Zoals de man is is zijn kracht

1994-02-25
  • Jaargang 38
  • nummer 4
'Kuiterts ideeën lopen achter' was de titel van een artikel waarmee één van de redakteuren van het Nederlands Dagblad, de heer drs J.P. de Vries, in het nummer van zaterdag 12 februari, reageerde op een verslag van een kollege van de bekende emeritushoogleraar aan de VU over ethische voorvragen. Kuitert denkt progressief te zijn maar in feite komt hij achteraan, zo viel te lezen. Dat is een niet geheel onbekend geluid. Je hoort zoiets van orthodoxe zijde wel eens vaker zeggen. Ach, meesmuilt men dan, Kuitert loopt met zijn opvattingen ook maar wat achter de feiten van de moderne ontwikkeling aan. Ik moet zeggen dat me zulke woorden wanneer ze van die kant komen wat potsierlijk in de oren klinken. En ik vraag me dan ook af of wij de felomstreden theoloog Kuitert zo wel met de juiste middelen bestrijden.

Want bij de tijd of niet, dat is voor ons toch maar een bijkomend kriterium?
Als het moet durven wij tegen mensen die ons ouderwets vinden en niet passend bij de mode van de tijd toch best te zeggen dat dat dan des te erger is voor die mode? Zijn wij zulke kampioenen van de tijdgeest dat we die bekwaam als kriterium kunnen hanteren bij het beoordelen van iemand als Kuitert? Overspelen we dan niet onze hand? Ik moest toen ik die titel alleen al las denken aan het bijbelverhaal van de richter Gideon. Het wordt ons verteld in Richteren 8. Gideon had met de hulp van de Here de Midianitische krijgsheren Zebah en Zalmuna gevangen genomen en wilde hun terechtstelling laten uitvoeren door zijn eerstgeboren zoon Jether: 'Sta op, dood hen!' Hij wilde zijn gevangenen daarmee duidelijk vernederen. 'Door kinderhand omgebracht', dat zou pas echt het zegel zetten op de schande van hun nederlaag. Maar Jether durfde niet. Hij doorzag beter dan zijn vader dat hij tegenover mannén stond van een kaliber waartegen hij niet was opgewassen. Die twee maakten dan ook van de gelegenheid gebruik om Gideon zijn overwinning op hen afhandig te maken. Met de handen over elkaar hoor je ze fier zeggen: 'Sta gij zelf op en stoot ons neer, want zoals de man is is zijn kracht'. En hoewel ze toen vervolgens door Gideon zelf ter dood werden gebracht was hun eer toch gered. En daar ging het in die schaamtekultuur om, de eer telde meer dan het leven. Stellen wij geen 'Jether' tegenover Kuitert als we hem door het niet zo indrukwekkende knaapje van de gereformeerde eigentijdsheid willen laten vloeren? Handelen we dan niet meer uit machteloze woede dan uit kracht van overtuiging?

Boter op het hoofd
Als we nu eens begonnen met toe te geven dat Kuitert ons voor dingen zet waar wij één-twee-drie zo geen antwoord op weten. Hij zegt dat het een dwaalweg is ons voor de ethiek op de bijbel te beroepen. Ik zelf vind dat hij daarin overdrijft. Daarover straks iets.
Maar moeten we niet erkennen dat het beroep op de bijbel voor de ethiek knap lastig is en dat de weg waarop dit de geschiedenis door gedaan is bezaaid is met treurige vergissingen?
Als we nu toch alleen maar eens denken aan de plaats van de vrouw in de politiek zoals die door de SGP uit de bijbel wordt afgelezen. Over ouderwetsheid gesproken! Zeker, we kunnen daar wel met verontwaardiging afstand van nemen en zeggen dat zoiets bij ons (GPV en RPF) ondenkbaar is maar .de wereld veegt ons toch niet ten onrechte op één hoop als ze kennis neemt van onze kerkelijke praktijk ten aanzien van de vrouw? En dan met dit pakje boter op je hoofd tegen Kuitert zeggen dat hij er achterhaalde opvattingen op na houdt? Dat kan toch niet? We moeten goed bedenken dat voor anderen de ouderwetsheid van ons kerkmensen allemáál afstraalt.

Het herhalingsmotief in de geschiedenis
Maar is het dan niet waar dat wat Kuitert beweert doet denken aan wat ook al in de eeuwen vóór ons te berde is gebracht? Zeker is dat het geval. Maar echte problemen plegen in elke generatie weer terug te komen en steeds opnieuw zetten de mensen er hun tanden in. Dat is het herhalingsmotief in de geschiedenis. Natuurlijk, hetzelfde is nooit helemaal hetzelfde, maar in grote lijnen wel. Dat heeft dus niet zoveel met ouderwets of modern te maken. Het is ermee als met konservatief en progressief. In de tijd dat het ene overheerst is het andere verdacht en omgekeerd, terwijl het in werkelijkheid om twee stromingen gaat die evenwaardig naast elkaar lopen. Er valt dan ook voor het één zowel als voor het ander iets te zeggen.
Ik denk dat ze ook in de bijbel alle twee vertegenwoordigd zijn: 'Houd wat gij hebt' en 'Gedenk niet aan het vroe gere' - om maar een paar bekende woorden aan te halen. Ook Kuitert moet er denk ik voor oppassen dat hij zijn tegenstanders ter rechter zijde niet in het hoekje van de achterhaalden zet. Dat maakt De Vries in zijn genoemd artikel met behulp van de Poolse filoof Kolakowski wel duidelijk.
Die man pleit na het faillissement van het kommunisme opmerkelijk genoeg weer voor een religieuze, althans bovennatuurlijke verworteling van het verschil tussen goed en kwaad. Dat strookt inderdaad niet met Kuiterts pleidooi voor de menselijke autonomie.
Terecht houdt De Vries dat Kuitert voor.

Wederzijdse eenzijdigheden
Maar kun je nu zeggen dat Kolakowski moderner is dan Kuitert? Ik denk dat je veet meer het verschil in situatie tussen die twee in het oog moet houden.
Kolakowski kijkt terug op een tijd dat men het in het kommunisme met een absolute autonomie geprobeerd heeft.
Hij heeft de mislukking daarvan aan den lijve ondervonden. Kuitert daarentegen staat aan het einde van een tijd dat wij de bijbel schromelijk overvraagd hebben en vrijwel alles op het gebied van de zede met een bijbeltekst hebben beslist. Daar heeft hij weer de ellende van gezien. Je zou die twee daarom elk met zijn eigen ervaring een grondig gesprek gunnen en misschien vindt dat ook nog wel eens plaats. Want ze zouden elkaar werkelijk voor eenzijdigheden kunnen behoeden. Kolakowski zou immers uit reaktie het fundamentalisme in de armen kunnen vallen en Kuitert zou evenzo uit reaktie teveel van de autonome menselijke rede kunnen gaan verwachten. Ik denk ook dat dat laatste het geval is. Want de 'minimummoraal' die Kuitert volgens het verslag wil overhouden: 'Doen voor de ander wat jij wilt dat de ander voor jou doet' en waarvan hij (ook al weer volgens het kranteverslag) zegt: 'Dàt moet nou van God', wel, die kan toch onmogelijk langs strikt autonome weg gevonden worden, die moet toch wel van God komen. Ook al is het nog zo waar dat Jezus die deze bodemregel formuleerde daarmee niet origineel was en dat het besef ervan zelfs vóórbijbels is te noemen. Met zijn 'Dàt moet nou van God' verlaat Kuitert heel duidelijk het autonome spoor waar hij zo hoog in roemt, want de autonomie wil van een moeten anders dan op grond van onderlinge afspraak tussen de mensen niets weten.

Overdrijving
Daarom vind ik dat Kuitert overdrijft.
En ik zou wel eens van hem willen weten of hij dat expres doet. Bijvoorbeeld vanuit de gedachte dat als je honderd procent eist je wellicht vijftig procent krijgt.
Ik voor mij ben wel bereid tot een zeker aantal procenten met hem mee te gaan. Als hij bijvoorbeeld zou zeggen 'Veel in de bijbel over Boven is van beneden', in plaats van 'alles', dan zou ik daar aardig mee uit de voeten kunnen.
Want we hebben denk ik in de Schrift naast openbaring wel degelijk ook te maken met een menselijk reageren op de openbaring. (Die twee zitten trouwens onscheidbaar door elkaar heen.) Niet met een onbestuurd reageren, uit de vrije hand, zo gezegd.
Dat bedoel ik niet te zeggen. Nee, het handelen van God en het optreden van de Heiland inspireerden de bijbelschrijvers kennelijk. Maar deze auteurs hebben op die inspiratie toch wel op heel verschillende manier gereageerd, zoals bijvoorbe:eld uit vergelijking van Johannes met de synoptici blijkt. Wat een onoverkomelijke verschillen!
- als je eraan voorbij ziet dat zij alle vier het onbeschrijfelijke moesten beschrijven: God geopenbaard in het vlees. En nog duidelijker treedt dat reaktie-karakter aan de dag in bepaalde apostolische leefregels die sterk door de tijdsomstandigheden gestempeld zijn zodat wij daar niet zoveel meer mee kunnen. Denk maar aan de tamelijk onkritische gehoorzaamheidshouding die de apostel de gelovigen tegenover het overheidsgezag oplegt en die niet meer past in ons demokratischde bestel. Maar van de andere kant: de bijbel is door dit alles heen wel degelijk goddelijke openbaring, ontsluiting van een heilsbedoelen dat in geen mensenhart is opgeklommen.
Wel, het is bekend, ik wil over zulke dingen best met Kuitert meedenken maar ik heb daar zijn overdrijving niet voor nodig. Die stoort mij en schrikt mij eerder af dan dat ze me stimuleert.

Het reaktie-model
Ik geloof namelijk niet in het reaktiemodel: Flink overdrijven of overvragen, dan bereik je tenminste iets. Ik zie wel dat het leven er vol van is, bijvoorbeeld bij de onderhandelingen op sociaal-ekonomisch gebied, maar ik heb er geen vertrouwen in. Onzin, zegt iemand, zo is het toch altijd gegaan?
Kijk er de geschiedenis maar op na. Het pendelde toch steeds van de ene reaktiehouding naar de andere?
Dat wil ik niet ontkennen. Maar het verschil tussen vroeger en nu op dit punt is dat men tegenwoordig bewust voor het reaktie-model kiest. De mensen van voorheen overkwam het meer, is mijn indruk. Zij gingen tegen een misstand of een misvatting in en dachten daarmee de zaak recht te zetten. In het vuur van hun ijver vergaloppeerden zij zich dan gemakkelijk en vervielen zo in een andere eenzijdigheid dan die ze bestreden. Onbewust en tegen hun bedoeling in. Dat is de charme van hun teveel. Maar kiezen voor de reaktie, zoals men tegenwoordig wel doet, het lijkt me het aanspreken van een voorraad waar men gauw doorheen is. Het is vrees ik ook een snelweg naar de polarisatie. Want de ene reaktie haalt de andere uit. En wel in een oplopende zin, want de tweede reaktie moet de eerste overtroeven wil ze iets uitwerken. En wie streeft zo nog het evenwicht na?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief