De eekhoorn
1996-11-15
Er was eens een eekhoorn, die overal wat achter zocht. 'Dubbes', noemden ze hem. Geen dier kon iets zeggen of doen, of Dubbes zocht er iets achter. "Hoe bedoel je?", vroeg hij vaak achterdochtig, "je wilt toch niet zeggen dat ..." en meestal wilden de dieren dat inderdaad helemaal niet zeggen. Hoe kwam hij er toch bij? Het was hard werken, want Dubbes piekerde en dubde uren en uren, liet alles wat hem overkomen en gezegd was eindeloos aan zich voorbij gaan en liep regelmatig dieren na om ze te vragen of ze toch echt niet boos op hem waren, teleurgesteld misschien en dat ze het dan echt moesten zeggen.- Jaargang 40
- nummer 23
"Die zoekt werkelijk overal wat achter", zeiden de dieren tegen elkaar. "Je kunt geen normaal gesprek meer voeren.
Ik ga hem maar een beetje uit de weg."
Dubbes merkte wel dat hij steeds meer gemeden werd en hij had ook al snel in de gaten wat er achter zat: De anderen werden doodmoe van hem. Ja, hij werd doodmoe van zichzelf. En toen hij zo ver was, besloot hij hulp te zoeken.
Met een bezwaard gemoed toog hij naar de boom van het uilenechtpaar Alma Mater en Psychi Ater. Men zegt dat Psychi ooit Pater heeft geheten, wat ook wel voor de hand ligt, en dat hij eens uitriep dat hij de P erin had en dat hij dat zat was en dat iemand toen die P geschrapt heeft. Een wonderlijk verhaal, waar ongetwijfeld van alles achter zit, maar dat laten we rusten.
Het is hier niet van belang. Ze zagen de eekhoorn al komen en Psychi zei meteen: "Die zit niet lekker in zijn vel." Ze verwelkoomden de tobber hartelijk, lieten hem een lekker plekje zoeken in hun boom en vroegen wat er aan de hand was.
"Ach," zuchtte Dubbes, "ik weet het eigenlijk niet zo goed. Nu ik hier zit, denk ik: "Is het allemaal wel zo problematisch?".
Misschien zoek ik er gewoon te veel achter. Ik stoor jullie.
En waarvoor? Lieve mensen ik stap weer op."
Maar de uilen riepen alle twee: "Geen sprake van. Voor de dag ermee", want ze waren nu zelf ook wel benieuwd wat er achter weg zou komen. "Nou," zei Dubbes met de moed der wanhoop, "de andere dieren lopen met een boogje om me heen en dat is ook wel te begrijpen, want ik doe zo moeilijk. Ook voor mezelf hoor. Als ik voor mezelf weg zou kunnen lopen, dan deed ik het, meteen. Dus ik neem niemand iets kwalijk, begrijp me goed. Ik kom hier niet klagen." De uilen knikten aanmoedigend.
"Het probleem is ..," hakkelde Dubbes verder, "ik zoek overal wat achter.
Overal." Toen zweeg hij zielig. "Wat is er?", vroeg hij toen angstig. "Jullie zetten zulke grote ogen op." Alma schoot in de lach. "Beste Dubbes," zei ze, "wij zijn uilen. Uilen hebben zulke ogen. Jij zoekt werkelijk overal wat achter."
"Ja," zuchtte Dubbes, "en ik krijg er een staart van."
Alma liet haar blik rusten op die staart en mompelde: "Nou, nou. Dat is niet gek. Het is werkelijk een hele mooie staart."
Dat bracht Dubbes weer aan het twijfelen. "Dus je denkt ... Misschien is het wel de moeite waard, wil je zeggen?"
Toen greep Psychi in. "Wacht even," sprak hij bedachtzaam, "even nadenken. Jij bent eekhoorn, ja toch?" Dubbes knikte. "Eekhoorns leggen wintervoorraden aan," Dubbes knikte weer, "maar ze vergeten vaak waar ze hun eten hebben begraven." Dubbes knikte nu vol overgave. "Ja," riep hij enthousiast, "zo had ik het nog nooit bekeken. Natuurlijk. Ik weet altijd dat er meer is dan ik kan vinden. Juist, zo kom ik erop. Ik moet gewoon beter onthouden waar ik mijn voorraden begraaf. Gewoon!"
"Ho, ho, ho," suste Psychi, "nou even niet zo snel. Zou je dat kunnen? Je bent en blijft per slot eekhoorn."
Hij keek naar Alma, die hard zat te schudden. "Nee," zei ze, "als je eekhoorn blijft, (en wat zou je anders willen worden?), dan begraaf je meer dan dat je opgraaft. Maar dat geeft helemaal niks. Je stopt genoeg weg om toch goed de winter door te komen en je helpt in het voorbijgaan struiken en bomen om zich te vermeerderen op plekken waar ze zelf hun zaad niet kunnen laten vallen." Het was even stil. "Ja maar," zei Dubbes toen benepen, "mijn gevoel, mijn zoeken. Moet ik dan maar zo blijven als ik ben, omdat ik nu eenmaal eekhoorn ben? Moet ik maar blijven tobben omdat ik anders mijn staart zou verliezen en de bomen zelf hun zaad moeten planten? Moet ik me dan maar opofferen? Moet ik vereenzamen en nachten wakker liggen .."
"Stop eens", suste Psychi. Hij zag dat de eekhoorn zich al triester en bozer ging voelen. "Het is geen noodlot natuurlijk. Dat vergeten, ja dat hoort waarschijnlijk tot je natuur, daar kom je niet zo makkelijk af. Maar de gevolgen voor je gevoelsleven, dat is een ander verhaal. Je weet nu waar je getob vandaan komt. Je weet ook dat je je geen zorgen hoeft te maken over het feit dat je niet alles, wat je begraven hebt, terug kunt vinden, want je hebt niet alles nodig. Snap je ook dat het feit dat jij dingen die je zelf begraaft niet terug kunt vinden, je achterdochtig maakt naar anderen en dat dat dus niet reëel is?" Dubbes knikte hoopvol.
"Wacht even," viel Alma in, .Psychl, hoe weet jij dat? Hoe weet je dat anderen niet wat te verbergen hebben?
Dat zou je toch eerst moeten uitsluiten voordat je het als premisse aanneemt."
"Hoezo?" Psych i reageerde wat geïrriteerd. "Heb jij reden om aan te nemen dat er steeds wat achter zit als andere dieren Dubbes benaderen?" "Nee," legde Alma uit, "maar om nou zo duidelijk te zeggen dat dat dus ook niet zo is, dat is even een stap verder. Dat zou ik geverifieerd willen zien. Je kunt toch niet zeggen dat er niks achter zit, alleen om Dubbes gerust te stellen. Het moet wel waar zijn."
Het ging mis. Het hele gesprek liep op niks uit. Dubbes liet Psych i en Alma ruziënd achter, kibbelend over wat waar en wat wijs is. Moedeloos sjokte hij het bos in. "Wat zou daar nu weer achter zitten?", hoorde hij zichzelf mompelen. "Als ik mijn snuit laat zien, vliegen vogels elkaar in de veren. Een slechte relatie misschien? Verkeerde vraag? Ach, het kan me niet schelen ook. Wat heb ik met hen te maken. Ze zoeken het maar uit, ik heb mijn eigen probleem." Hij sjokte verder en bleef toen stokstijf staan. Er was iets. Er was iets anders dan voorheen. "Ik heb mijn eigen probleem." Het leek de oplossing, het einde van zijn getob.
"Mijn probleem. Mijn eigen probleem. Zij zoeken het maar uit."
Op dat moment streken Psychi en Alma naast hem neer. Ze waren beschaamd en boden Dubbes hun excuus aan.
"We zijn je onmiddellijk gaan zoeken. Het was dom om te gaan kibbelen over jou waar je bij zat", bekende Psychi.
"Het spijt ons", zei Alma. "Het was inderdaad dom", zei Dubbes.
Hij voelde iets wat hij zelden voelde: boosheid. Het gaf hem een vreemde sensatie van kracht. Over het algemeen was zijn gevoel angst. Dat verlamde hem juist. Het was zo nieuw dat hij vergat dat hij boos op de uilen was, hij vergat zelfs boos te zijn en legde ze uit wat er in hem gebeurde. "Bravo", riep Psych i. "Zo moet dat. Er zit veel kracht in boosheid."
"Maar ik vind het een beetje eng", zei Dubbes. "Wat zit er achter?"
"Er zit angst achter", legde Alma uit. "Achter boosheid zit altijd angst of pijn. Het geeft niet. Het is goed dat je het weet."
"Vertel nog eens verder", vulde Psychi aan. "Je was boos en toen?"
"Het kon me niet scheien," zei Dubbes en toen hij dat zei kwam dat boze gevoel ook weer. "Het kan me helemaal geen barst schelen wat er allemaal achter zit. Misschien zit er niks achter, misschien zit er een heleboel achter, maar daar laat ik mijn leven toch niet door verpesten. Ik houd op met zoeken. Iedereen mag denken wat hij zelf wil en als ze het willen zeggen, mag dat ook, maar ik houd op met zoeken of er soms, misschien, mogelijkerwijs, iets, wat dan ook, achter zit, waar dan ook achter."
Toen draaide hij zich met een ruk om naar wat er achter hem zat. Ja werkelijk zijn staart, die was er nog steeds.
Psych i en Alma zagen het aan en glimlachten naar elkaar. "Het lukt verder wel, hè?", zeiden ze tegen Dubbes.
"Ja," zei Dubbes blij, "ik voel me gewoon een ander dier. Heerlijk."
De uilen vlogen naar hun boom. "Leuk is dat, hè," mijmerde Alma, "als iemand opeens zoiets op het spoor komt, zo onder je ogen ... Ondanks ons", liet ze er een beetje beschaamd op volgen. "Tja," zei Psychi, "ondanks ons. Je vraagt je af wat of wie daar achter zit."