Pastoraal
1995-10-06
Het spreken over de prediking als kerkenraadsleden behoort op een pastorale manier te gebeuren. Het moet niet zo zijn dat de predikant daardoor een minderwaardigheidscomplex krijgt en overspannen raakt. Mij komt wel eens ter ore dat er kerkernaden zijn die in hun vergadering spreken over de prediking. Maar het wordt op zo'n wijze gedaan dat er niet veel van de predikant overblijft. In zo'n bespreking wordt alleen maar gezegd wat men gemist heeft en niet wat er aan goeds in te horen was. Dat dit alles niet stimulerend doch frustrerend werkt, zal duidelijk zijn. Geen prediker is zó veelzijdig, dat hij alle facetten van de Schrift in de prediking aan de orde zal stellen. Bovendien zijn de talenten, waarmee men begiftigd is, verschillend.- Jaargang 39
- nummer 20
Neen, als wij onderzoeken of de prediking wellicht iets anders moet, dan moet door de kerkenraad vanuit de Schrift op een pastorale manier daarvoor aanwijzingen worden gegeven. Het gaat er niet om dat de predikant in de hoek gezet wordt, maar het gaat er om dat de predikant en kerkenraad op die prediking uit zijn die de geestelijke groei van de gemeente kunnen bevorderen. En ... waarvan de Heilige Geest gebruik kan maken. Opzettelijk schrijf ik óók dit laatste. Het is mij genoegzaam bekend dat de Heilige Geest met een kromme stok een rechte slag kan toebrengen. Toch moeten wij er maar niet aan meewerken om de stok krom te doen zijn in de mening dat de Heilige Geest er toch wel iets mee kan doen. De stok moet zo recht mogelijk zijn, omdat het Woord recht is èn rechte voren snijdt. Het pastorale element mag dus in de bespreking over de prediking niet ontbreken in een kerkenraadsvergadering. Met name schrijf ik dit ook met het oog op de jonge predikanten die men 'zachtkens' zal behandelen. Vanzelfsprekend wel eerlijk, maar dan toch 'zachtkens', dat is pastoraal, herderlijk, liefelijk. Trouwens, het één sluit het ander niet uit.
Dit stuk knipten wij uit 'DE WAARHElDSVRIEND'. Het maakt deel uit van het vijfde artikel in een serie, die de titel draagt: "Is er ook groei? Het geheel is geschreven door Ds. G.S.A. de Knegt, Hervormd (gereformeerd) predikant te Barneveld. Het is goed, dat onze collega wijst op bepaalde gevaren, die de preekbespreking op de kerkenraadsvergadering bedreigen. Complimentjes aan het adres van de predikant enerzijds en allerlei kritische kanttekeningen ten opzichte van de preek anderzijds mogen het patroon van de preekbespreking niet bepalen. Dat bevordert niet de gewenste sfeer. De opbouw van de gemeente dient uitgangspunt en eindpunt te zijn van het gesprek over de verkondiging. Als men dat voor ogen houdt, zal de preekbespreking een bevruchtend effect hebben voor predikant en gemeente.