Wit begint, zwart wint
1995-07-28
De Evangelische Omroep zendt regelmatig programma’s uit, waarbij de plaats van christenen in de samenleving een centrale plaats inneemt. Eén van deze programma’s was ‘Wit begint, zwart wint?’ Een aantal vraaggesprekken uit deze serie werd in een bundel opgenomen.- Jaargang 39
- nummer 15
Bij de samenstelling van het programma en van de bundel was 'Opbouw'-redactielid Pieter van Kampen nauw betrokken. De rode draad door de 11 gepubliceerde interviews is, dat het christen-zijn een uitdaging is, een krachtmeting. Die uitdaging zit al in de titel: een confrontatie tussen wit en zwart. "Alsof twee tegengestelde kampen, zwart en wit, in een onophoudelijke partij schaak verwikkeld zijn." Het antwoord lijkt niet vast te staan: de uitdaging zit al in de titel. Wie zou er winnen?
Uitdaging
Veel christenen trekken zich terug in een ivoren toren. Anderen durven voor hun christen-zijn nauwelijks meer uit te komen. Het boeiende van dit boek is, dat mensen aan het woord komen die de uitdaging aan durven. Geen klein hoekje waarin je je maar terug moet trekken, maar "een mogelijkheid om in rust en zonder angst te spreken over Wie je toebehoort" (Michael Green, blz. 71). De geïnterviewden staan midden in de samenleving. Je zou hen de Groen van Prinsterer's van deze tijd kunnen noemen.
Er moest voor deze vraaggesprekken veel worden gereisd. De interviews werden afgenomen in de USA, in Groot-Brittannië, Canada, Cyprus en Nederland. De beperking zit in het feit dat er Engelstalige en Nederlandstalige mensen worden bevraagd. Een uitbreiding met 'anderstaligen' zou mogelijk nog andere accenten hebben gelegd. Hoe kijken christenen in Zuid-
Korea, in Japan, in Afrika, in Chili tegen ontwikkelingen in de samenleving aan?
Kijkje achter de schermen
In de inleiding gunt Van Kampen de lezer een blik achter de Tv-schermen. Er waren de zorgen over het filmmateriaal (zoals röntgenapparatuur op vliegvelden). Ook het uiterlijk van de geïnterviewden bleek van belang.
Iemand moest maar liefst 5 maal van kleding veranderen. Nog lastiger was het uiterlijk ..... , want: is iemand wel voldoende 'presentabel' voor een televisieprogramma? Even denk je: doet de EO daar ook al aan mee? Met gevoel voor understatement rapporteert Van Kampen: "Met karakteristieke Nederlandse botheid heb ik hem gevraagd, of hij zelf vond dat hij voldoende presentabel was." Waarop de ondervraagde antwoordde dat hij het naar zijn eigen mening op dat punt niet slechter zou doen dan de gemiddelde mens.
Miljoenensteden
Twee bijdragen gaan over het leven in de grote stad. Opmerkelijk is dat het wonen in de grote stad als een uitdaging wordt gezien. Geen trek uit de stad, maar juist: aan de slag! Dr. Raymond Bakke uit Chicago en Stuart Murray in Londen vertellen over het leven in de miljoenensteden. In de wijk waar Bakke woont zijn meer dan 60 nationaliteiten vertegenwoordigd. Slechts 14% heeft een blanke huidskleur. De kerkdiensten in zijn gemeente worden in 6 talen gehouden.
"Als je echt gelooft dat God er is en dat dit zijn wereld is, moet je de mogelijkheid overwegen dat Hij het is die de hele wereld naar onze steden brengt. Het zou voor ons reden kunnen zijn om Hem daarvoor te danken en ons te verheugen om de kansen die ons zo worden geboden. Door dit alles heeft ons zendingsveld zich namelijk verplaatst naar onze eigen woonplaats" (Raymond Bakke, blz. 33). De kerk hoort daar te zijn waar de problemen zijn, vindt Bakke. Hij noemt crèches, opknappen van woon buurten, zorg voor zwerfjongeren, opvang van AIDS-patiënten. Ook in Nederland zien we deze nieuwe vormen van zending en hulpverlening ontstaan, zoals bij de opvang van asielzoekers door de kerken, het werk van Evangelie & Moslims, de activiteiten van 'De Hoeksteen' in Amsterdam-Noord en het werk van de Stichting Kuria in Amsterdam.
Moslims
Boeiend en actueel is het vraaggesprek met Dr. Canon Patrick Sookhdeo. Hij is als moslim opgegroeid en volgde een koranschool. Zijn eerste contacten met het christelijk geloof waren allerminst positief. Hij vond christenen arrogant, trots en racistisch. Een signaal voor onze kerken: hoe gedragen we ons tegenover moslims?
Voelen we ons als christenen beter, zijn we als blanken méér dan allochtonen? Later was de bekering van Sookdheo tot het christendom mede een gevolg van christenen die liefde en zorg toonden. Zorg voor de naaste is een onmisbare kant van evangelisatie. Het vraagstuk van de integratie van moslims in de westerse samenleving krijgt in het vraaggesprek ook een ruime plaats. Dat thema komt eveneens in een hoofdstuk over de plurale samenleving (Os Guinness) aan de orde.
In het vraaggesprek wordt de willekeurig- almachtige God van de moslims vergeleken met de God van de Bijbel.
Islamieten kennen ook Jezus, maar Hij is niet Gods Zoon, Hij is niet voor de zonden gestorven en Hij is evenmin opgestaan uit de dood. Het interview met Sookdheo reikt in vogelvlucht enkele belangrijke thema's aan ten behoeve van de ontmoeting met moslims. Het is ook een hoofdstuk dat (gedeeltelijk) goede diensten kan bewijzen tijdens een catechisatie-uur. De vragen aan het eind van het hoofdstuk kunnen daarbij als hulpmiddel dienen.
Andere thema's
Het is niet de bedoeling van een boekbespreking om op ieder hoofdstuk nader in te gaan. We melden slechts de andere onderwerpen: Hoe wordt de jeugd bereikt? (Arnold van Heusden); Apologetiek (Michael Green); twee hoofdstukken over de Uitdaging van het New Age-denken (Douglas Groothuis en James Sire); Het bovennatuurlijke en het exorcisme (Vivienne Stacey) en Christen en kunst (Dr. Calvin Seerveld). Het interview met Dr. Seerveld werd eerder geplaatst in 'Opbouw'. Met het hoofdstuk over het bovennatuurlijke had ik de meeste moeite. Is het wel een bijbels gegeven dat huizen soms 'gereinigd' moeten worden omdat er een occulte macht in huist? Ook het onderscheid tussen bezetenheid en psychiatrische stoornis is een heikel onderwerp. Stacey erkent dit gevaar. Het is niet denkbeeldig dat men in bepaalde kringen te gemakkelijk een psychiatrisch ziektebeeld als 'demonisch' diagnostiseert. Stacey noemt een bepaalde stoornis in dit hoofdstuk 'bezetenheid', maar de kenmerken lijken veel op die van een ernstige psychiatrische stoornis, veroorzaakt door traumatische gebeurtenissen uit het verleden. Ondanks deze vraagtekens ben ik het volmondig met Stacey eens dat occulte machten een grotere invloed hebben in de samenleving dan wij geneigd zijn te denken.
Snelle hap
De inhoud van de vraaggesprekken in 'Wit begint, zwart wint?' is bemoedigend, verhelderend en inspirerend. De beperking zit in het feit dat de inhoud is geënt op snelle verslaggeving. Televisie is immers een snel medium.
Daardoor moest de weergave van de visies compact blijven en maakt het boek een minder systematische indruk. Enkele geïnterviewden hebben dikke boekwerken op hun naam staan; zo'n vraaggesprek kan daaruit niet meer dan een uittreksel zijn. Toch is de inhoud van het boek niet oppervlakkig. Er worden belangrijke thema's aangesneden en zinvolle antwoorden gegeven. Dat ligt zowel aan de grote mate van deskundigheid van de geïnterviewden als aan de kennis en ervaring van de interviewers. Het boek biedt een snelle, maar zeker niet ongezonde hap. Dat is handig als je aan een uitgebreidere maaltijd niet toe komt. En wie weet neem je je bij het tot je nemen van zo'n smaakmaker voor om nu eindelijk eens iets van Os Guinness of van Michael Green te gaan lezen ....
N.a.v.: Wit begint. zwart wint? Redactie: Drs. Pieter van Kampen. Uitgever: BUi/ten & Schipperheyn. Amsterclam.
1993. Aan de 11 interviews werden discussievragen toegevoegd. Het boek telt 166 bladzijden en kost bijna 25 gulden.