Wie een oor heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt (Openbaring 2)
1995-11-17
Een zekere dominee hoorde van gemeenteleden dat ze weinig aan zijn preken hadden. Het deed hem verdriet en verbaasde hem. Elke week was hij uren bezig spittend in het Woord en nog nooit had het hem teleurgesteld. Elke zondag klom hij de preekstoel op met het gevoel: "Ja, dit zegt de Heer." Maar de mensen verlieten de kerk zoals ze er gekomen waren. Het leek of ze niets hoorden. Het zat de dominee dwars en hij praatte er met anderen over, hij ging boeken lezen over communicatie, maar hij kon niet zeggen wat anderen hem voorzeiden en hij kon wat hij wilde zeggen niet beter zeggen dan hij deed.- Jaargang 39
- nummer 23
Toen, toen hij ten einde raad was, klaagde hij erover tegen God. God zei: "Ga van de week je gemeente in en luister naar de gemeenteleden ... Vraag ze niet wat ze van jou willen horen, vraag ze over Mij. Laat ze over hun leven praten, over hun ervaringen met Mij en over hun verlangen naar Mij." "Wanneer moet ik dan mijn preek maken?" vroeg de dominee. "Laat dat deze week maar eens aan Mij over," zei God. De dominee ging de gemeente in. Hij werd er zeer gesticht. En de gemeente met hem.