Autoconsensus

2007-06-08
  • Jaargang 51
  • nummer 12
Ik heb een hekel aan auto’s. Deze uitspraak maakt me als kleinzoon van een garagehouder niet populair in de familie, maar de waarheid moet gezegd worden. Niet dat ik met grote tegenzin achter het stuur plaatsneem om vervolgens enige tijd als verkeersdeelnemer door te brengen. Geheel in lijn met mijn voorgeslacht mag ik graag onder het genot van een muziekje onderuit gezakt in de bestuurdersstoel het asfalt teisteren. Daar ligt het probleem niet. Mijn aversie komt voort uit de vergankelijkheid van menselijke vindingen in het algemeen en van de auto in het bijzonder.
De technische veroudering van onze auto is een bedreiging voor mijn huwelijk. Met afgrijzen zie ik ieder jaar de datum van de verplichte APK langzaam maar zeker dichterbij komen. Dat is de tijd waarin Cobymijn vrouw - haar gebruikelijke offensief inzet met als doel de auto geheel buiten gebruik te stellen. Gelijk heeft ze: fietsen en openbaar vervoer zijn beter voor het milieu en het uitgespaarde geld voor verzekering, motorrijtuigenbelasting, benzine en onderhoud kan heel goed op een andere manier besteed worden. Deze breuk met mijn voorvaderen heb ik echter tot nu toe kunnen afwenden.
Het argument dat ik in de strijd gooi, is dat we zonder auto een gemeente dichter bij huis moeten vinden. ‘Of wil je elke zondagochtend drie kwartier met vier klagende kinderen naar de kerk fietsen?’ Mijn eigen antwoord is een onversneden nee. Dan toch liever het ritje van twintig minuten naar Overschie in onze Peugeot.
Uiteindelijk staken we onze schermutselingen en blijft de status quo weer voor een jaar gehandhaafd. Mijn afkeer van auto’s kent nog een andere bron. Opgroeiende kinderen zijn leuk, maar nemen steeds meer plaats in.
Hoewel ik kampioen beslissing-uitstellen ben, komt de onverbiddelijke conclusie naderbij dat ‘de auto te klein wordt’.
Zolang we nog niet helemaal autoloos door het leven willen gaan, moeten we dus op zoek naar een alternatief en daar heb ik ten enenmale geen zin in.
Een half uurtje op marktplaats.nl rondkijken is nog tot daaraan toe, maar dealers bezoeken vind ik niks, bang als ik ben met een auto thuis te komen die Coby niet welgevallig is. Om een dreigende impasse het hoofd te bieden, stappen wij op een middag op de fiets om samen enkele showrooms met een bezoek te vereren.
Ontspannen bewegen wij ons tussen de tweedehands auto’s. Als we nu een geschikt exemplaar kopen, spaart dat meteen de APK van onze huidige auto uit.
Even dreigt onze goede verstandhouding verstoord te worden, als Coby oppert een bestelbus te kopen. ‘Daar passen we met ons allen wel in.’ Nadat ik op gepaste, doch gedecideerde wijze over dit voorstel mijn veto heb uitgesproken, vervolgen wij onze bezichtiging van de aangeboden wagens, vooren nadelen afwegend. Eén nadeel springt er bij alle modellen uit: ze kosten een kapitaal. Daar zijn we het volstrekt over eens. We blazen de zoektocht af en fietsen eensgezind huiswaarts.
Ik rij de snelweg op. De oude vertrouwde Peugeot voelt als nieuw. Ik ben gelukkig. Nu alleen die APK nog.

Drs. Jan Smit is lid van de NGK in Rotterdam-Overschie.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief