Eén schuitje
2009-06-19
Theologische verschillen plegen in de kerk meer aandacht te krijgen dan andersoortige verschillen. Toch is het goed ook daar oog voor te hebben. Een paar nummers geleden nam ik hier iets over vanuit de hoek van de sociologie, ditmaal iets uit meer psychologische hoek. In De Waarheidsvriend van 14 mei schrijft drs. N.C. van der Voet, docent aan de Christelijke Hogeschool in Ede, over verschillende persoonlijkheidstypen. Hij onderscheidt er vier: zelfstandige en afhankelijke mensen, onveranderlijke en veranderlijke mensen. Alle vier kom je ook in de kerk tegen. Het aardige is dat Van der Voet van elk van die vier typen zowel de positieve als de negatieve kanten benoemt. Want het is niet simpel zo dat het ene type goed is en het andere niet, maar al die vier typen hebben elkaar nodig.- Jaargang 53
- nummer 13
Ik doe een paar grepen uit zijn artikel.
Zelfstandige mensen, het eerste type, geloven op een verstandelijke, rationele manier. Bij hen zullen niet gauw de tranen over de wangen lopen bij het aanhoren van de zondagse preek. Ze hebben liever een nuchtere manier van geloven. Ze hebben weinig behoefte om het geloof samen met anderen te beleven. Deze mensen zijn dikwijls op het intellectuele niveau geïnteresseerd in geloofsvraagstukken. Er zitten daarom theologen onder dit type mensen. Ze gaan zelfstandig om met de kerkelijke tradities en zullen zich niet door emoties laten leiden bij het handhaven of afschaffen ervan. ()
Afhankelijke mensen beleven alles in relaties, ook het geloof. Mensen spelen er voor hen daarom een grote rol in, door geloofsgesprekken en kringwerk bijvoorbeeld. In hun eentje hebben deze mensen moeite om gelovig te blijven, maar in het contact met anderen bloeit hun geloof op. Zij zijn ook aan te spreken op de persoonlijke relatie met God. Het geloof is voor hen een emotionele zaak. Wat ze geloven, willen ze ook beleven. Bovendien proberen ze de eisen van het geloof ook in praktijk te brengen, verantwoordelijk als ze zich voelen. ()
Het derde persoonlijkheidstype, de onveranderlijke mensen, houdt van vaste gewoonten, ook in het geloofsleven. Ze slaan de zondagse samenkomsten niet over, lezen altijd een vast aantal keren per dag uit de Bijbel en missen geen van de godsdienstige plichten, die ze zelf eenmaal geleerd en aanvaard hebben. Ze hechten aan tradities en zijn bang voor veranderingen. Dat betekent dat ze in de kerk een conservatieve factor zijn, die vernieuwingen doorgaans tegenhouden. Dat doen ze niet om dwars te liggen, maar uit (on)bewuste angst voor chaos. Zij voelen zich veilig bij het oude vertrouwde. Komen er ondanks hun aanwezigheid toch vernieuwingen, dan zullen ze protesteren en zich er slechts met moeite bij neerleggen. ()
Veranderlijke mensen hebben een wispelturige manier van geloven. Trouw en ontrouw in de manier van geloven en in het kerkbezoek wisselen elkaar af, evenals de verstandelijke en de emotionele manier van het geloof beleven. Als teveel van hen gevraagd wordt aan godsdienstige plichten haken ze liever af. Het moet allemaal een beetje vrijwillig blijven. Het dwangmatige en starre in het rechtzinnige geloof stoot hen af. Ze hebben een hekel aan een strakke orde van dienst en willen daarin graag experimenteren.
En Van der Voet eindigt:
Zelfstandige mensen hebben moeite met de emoties van het geloven en liefhebben en gaan verstandelijk en zelfstandig om met het al dan niet aanvaarden van Gods geboden. Afhankelijke mensen hebben niet zoveel moeite met het liefdegebod en de eis om trouw te zijn. Onveranderlijke mensen, hebben, plichtsgetrouw als ze zijn, geen moeite met geboden. Zij hebben wel moeite om echte liefde weg te schenken. Veranderlijke mensen hebben zowel moeite met geboden, als met trouw zijn in het liefhebben. Dus bij hen gaat bij uitstek op dat de eis van het Evangelie niet naar de mens is. Dat kan zwaar voor hen zijn.
Het zou goed zijn als kennis van de soorten christenen, met hun plussen en minnen, tot meer acceptatie leidt. Laten we van elkaar aanvaarden dat we niet alleen verschillend zijn wat betreft persoonlijkheden maar (dus!) ook in de manier waarop we geloven. In Gods gemeente hebben we elkaar allemaal nodig. Zonder zelfstandige gelovigen zou het in de kerk te kritiekloos, soft worden. Er zou te weinig goed doordachte visie zijn. We zouden elkaar weinig te leren hebben. Zonder afhankelijke gelovigen zou het er te kil en liefdeloos worden. Onderling pastoraat zou niet leven. Zonder op bewaren gerichte gelovigen zouden we ons uitleveren aan de tijdgeest en veel goeds kwijtraken. We zouden het zicht op de traditie verliezen. Zonder op veranderen gerichte gelovigen zou de kerk een gesloten burcht worden in plaats van een reddingsboot voor de wereld. Er zou te weinig beweging en vernieuwing zijn.
Ik weet dat niet iedereen deze visie wil overnemen. Onveranderlijke gelovigen en veranderlijke gelovigen bijvoorbeeld - zij willen helemaal niet in één schuitje zitten.
Drs. Menko Biewenga is predikant van de NGK in Enschede.