Reis door Griekenland 5

1994-03-25
  • Jaargang 38
  • nummer 6
In en bij Corinthe
We reden dus verder langs de kust naar het zuiden. We bezochten weer verschillende plaatsen, maar noem die alleen maar even: Mykéne, Nafplion (weer een heel bijzonder nonnenklooster, waar we met enkele zusters een praatje konden maken), Epidauros. We reden langs Corinthe naar Loutraki, waar we een week bleven, heel mooi aan de kust. Na zijn vertrek uit Berea ging Paulus indertijd naar Athene en vandaar naar Corinthe.
Daar ontmoet hij Aquila en Priscilla.
Omdat er een bevel was uitgevaardigd, dat alle joden Rome moesten verlaten, waren deze twee naar Corinthe verhuisd.
Evenals Paulus waren zij tentenmakers en het is haast vanzelfsprekend, dat Paulus bij hen intrekt en zo met hen aan het werk gaat. Op de sabbat gaat Paulus echter naar de synagoge en hij spreekt dan met joden en Grieken.
Later kwamen ook Silas en Timotheüs, die in Berea en omgeving waren achter gebleven (Hand. 17:14),in Corinthe en toen ging Paulus zich geheel bezighouden met de verkondiging van het evangelie.
Er komt echter veel verzet. Merkwaardig genoeg komen echter een aantal vooraanstaande mannen tot bekering.
In Hand. 18 lezen we, dat de overste van de synagoge, Crispus, met heel zijn gezin tot bekering komt. In zijn eerste brief aan de gemeente van Corinthe noemt hij Crispus en ook Gajus.
Deze laatste stelde zijn huis in Corinthe open voor Paulus en voor heel de gemeente.
Dit laatste schrijft Paulus vanuit Corinthe aan de gemeente in Rome: "Gajus, wiens gastvrijheid ik en de gehele gemeente genieten, laat u groeten".
Ook brengt Paulus in deze brief de groeten over van Erastus, de stadsrentmeester (gemeente-ontvanger), die kennelijk ook tot de gemeente behoorde.
Corinthe was een oude stad en werd in 146 voor Christus verwoest, maar spoedig weer herbouwd. De plaats lag op een strategisch zeer belangrijke plaats, op het kruispunt van twee delen van Griekenland en aan zee. Reeds in het begin van onze jaartelling zijn er plannen geweest om een kanaal te graven bij Corinthe teneinde zo de Golf van Corinthe te verbinden met de Saronische Golf. Keizer Nero moet in het jaar 66 met een gouden spa de eerste schep grond hebben verplaatst. Later zijn 6000 joodse dwangarbeiders hier aan het werk gezet, maar pas in 1893 werd na elf jaren van hard werken het kanaal van Corinthe voltooid. Het is een belevenis door dit kanaal te varen, langs de steile rotswanden, omhoog te kijken.
Paulus heeft dit moois niet gezien. Wel heeft hij delen van de oude stad, zoals die na opgravingen nu weer zichtbaar zijn, gekend. Corinthe was een rijke plaats, had heel veel tempels, o.a. ter ere van de liefdesgodin Aphrodite. Er waren honderden priesteressen van haar, die in de stad als prostituée optraden.
Als je dit weet, wordt het lezen van Paulus' brieven aan de gemeente van Corinthe duidelijker. Denk maar eens aan 1 Corinthe 6, waar Paulus ten strijde trekt tegen de losbandigheid en waarin hij zegt, dat we God met ons lichaam moeten verheerlijken. Zijn opmerkingen over het huwelijk worden duidelijker, als we de achtergrondsituatie kennen.
Er was echter veel meer. De leden van de gemeente gingen zich bij het Avondmaal te buiten en kwamen zelfs dronken naar de bijeenkomsten. Ze namen de slechte gewoonten van hun stadgenoten over en leefden er vaak maar op los.
Paulus heeft de namaak-liefde van Corinthe, waar hij ongeveer anderhalf jaar woonde, gekend en ging schrijven over de ware liefde (1 Cor. 13), die lankmoedig is en niet opgeblazen, die goedertieren is en niet praalt, die niemands gevoel kwetst en zichtzelf niet zoekt.
Toch komen er in zijn brieven ook goede dingen naar voren. Hij kan bij de Macedoniërs roemen over de bereidvaardigheid en de ijver van de gemeente (2 Cor.
9:1). Terwijl we door de opgravingen dwaalden zagen we ook enkele stenen met een kruis er op, herinneringen aan wat eens een christelijke kerk is geweest.
In Corinthe waren veel pottenbakkers.
In zijn brief aan de gemeente van Rome schrijft hij (9:19 e.v.): "Nu zult gij mij zeggen: "Wat heeft Hij (God) dan nog te laken? Wie immers kan zijn wil weerstaan?" 0 mens, wie zijt gij toch, dat gij God wilt tegenspreken? Zegt het beeld soms tot zijn boetseerder: "Waarom hebt gij mij zo gemaakt?" Staat het de pottenbakker niet vrij van dezelfde klomp leem zowel iets kostbaars te maken als een voorwerp voor alledaags gebruik?" Paulus had eerbied voor het werk van Gods handen. De apostel heeft veel tegenspoed ontmoet in Corinthe, vooral van de joden. Hij wordt voor de landvoogd Gallio gesleept (Hand. 18:9 e.v.), maar deze is niet van plan Paulus te straffen. Het gaat immers over 'een woord en namen en de wet'.
De brieven van Paulus, ook aan deze gemeente, zijn aktueel. En daarom geldt het slot van de tweede brief ook voor ons: " ... weest blijde, laat u terecht brengen, laat u vermanen, weest eensgezind, houdt vrede ..."

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief