De Opgestane in ons midden
1995-04-21
"... Jezus kwam terwijl de deuren gesloten waren, en Hij stond in hun midden en zeide: Vrede zij U! Daarna zei Hij tot Thomas: Breng uw vinger hier en zie mijn handen en breng uw hand en steek die in mijn zijde en wees niet ongelovig, maar gelovig." (Joh. 20: 26b-27) - Jaargang 39
- nummer 8
Inbraak
Het is anders geworden na zijn opstanding.
Niet meer vanzelfsprekend is Jezus in het midden van zijn discipelen.
Opnieuw is Hij 'de Komende'.
Telkens als zijn leerlingen bijeen zijn, kàmt Hij in hun midden.
Waar komt Hij toch telkens zo plotseling vandaan? Hij komt uit de heerlijkheid van God, waarin Hij door zijn opstanding deelt.
Uit die wereld, die geen oog heeft gezien en geen oor gehoord, en die God bereid heeft, voor wie Hem liefhebben.
Zijn 'komen' tot zijn leerlingen heeft het karakter van een 'in-braak'. Een inbraak vanuit de wereld van God in de wereld van de mensen. Een inbraak van het nieuwe leven in het oude.
Het oude leven, waarin je je bedreigd voelt en ook bént. Een leven waarin je de deuren op slot doet, uit vrees ."
Daarmee is het leven in deze wereld getypeerd. We doen de deuren van ons eigen hart op slot, uit vrees".
We doen de deuren van onze groep en en onze samenleving op slot, uit vrees
We sluiten onszelf op, maar we hebben niet in de gaten, dat we dan God buiten sluiten.
Groet
Maar de opgestane Heer breekt in: 'Hij stond in hun midden ".' Als iemand die 'dood geweest is en Hij leeft'. (Openb. 1,18) Daarom is de groet, waarmee Hij de zijnen groet ook 'meer dan het géwone', Het is een groet vanaf gene zijde van de dood; vanuit de heerlijkheid: "Vrede zij U". Het is de groet van de Leidsman en Baanbreker van ons geloof. (Hebr. 2:10; 12:2). Hij heeft de volmaaktheid bereikt en vanuit deze volmaaktheid komt Hij opnieuw naar ons toe. Daarom heeft Zijn groet een bijzondere betekenis.
Het betekent: 'Alles is O.K. Niets staat ook jullie vernieuwing en verheerlijking in de weg. De weg is naar de heerlijkheid van God is helemaal vrij.
Ik kan het weten, want Ik ben Hem helemaal afgelopen: heen en ook weer terug'.
Met het uitspreken van een groet bied je gemeenschap aan. Een groet opent immers altijd 'communicatie'. Het vraagt om een vervolg, een antwoord.
Daarom betekent de groet van Jezus ook: 'Niets staat jullie in de weg om samen met mij, te leven en in mijn glorie te delen. Niets staat jullie in de weg om met mij mee te gaan en Mij te volgen in een leven van geloof, hoop en liefde, opdat jullie net als Ik zullen delen in de glorie van God.' Door de opstanding van onze Heer wordt een gewone groet ('Sjaloom') een boordevol evangelie, met een ongekende draagwijdte. Een woord, dat reikt tot aan de eeuwigheid: 'Vrede zij U'.
Door de opstanding van onze Heer wordt woord tot Woord.
We verstaan iets van het woord van de apostel: ". indien Christus niet is opgewekt, dan dan is immers onze prediking zonder inhoud ". (1 Kor. 15:14).
Als het goed is heeft elke prediking iets van een inbraak van het nieuwe in het oude, door de opstanding van onze Heer Jezus Christus.
Door Liefde getekend
Maar niet alleen Jezus' woord is zo'n inbraak, maar ook zijn lichaam.
"Daarna zei Hij tot Thomas: Breng uw vinger hier en zie mijn handen en breng uw hand en steek die in mijn zijde, en wees niet ongelovig, maar gelovig."
Het Lichaam van Jezus is getekend door de wonden in Zijn handen en Zijn zijde. In het raam van heel het evangelie wil dat zeggen: getekend door zijn dood; En dàt wil weer zeggen: getekend door Zijn Liefde voor ons.
Hij is het. Hij is het écht! Hij, die zich openbaart als de Opgestane in ons midden, is echt dezelfde als Hij, die Zich voor ons in de dood gegeven heeft. Hoezeer zijn bestaan ook radikaal is veranderd en vernieuwd (van graankorrel naar korenaar), in Zijn liefde voor ons blijft Hij voor ons tot in der eeuwigheid herkenbaar.
In de glorie van het nieuwe leven worden Zijn wonden tot eeuwige tekenen van Zijn Liefde voor ons.
Liefde is ...
Ik weet, dat Jezus door het tonen van zijn wonden, Thomas, en in Hem ons allen, wil overtuigen van de werkelijkheid van Zijn opstanding.
Maar staat u mij toe, dat ik, deze woorden overwegende, hierin toch ook een belofte opmerk voor onze wonden. De weg, die Jezus is gegaan in dood en opstanding is toch door het geloof ook onze weg.
Ook wij zijn getekend door onze wonden.
Op één of andere wijze hebben we allemaal een door lijden getekend gezicht. Allen dragen we op een of andere wijze de littekens met ons mee. Ze verwijzen naar de wonden die ons in de loop van ons leven zijn toegebracht.
Door 'het leven'. Of door onze naasten. Soms juist hen, die ons het meest na staan.
Die moeilijke jeugd, dat kwetsende woord, die onheuse bejegening, die ongelukkig liefde ". Het doet je voor altijd engiszins kreupel door het leven gaan.
Sommigen komen hier niet uit. Zij komen gedurende hun hele leven niet verder dan het likken van hun wonden
In het vernieuwde leven met Jezus, worden deze wonden tot tekenen van liefde. Wonden verwijzen naar liefde.
Er is een diep, zinnig, verband tussen fussen liefde en lijden.
Dàt is duidelijk geworden door het kruis van Jezus.
Liefde is: hét lijden aanvaarden.
Liefde is: onrecht dragen. (1 Petr 2, 19-21). .
Onze wonden
Opent dit niet een heel nieuw perspektief voor het omgaan met onze wonden?
Hoe meer we getekend zijn door onze wonden, hoe meer we getekend zijn door de liefde die uit God is. Wat in het oude leven een lelijk litteken lijkt, is in het nieuwe leven een hartverwarmend teken van de liefde, die uit God is.
Als ik inga op het aanbod van Jezus tot gemeenschap, tot kommunikatie (Vrede zij U), als ik met Hem leef, dan kijk ik naar mijn wonden en zeg verbaasd: nooit geweten, dat ik zo heb gedeeld in de liefde, die uit God is".
Het is anders geworden, mijn leven.
Het is vernieuwd.
Dat merk ik, juist als ik de vinger leg op de zere plekken van mijn leven. Zij verschijnen in een ander licht. Zij drukken mij niet neer, maar spreken mij van de liefde, die uit God is.
Juist dan word ik overtuigd van de ongelooflijke werkelijkheid van de opstanding van onze Heer.
Dan breekt een stukje nieuw leven in.
midden in het Oude. Dan komt de liefde door de gesloten deuren naar binnen en drijft de vrees uit. Dan is de Opgestane in ons midden.
Je merkt het misschien maar voor even. Even een groet. Een korte ontmoeting.
Maar het onthult een werkelijkheid, die reikt tot in de eeuwigheid: 'Vrede zij U.'