Alternatief of naïef ?

2007-05-25
  • Jaargang 51
  • nummer 11
Als het ergens schreeuwt om herstel in onze wereld, dan is het wel op het terrein van ziekte en handicap. Wat Smouter in zijn boek ‘Herstelwerk’ schrijft over de gave van genezing als scheppingsgave en in het verlengde daarvan over reguliere en alternatieve geneeskunst is prikkelend. Maar de schets in de appendix over alternatieve geneeswijzen (hoofdstuk 11) van zijn boek roept bij mij wel de nodige tegenspraak op.

De Apeldoornse predikant verbindt de krachten van genezing met de oorspronkelijke notie van het menselijke heersen over de schepping (hoofdstuk 6). Dat ging met de zondeval verloren, maar, zo schrijft hij in datzelfde hoofdstuk, dankzij Christus en door de werkingskracht van de Geest hebben wij weer wettige toegang tot deze scheppingsgave.

Door elkaar?
'Maar wat nu als mensen die helemaal niet in Christus geloven wonderbaarlijke genezingen doen?' zo is vervolgens de vraag. Alternatieve geneeswijzen lijken op wat je 'op de dia's van zendelingen uit Afrika zag' (wat dat was wordt niet duidelijk); gebedsgenezingen lijken op 'Jomanda' en een Reikicursusleider beveelt Alphacursusmateriaal aan. Smouter vindt dat niet eenvoudig en laat zich ontvallen, dat 'het hier allemaal zo raar door elkaar ligt' (pagina 139).

Alles rein
De uitweg die Smouter kiest is dat hij de westerse naast de oosterse geneeswijze zet onder het motto 'gezien vanuit het paradijs is elke arts een alternatieve genezer'. De snijdende specialist vind je dus naast de intuïtieve iriscopist; de op-safe-spelende acupuncturist naast de analyserende wetenschapper en de energiestromen-hersteller naast de goedwillende huisarts. Vervolgens verklaart Smouter alle geneeswijzen rein, mits God ervoor gedankt wordt.
Daarbij merkt Smouter op dat het methodisch atheïsme van de Westerse wetenschap net zo schadelijk is voor het geloof als het occulte van de alternatieve geneeswijzen. 'De christelijke kerk is meer gelovigen kwijtgeraakt aan de academische wetenschap dan aan het alternatieve circuit' (pagina 144). Daar kon hij best wel eens gelijk in hebben. Maar rechtvaardigen onze blinde vlekken voor de gevaren van de reguliere geneeskunst het opzetten van oogkleppen voor de risico's van de alternatieve geneeswijze?

Natuurlijke geneeskracht?
Zeker, je kunt als het gaat om de alternatieve geneeswijze wijzen op de genezende krachten in de schepping (kuuroord, bronwater, geneeskrachtige planten) en op de natuurlijke geneeskracht van het lichaam (wondherstel, afweermechanismen, bloedstolling). Het is bekend dat medicijnen uit de farmaceutische industrie en homeopathische middelen zijn overgenomen van 'kruidenvrouwtjes'. Ik ben wel gevoelig voor 'Klèusien uut Zalk’-achtige types, die meer uit de natuur halen dan een gemiddelde stedeling. Maar het houdt voor me op als er iets in het middel gelegd wordt wat je moet geloven, want dat geloof komt alleen de Here God toe. Daarbij denk ik aan gigantisch verdunde middelen die geschud worden bij volle maan, mineraalstenen tegen hoofdpijn die zouden zorgen voor een ontlading van de spanning, enzovoort. Dan krijgt God concurrenten, onzichtbare grootheden die gouden bergen beloven, maar vervolgens driedubbele rekeningen presenteren. Er staat in de bijbel teveel over de grote concurrent van God, de duivel.
Hij wil, net als God, geloofd en aanbeden worden (vergelijk Matteüs 4: 9) en hij maakt daarbij gebruik van de politiek, de economie, de media, maar zeker ook van de geneeskunst (regulier en alternatief).

Breder kader
Het wordt hoog tijd deze discussie te plaatsen in het brede kader van de strijd van de duivel tegen God. Vanaf de zondeval dringt de boze deze wereld binnen en probeert de mensen te beheersen. De Here God zet profeten in om deze invloed te neutraliseren.
Vanuit de tempeldienst verspreidde zich de heilzame invloed van verzoening en vergeving, van heling en heiliging. In het Nieuwe Testament verhevigt zich de strijd der geesten. Vanaf het begin van het openbare optreden van Jezus begint hij mensen te genezen van duivelse machten. Als Petrus met verkeerde motieven Hem probeert af te brengen van het kruis, heet het 'Ga weg achter mij, satan'. Duidelijk toont ons de bijbel dat Jezus met zijn sterven aan het kruis de overwinning op satan heeft behaald. Wij mogen staan in zijn kracht. Hij leert ons bidden: leidt ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze. Jezus' kracht is altijd groter dan die van de boze, maar wij moeten ons niet inlaten met het domein van de slang. Het is dit element dat ik mis in Smouters these en boek. Wat onze God bedoelde bij de schepping, ging verloren in de zondeval! Dat herstelde Hij in Jezus en dat wil Gods Geest in ons herstellen. Alleen langs die weg verwachten wij het herstel van alle dingen.

Achazja en de God van Israël
Ik wil dit punt illustreren met koning Achazja van Samaria. Achazja valt van zijn balkon en wordt ziek (2 Koningen 1). Hij stuurt dan dienaren naar Ekron om Baäl-Zebub te consulteren; hij zoekt zijn heil bij deze locale variant van de Kanaänitische verpersoonlijking van de natuurkrachten. De profeet Elia krijgt dan van God de opdracht om deze dienaren tegemoet te treden met 'Is er dan geen God in Israël, dat u Baäl-Zebub, de god van Ekron, gaat raadplegen?' God wilde dus pertinent niet spreken en werken door de Baäl-specialisten. En in zijn zorg en jaloersheid houdt God groepen hofambtenaren tegen die op weg zijn richting deze vorm van geneeskunst. Zit hier geen verband met de alternatieve genezers die werken met geneeswijzen afkomstig van concurrenten van de God van Israël?

Jammer
Het zal duidelijk zijn dat ik het standpunt van collega Smouter niet deel om af te dingen op de onder ons gebruikelijke, kritische houding tegenover alternatieve geneeswijzen. Ronduit ongelukkig ben ik met zijn gebruik van termen als aura en chakra. Zijn tussen haakjes gevoegde onschuldige opmerking 'heet dat zo?' vind ik naïef. We zetten zo echt mensen op het verkeerde been en stimuleren een houding van 'als het maar helpt'. Laten we kritisch blijven.
Smouter houdt op het gebied van de geneeskunst de lijn niet vast die hij zelf uitzet. De 'wettige toegang tot de krachten van het paradijs door Christus' bloed' is in dit hoofdstuk een papieren tijger, een cherub zonder zwaard geworden. Onze – helaas maar al te kritiekloos – aanvaarde geneeskunst wordt hier links en rechts geparanimft door de alternatieven, want 'holistisch', want 'intuïtie', want 'inzicht'. Ik vind het jammer van dit mooie boek dat er zo'n wormvormig aanhangsel (appendix) aan zit. Mijn idee was toen ik het las: dit ga ik met mijn gemeente lezen. Ik zou echter eerst naar het Boekencentrum willen voor een blindedarm-operatie.

Drs. Erjan van der Linde is predikant van de NGK-CGK samenwerkingsgemeente van Rotterdam-Alexanderpolder.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief