Die aardige Adammen!
1995-05-19
Ondanks dat er veel is geschreven over de vrouw in het ambt, mis ik nog steeds een kant van de zaak en die wil ik graag eens aan de man brengen.- Jaargang 39
- nummer 10
Hoe het zo gekomen is, dat vrouwen vaak miskend zijn, soms als voetveeg gebruikt, weet ik niet, maar inmiddels al sinds vele jaren, hebben vrouwen duidelijk gemaakt, dat dat niet meer geaccepteerd wordt. Gelijke rechten, het is mannen stevig ingepeperd.
Hoe hebben mannen daarop gereageerd?
Zijn ze boos geworden? Welnee, daar zijn ze veel te aardig voor.
Aardig, ook wel wat vreesachtig om te mishagen, waar zij zo graag behagen.
Hebben mannen in het verleden vrouwen ondergeschoven, de man van nu is vuurbang om ook maar de minste indruk te wekken, de baas te willen zijn. Hij werpt zich zelfs op als haar advocaat en verdedigt haar streven naar gelijkheid.
Het is een wat vermakelijke gedachte, dat de kerkeraadsleden die zich op de Landelijke Vergadering buigen over het vraagstuk 'vrouwen in het ambt' ook behoren bij de goedmoedige, bevreesde kunne. Kun je uitgerekend, van mannenbroeders in zo'n gemoedstoestand, vragen dat zij zullen uitspreken dat niet vrouwen, maar zij tot de ambten geroepen zijn. Zo'n 'discriminerend' oordeel, teveel gevraagd!
Ze verdienen een steuntje!
En dat zou er best eens kunnen zijn!
Bij de Schrift en bij ons vrouwen! - Het is niet eenvoudig om de Bijbel te lezen zonder 'inkleuring'. Enerzijds kun je opvattingen van voorgeslachten niet vergeten, anderzijds lijkt het er wel eens op, of heden ten dage gelezen wordt met bijgedachten, in dit geval zo iets als: "ik zou niet weten waarom de vrouw niet in het ambt zou mogen" en "wanneer mag het nou?"
Maar hoe dan ook, vast staat, dat de gedragsregels ons in de Bijbel opgelegd niet gemakkelijk zijn uit te voeren.
Kinderen zijn vanaf hun prille bestaantje nou net niet gehoorzaam; de andere wang bieden ... , de meerderheid niet volgen in het kwade, de smalle weg kiezen, noem maar op, van nature doe je het niet. Het zijn opgaven, die radicale omkering eisen en waar je dagelijks Hulp bij nodig hebt.
Vreemd eigenlijk, dat de instelling, dat de man in het huwelijk hoofd zal zijn, nou net niet is opgevat als een opgave, maar integendeel als een benijdenswaardig voorrecht, de luie stoel.
Zou het niet veel meer in de lijn van de Schrift zijn, te beseffen, dat ook dat een karwei is dat niet van nature wordt geklaard? Radicale omkering van node en hulptroepen onmisbaar? Zou vervolgens niet hetzelfde kunnen geIden voor de roeping tot het ambt, dat glorievolle voorgestoelte?
In de diverse verslagen lees ik, dat algemeen nog wel wordt gezien, dat de geestelijke leiding van de gemeente van Godswege, aan mannen wordt opgedragen.
Ons verstandje kan zich ondertussen wel stilletjes afvragen waarom juist mannen aangewezen zijn, want je hoeft geen helderziende te zijn om te weten, dat vrouwen niet minder gaven hebben gekregen, minder bekwaam zouden zijn. Een gevoel van verontwaardiging kan over je komen, als je een man goedgunstig hoort beweren, dat hij nu voor de vrouw in het ambt is, omdat hij ziet hoe goed ze het doet (in kerken waar het ambt voor vrouwen open staat). Nota bene ... alsof dat het punt is ... Ons verstandje kan zich verder afvragen, nog stiller dan stilletjes of wie weet, het aanwijzen van mannen te maken kan hebben met radicale omkering van de menselijke natuur, die omkering die nodig is voor alle christelijke gedragsregels. Een antwoord vind je niet gemakkelijk, het doet er ook niet toe of we alles begrijpen, als we maar gehoorzamen!
Geestelijke leiding in gezin en gemeente, opdracht aan mannen! En vrouwen dan?
Bij de taken voor mannen wordt er in de Schrift volop melding gemaakt van vrouwen die werken verrichten, biddend, profeterend, diaconaal. Evenwel als de bereidheid daartoe gevonden kan worden, zullen vrouwen mogen zien, dat het vooral haar opdracht is mannen te stimuleren hun specifieke functies niet gemakshalve uit handen te geven, maar getrouw te blijven bezetten. Wat een moeilijke opgave, heb je een goed koppie, dat best 'hoofd' zou kunnen zijn, mag je het maar zo ondergeschikt inzetten. Je bent geen doetje en prima in staat touwtjes in handen te houden, dien je slechts als stimulans. Dienen!
Omdat het van Boven zo verordineerd is en niet door heerszuchtige mannen bedacht, kunnen vrouwen hen nog niets verwijten ook. Als we in een wat mokkende bui ons achtergesteld voelen, zullen we onze onvrede DAAR (wijsvinger recht omhoog) moeten brengen. Er zit niet anders op!
Heel veel vrouwen in vroeger jaren hebben de taak, die ze van de Here voelden opgelegd op bewonderenswaardige wijze weten uit te voeren; veel vrouwen zijn ook nu nog hartelijk bereid dat te doen en het kan dan ook pijnlijk aankomen, als je soms hoort zeggen, dat "er al zo lang geduld is betracht" met degenen die menen, dat de kerkelijke ambten vervuld moeten blijven worden door mannen. Ook het diakenambt, omdat de diaken van lieverlee nauwelijks armenzorger is, maar een mederegeerder.
Tot slot mijn bekentenis, de lezer had het al door, dat ik meen, me te moeten scharen achter die opvattingen van de kerk van alle eeuwen tot bijna nu. En zo ben ik er een levend voorbeeld van, dat de bijbelse gedragsregels niet voor het gemak gegeven zijn. Echter, dat staat vast, tot ons welzijn!