Kunst in Dordrecht
1994-12-02
In de treintaxi in Dordrecht vraagt de chauffeur: "Is er iets te doen in die kerk? Gisteren moest ik er ook al een paar mensen naar toe brengen!" Inderdaad, er is in de 'Open Hof' iets te doen. De kerk is niet alleen op zondag geopend. Deze week worden er de kunstdagen gehouden. - Jaargang 38
- nummer 24
In het kerkgebouw, een houten noodgebouw van een voormalige school, is het een drukte van belang. Er lopen kinderen en jongeren rond. Je zou bij een kunsttentoonstelling een iets ouder publiek verwachten. Het blijkt dat Hans van Seventer neteen lezing over kunst, speciaal gericht op de jeugd, heeft gehouden. De kerkzaal ziet er heel bijzonder uit: alle wanden zijn versierd met schilderijen. De muziek van Modeste Moessorgski ('de schilderijententoonstelling', 1874) speelt me even door het hoofd. Zo zie je weer eens waar muziekonderwijs op school goed voor is, al merk je dat soms jaren later .... Misschien dat de jongeren zich later ook déze schilderijententoonstelling zullen herinneren.
Vier dagen kunst in de kerk
Aan twee organisatoren, Jannie Kleingeld en Leny Horsman, stel ik een paar vragen. De eerste vraag is, hoe ze op dit idee zijn gekomen. Leny: "In 1991 waren we van plan om Hans van Seventer uit te nodigen voor een lezing.
Tijdens de voorbereidingen groeide het plan uit tot een expositie én een lezing, mede omdat ons kerkgebouw daar erg geschikt voor is. Toen duurde de tentoonstelling twee dagen en dat vonden we te kort, ook al als je kijkt welke voorbereidingen het allemaal vraagt om zoiets te organiseren. Deze keer hadden we vier dagen tot onze beschikking. Je kunt dan ook veel meer doen. En het blijkt opnieuw dat we met ons gebouw werkelijk alle kanten uitkunnen. "
Muziek
Bij kunst denk je misschien aan schilderijen, maar er is ook muziek. Zo waren er op woensdagavond muzikale bijdragen van Nando van Essen en Gerard Rijken van Olst. Leny: "De kombinatie van zitten, kijken en luisteren is heel plezierig. Je luistert naar de muziek, maar af en toe wordt je oog ook weer getrokken door een schilderij wat hier hangt." Op donderdagavond trad de dansgroep Het Theaterhuis op met 'Man in the black coat' en het 'Bosnisch Requiem'. Jannie: "De theatergroep staat onder leiding van Natasja Visser-Martinov, zij komt zelf uit Kroatië. Ze is er ook in de afgelopen jaren een aantal malen geweest.
Het 'Bosnisch Requiem' is gebaseerd op verhalen van vluchtelingen. Ik vond het een heel aangrijpend stuk. Ook mensen in de zaal werden bij dit theaterstuk betrokken."
Organisatie
Hoe zit de organisatie van zo'n tentoonstelling in elkaar? En hoe kom je in de publiciteit? Jannie: "We hebben de kunstdagen met nog twee vriendinnen georganiseerd. Daar zit inderdaad wel het een en ander aan vast. Wat de publiciteit betreft: we hebben alle kerken in Dordrecht aangeschreven; in vrijwel alle kerken kennen we ook persoonlijk mensen, die werden contactpersoon. We hebben gezorgd voor publiciteit in de kerkbladen, er zijn folders en posters uitgedeeld. Ook werd aan de kerken in de regio's (Dordrecht en Rotterdam) informatie toegezonden. We hebben de indruk dat de mensen uit de regio dit ook erg op prijs hebben gesteld. Daarnaast zijn er folders aan kennissen in
het land toegezonden.'
Gesprekken
Ik ben benieuwd of er ook mensen van buiten de eigen gemeente naar deze tentoonstelling komen. Dat blijkt inderdaad het geval. Soms nemen gemeenteleden buitenkerkelijke kennissen of buren mee. "Ze komen zo eens op een heel andere wijze met de kerk in aanraking, je bent dan op een bepaalde manier drempelverlagend bezig." Het blijkt ook dat zo'n tentoonstelling andere kontakten mogelijk maakt, je raakt met elkaar aan de praat. Het contact geldt ook de leden van de eigen gemeente: "Je komt opeens met iemand in gesprek met wie je anders zelden spreekt. Je hebt het dan over een schilderij en je ontdekt dat je er allebei op een bepaalde manier naar kijkt. Het is heel boeiend om te ontdekken dat je op zo'n manier toch dichter bij elkaar kunt komen te staan."
Motivatie
Waarom hebben de organisatoren zoveel werk verzet om deze tentoonstelling mogelijk te maken? "We vinden het leuk om iets te organiseren. We vinden het ook een goed idee om kunst dichterbij de mensen te maken, zoals Hans van Seventer destijds al deed met zijn lezingen. En een expositie is dan nóg beter. Zoals al eerder naar voren kwam, is ons kerkgebouw gemakkelijk te gebruiken voor allerlei evenementen en we vinden het als gemeente fijn om het zo ook te gebruiken.
Daarnaast proberen we de kinderen in onze gemeente altijd een belangrijke plaats te geven, vooral bij de feestdagen, tijdens gemeenteweekends en ook hierbij. Kunst komt voor hen op deze manier heel dichtbij, ze sjouwen er zelfs mee rond. Ook is het goed dat ze kunstenaars ontmoeten die zelf christen zijn. Alles bij elkaar: het zo met elkaar op een andere, ontspannen manier bezig zijn, waarbij je elkaars verschillende gaven weer ontdekt en het genieten van zoveel mooie dingen om je heen, de expositie, de muziek, de bloemen, het theater, dát vinden we 'stukjes van het Koninkrijk'."
Verzekering
Nog even een vraag van materiële aard: zijn de organisatoren er niet bang voor dat de kunstwerken gestolen worden? Angst wordt door Leny en Jannie niet genoemd. Wel slapen er deze week 's nachts twee mensen in de kerk. "Dat moest van de verzekering.
Een rondje door de zaal
Ik loop even een rondje langs een aantal schilderijen. Steeds weer kom ik terug bij het werk van Jan van Loon.
Dat zegt niets over de kwaliteit van het andere werk, het is een persoonlijke voorkeur. Het open land van Groningen en het ruige landschap van IJsland, vastgelegd op het doek. Ik vraag aan een jongen van een jaar of 12 wat hij het mooiste schilderij vindt. "Dat met de sneeuw, in de gang. Het is ook erg duur." (van Pit van Loo). Een teener: "Het schilderij van Sarajevo, met dat kapotgeschoten huis." (van Rein Pol). Andere bezoekers zie ik steeds weer andere schilderkunst bewonderen. Zo heeft iedereen zijn eigen voorkeur. Valt er een objectief antwoord te geven op de vraag wat 'goede kunst' is? Wie weet, weten de kinderen die hier rondlopen het antwoord wel. Eens even vragen....
Dropjes en kunst
Drie jongeren die de lezing van Hans van Seventer hebben gehoord: wat hebben ze onthouden? Els: "Het ging over smaken. Het is net als bij dropjes. Je kunt niet zeggen dat het ene dropje beter is dan het andere dropje, de ene houdt van zoute drop, de andere weer van andere drop. De één schildert de huiskamer op de ene manier en de ander op de andere manier. En het is ook wat je er in ziet, want laatst hielp ik in de kerk met het schilderen van een muur en toen zei iemand: Hé, je hebt een boot geschilderd. En inderdaad, als je op een bepaalde manier keek, leek het wel een boot. Toen zag ik het ook zo." Een kwestie van smaak, dus. Eens even verder doorvragen ....Een vraag aan Karel wat hij het mooiste schilderij vindt. "Dat wat hier achter ons hangt, met dat water." Jaap vult hem aan: "Ik vind wel dat je moet kunnen zien wat het is, anders vind ik er niks aan." Karel: "Het is trouwens wel duur, ik kan maar de helft betalen." Ik vraag aan hem of zijn vader dan niet de andere helft wil betalen. "Ja, maar die heeft weer een andere smaak, dan hebben we straks twee helften van verschillende schilderijen in huis."
Schilderkunst door het oog van jongeren
Els gaat nog even verder door op het schilderij 'Tabitha's Ark' van Paul Martin. Hans heeft uitgelegd hoe dit schilderij tot stand is gekomen. "Er hebben eerst andere personen op gestaan, maar hij heeft het later toch weer veranderd. En je ziet er allemaal mensen en voorstellingen uit de Bijbel op, die elkaar nooit zijn tegengekomen.
Eva zie je, en de slang, en Lazarus, de haan die kraaide bij Petrus, Dorcas, en de 5 broden en de 2 vissen.
Ik vind het erg mooi." Jaap: "Als je weet wat het is, ga je het mooier vinden." Els: "Wat ik ook een bijzonder schilderij vind, is dat gebouw van Sarajevo. De schilder wilde uitleggen wat het betekent als er bij ons oorlog zou komen en als ze onze mooie gebouwen in puin zouden schieten. Dan ga je er echt nog eens extra over nadenken. Maar het mooiste schilderij vind ik het schilderij dat hier om de hoek hangt, even kijken in de lijst hoe het ook alweer heet, het heet 'Beschermengel'. En 'Yellow Rose' vind ik ook erg mooi" (respectievelijk van Bettina Clowney en van Tineke van den Berg).
Een moeilijke vraag is, of deze schilderijen ook met het christelijk geloof te maken hebben. Els: "de meeste schilders zijn wel christelijk". En hebben ze ook hun tekenleraar meegenomen?
Karel: "Nee, want ik heb geen tekenleraar."
Els: "Nee, ik heb er niet aan gedacht, het had wel gekund natuurlijk."
En hoe zouden deze 3 jonge gemeenteleden het vinden als er op zondag ook kunst in de kerk zou hangen?
Jaap: "Ja, dat zou ik wel goed vinden. Dan heb je ook eens iets om naar te kijken. Dan ziet de kerk er meteen heel anders uit." Tenslotte: vinden jullie het goed als ik een paar dingen die jullie gezegd hebben in 'Opbouw' zet? Jaap: "Dat lees ik nooit, want mijn vader neemt het altijd direct mee naar boven." Advies aan deze vader: 'Opbouw' voortaan beneden laten liggen!
Tupperware
Hans van Seventer heeft nog net even de tijd om mij te woord te staan, voordat hij een lezing voor 'de grote mensen' moet gaan houden. Aan hem de vraag of het houden van zo'n tentoonstelling zin heeft. Hans: "Kunst bereikt altijd een kleine groep mensen. Er bestaat onder mensen doorgaans een huiver voor alles wat kunst is. Ze kopen in één avond een auto van f 30.000,=, maar ze doen 2 maanden over de aankoop van een schilderij van f 1000,=. De drempel ligt dus hoog, het lijkt wel of veel mensen zich schamen als ze een kunstwerk kopen. Men ziet kunst als luxe. Kunst is ook geen werk, vindt men, daarom hoor je een kunstenaar niet te betalen. We zien dat in de kerken ook. Denk maar eens aan de positie van de organist in onze kerken. En dat terwijl de zangers in de Bijbel de eerste betaalde tempeldienaars waren, zelfs nog voor de priesters.
Men ervaart dus een drempel ten opzichte van de kunst. Daarom moet je naar de mensen toe gaan om hen te bereiken. We hebben dit soort avonden vroeger ook wel in huiskamers gehouden. Ik zei dan wel eens dat we een 'Tupperware-avond voor de kunst' hadden. Gereformeerde mensen stappen niet gauw naar een galerie. In de kerk ligt voor hen de drempel lager; hoe vreemd het ook klinkt: hier hangt voor hen een minder heilige sfeer dan in een galerie, hier komen ze wel kijken.
Voor de verkoop hoef je het niet te doen, maar het brengt kunst dichter bij de mensen. Ik ben dan ook heel blij met zo'n initiatief als vanuit de kerk in Dordrecht. Eerst zie je er tegenop om met zoveel kunstwerken een lange reis te maken. Er hangen hier meer dan 100 schilderijen van kunstenaars die betrokken zijn bij Art Revisited. Achteraf ben ik dankbaar dat we het toch gedaan hebben. We krijgen veel bemoedigende reacties."
Pre-evangelism
Wat heeft het organiseren van zo'n tentoonstelling met het christelijk geloof te maken? Hans: "Je kunt het zien als een soort pre-evangelism (een term van dr. F.A. Schaeffer, die ook gebruikt werd door Prof. dr. H.R. Rookmaaker) voor de gemeente. Er komen hier bijvoorbeeld ook buitenkerkelijken. Ze komen op deze manier ook eens in de kerk, bijvoorbeeld met hun buren mee. Ze zien dat de kerk iets heel anders doet dan het saaie dat ze altijd bij de kerk verwachten. Je bent samen met elkaar bezig en je merkt dat het in de kerk ook heel bijzonder kan zijn, dat er een goede sfeer hangt, dat je met elkaar bezig kunt zijn."
4 visies op kunst
Het is tijd om een plaatsje in de zaal te zoeken. Er worden stoelen aangedragen om iedereen een plek te geven.
Even later vertelt Hans van Seventer in een levendig betoog een aantal zaken die de kunst voor de leek veel dichterbij brengen. Eerst gaat hij in op 4 verschillende visies op kunst.
1) Kunst is een luxe.
In deze visie worden de dingen beoordeeld op hun nuttigheid. Een nuttige samenleving betekent echter een esthetische verarming. Kijk maar eens naar de schoonheid van een industrieterrein. Mooie industrieterreinen zie je zelden .
2) Kunst is de opvolger van de religie.
Nu het christelijk geloof als dragende kracht van de samenleving bezig is weg te vallen, verwacht men dat de kunst ons iets biedt waardoor het leven toch nog zin krijgt.
3) Kunst is datgene wat in een museum hangt.
De experts maken dus wel uit wat kunst is: je moet ervoor gestudeerd hebben. De werkelijkheid is relatief, je maakt je eigen zin. Het is in deze visie zelfs al duidelijke welke kunstenaar 'het gaat maken': de kunstenaar die de experts aan zijn zijde weet.
4) Kunst is een getransformeerde wijze van kijken .
Met deze wat moeilijke term wordt bedoeld dat het kijken weliswaar centraal staat, maar dat je manier van kijken niet onbevooroordeeld is: er gebeurt iets mee. Je kijkt altijd met je eigen ogen, met jouw geloof, met de achtergrond van jouw cultuur. De waarneming, het kijken, vormt echter wel de dragende kracht van de kunst; kunst begint en eindigt met het kijken.
Is A beter dan B?
Zonder waarneming bestaat geen kunst; je gebruikt je zintuigen om waar te nemen. Er bestaan bepaalde wetmatigheden (een term uit de Wijsbegeerte der Wetsidee). waarmee je iets kunt zeggen over de kwaliteit van het kunstwerk. Kunst is dus niet alleen relatief. Als er bepaalde wetmatigheden bestaan, kun je dan ook zeggen dat Mondriaan beter is dan De Koning? Je kunt inderdaad wel kwaliteit aanwijzen.
Wanneer je werken van verschillende impressionistische kunstenaars naast elkaar zet, kun je binnen dat gebied wel het één en ander zeggen over verschil in kwaliteit. Maar je kunt niet zeggen dat een impressionist betere of slechtere kwaliteit levert dan een schilder tijdens de Renaissance, want dan ben je bezig appels met peren te vergelijken. Er zijn nu eenmaal verschillende stijlen. Wie twee kunstenaars aan het werk ziet, ziet al gauw dat de één heel anders werkt dan de ander. De ene schilder kijkt na iedere pennenstreek weer naar het object dat hij aan het schilderen is, de ander neemt -bij wijze van spreken- een foto, hij kijkt heel even naar het object, en gaat daarna schilderen zonder het object ook nog maar één keer te zien. Er waren talloze levende voorbeelden ter illustratie aanwezig. Stel: je wilt op een bepaalde wijze de zon op het water wil schilderen: dan moet je in korte tijd je schilderij maken, want even later is de situatie heel anders. Een stilleven is veel stabieler. Je kunt het snel maken, als een globale impressie. Je kunt er van alles bij verzinnen. Je kunt het ook heel minitieus schilderen. Iedere schilder heeft daarbij zijn eigen werkwijze. Je kunt niet zeggen dat A beter is dan B, A werkt wel anders dan B.
Manierisme
Even een duik in de geschiedenis. Wanneer een kultuur snelle veranderingen door maakt, heeft men het gevoel dat het oude niet meer voldoet, maar een nieuwe weg heeft men nog niet gevonden. Het begin van de Reanaissance was zo'n periode. Men voelde men zich toen soms nog verplicht om religieuze voorstellingen te schilderen. Het gevolg was dat er schilderijen van dagelijkse tafereeltjes gemaakt werden, waarbij het geloofsaspect er als het ware met de haren bijgesleept werd (men noemt dit wel manierisme). Bijvoorbeeld: een voorstelling uit de visserij, met Jezus in een hoekje. Uit zo'n schilderij komt dan vaak niet een duidelijke overtuiging naar voren. Men houdt op een wat slappe manier vast aan het oude en men durft nog niet met overtuiging aan iets nieuws te beginnen. Kunstenaars waren zelf niet tevreden over deze manier van schilderen en gingen in toenemende mate teruggrijpen op oude motieven, zoals naar de antieke oudheid. In onze tijd herken je deze verschijnselen ook in de samenleving. Alles verandert, het oude voldoet niet meer, maar men weet nog niet wat het nieuwe moet brengen. Het gevolg is een verzameling van allerlei oude en bij elkaar gevoegde elementen.
Boodschap
Wat gebeurt er als de boodschap heel nadrukkelijk in een schilderij door wilt laten klinken? Dan kan het anekdotische gaan overheersen. Een schilderij komt dan in dienst te staan van de boodschap. Zo'n situatie is dodelijk voor de kunst. Denk maar eens aan de schilder'kunst' in Nazi-Duitsland en in de voormalige Sovjet-Unie. Een schilder een boodschap over moet brengen, loopt het risiko dat zijn kunstwerk gaat lijden onder de te nadrukkelijk geformuleerde opdracht Hoe gaat de kunstenaar om met de boodschap? Aan de hand van een groot schilderij van Paul Martin werd getoond op welke wijze de schilder te werk was gegaan. Het kunstwerk 'Tabitha's Ark' laat geen feitelijke bijbelse geschiedenis zien, maar toont als het ware een collage van verschillende bijbelse taferelen. Eerder in het artikel legde Els al uit wat er op dit schilderij te zien was. Paul Martin wilde zich niet laten leiden door een te nadrukkelijke opdracht. Hij heeft dan ook geen feitelijke bijbelse vertelling geschilderd.
Toch klinkt er een bijbelse boodschap in door, maar op een volstrekt eigen en kunstzinnige wijze. De schilder vermijdt het vertellen van een verhaal, maar vertelt de kijker toch iets. Hij zet de kijker dus aan het denken.
Vragen
De inleider legde aan het aandachtig luisterende publiek het één en ander uit met betrekking tot een aantal tentoongestelde werken. Voldoende stof om op een andere manier naar kunst te gaan kijken. Ook voldoende stof voor een groot aantal vragen. Die kwamen dan ook uit de zaal. Zoals: hoe meet je nu eigenlijk de kwaliteit van een kunstwerk? Hoe doet de Raad voor de Kunst dat bijvoorbeeld? Van Seventer toonde zich hierover allerminst enthousiast. Er lijkt een andere vraag te spelen: wie is er aan de macht? Ook bepaalde motieven lijken de kwaliteitsbepaling te beheersen.
Men zegt bijvoorbeeld dat kunst vernieuwend moet zijn en dat de schilder niet historisch mag schilderen. Eigenlijk is dat een 'criterium van de ideologie'. Hoe kun je dan zélf een kwaliteitscriterium ontwikkelen? Van Seventer: "Als je veel kijkt, groeit er een kwaliteitscriterium. 'Leken' ontwikkelen op die manier ook een gevoel voor kunst, al weet je dan vaak zélf niet waaróm je iets mooi vindt. Bovendien ontwikkelt smaak zich. Bij de aankoop van een kunstwerk spelen allerlei factoren een rol mee als: kwaliteit, vind je het mooi, klikt het tussen jou en de kunstenaar?"
Journaal
Tijdens de lezing van Van Seventer werd ook de direkteur van het Groninger Museum, Frans Haks, genoemd.
Hij heeft veel kunstwerken in zijn museum staan. "Iets is kunst als het in een museum staat." Op het moment dat Van Seventer in Dordrecht over een kunstwerk in het Groninger museum sprak, werd Haks geïnterviewd voor het Journaal (28 oktober 1994).
Over het spraakmakende gebouw dat op deze dag geopend werd zei Haks: "Een gebouw getuigt van een bepaalde mental iteit. Het roept dus reaktie op. De één vindt het mooi, de ander vindt het lelijk. " Niets aan de hand dus, een kwestie van smaak, en maar goed ook dat het zulke tegengestelde reakties oproept. Kunst is immers relatief... En Allessandro Mendini (een architect) zei in dezelfde aflevering van het Journaal: "Een museum moet vriendelijk zijn en iets religieus hebben. Kunst is iets spiritueels. Dit gebouw biedt daarvoor de mogelijkheid." Een treffender illustratie van het gelijk van de analyse van Van Seventer met betrekking tot een hedendaagse visie op kunst valt bijna niet te maken...
Kunst dichterbij
De aanwezigen in Dordrecht hebben kunnen genieten van de smaakvolle inrichting van de tentoonsteIl ingsruimte.
Ze hebben een aantal mooie kunstwerken kunnen bewonderen. Jong en oud heeft ook kunnen leren van de boeiende uitleg door Hans van Seventer. De kunst is voor hen dichterbij gekomen. En dat in een kerkgebouw....
Dat zijn we niet zo gewend, maar waarom eigenlijk niet? Kunst maakt immers een wezenlijk deel uit van het Koninkrijk....