Flops
1994-07-01
"Mam, wil je die stapel 'Trouw's' laten liggen? Er staan een paar artikelen in die ik uit wil knippen," zei Janneke, onze dochter. Ze zag dat ik aanstalten maakte om het konijnehok te verschonen en stelde haastig haar informatiebron veilig.- Jaargang 38
- nummer 13
"Komt in orde snoes, ik neem deze wel" zei ik welwillend en pakte een stapel Nederlandse Dagbladen. "We zullen het konijntje eens een goed gereformeerde ondergrond geven, misschien knapt ze er vlugger van op."
"Ik help het je hopen," zei Janneke en ging met me mee naar buiten, waar Flopsje, het dwergkonijn van Reinier, in een hokje zat.
Ons konijn is 'lopend patiënt'.
Een paar weken geleden vonden we haar op een warme zondagmiddag, zielig in elkaar gedoken in een hoekje van de ren. Ze kwam niet overeind toen Reinier haar een worteltje gaf en zelfs het blaadje andijvie dat Janneke haar voorhield en waar ze normaal op af sprint, bracht haar niet op de pootjes.
Ze bleef doodstil zitten en haar neusje bewoog zenuwachtig.
"Wat is er beestje," zei Janneke en aaide Flopsje achter haar oren. Nu maken konijnen bijzonder weinig geluid en het onze is daarop geen uitzondering.
Flops zei niets.
Alleen toen Reinier haar wilde pakken gaf ze een 'Gurk...Gurk'-geluidje en strompelde weg.
"Ach... wat zielig! Ze is mank... Kijk eens naar haar pootje. Dat hangt helemaal slap!" riepen Janneke en Reinier tegelijk.
Binnen een paar tellen stond het hele gezin om het gaas heen.
"Mam, je moet meteen naar de dierenarts met haar, hoor," zei Janneke.
"Op zondag... Ben jij niet lekker," zei ik nuchter. "Eerst maar eens afwachten hoe het morgen is!"
Maar de volgende morgen was er geen verbetering zichtbaar en het konijn had duidelijk pijn. Op naar het spreekuur van de dierenarts.
Reinier, die vreselijk met het diertje te doen had, hield haar op schoot in de wachtkamer. Het was voor mij de eerste keer dat ik bij een dierenarts zat en de overeenkomst in conversatie tussen de wachtenden daar en de wachtenden bij een gewone arts verbaasde me.
Een mevrouw met een hond formaat kalf, wees op de doos en zei tegen Reinier: "Wat heeft hij?"
"Zij... Dit is een zij."
"O... dat is niet zo goed te zien."
"Ze heeft haar pootje bezeerd."
"O, wat sneu."
En dan begin je sociaal terug: "Dat is een mooie hond."
"Ja hé... En zoet mevrouw! Je hoort haar niet. Gemakkelijk beest... Daar kan je er wel tien van hebben.
"Tien! Nou, nou." Ik zag meteen een stal voor me. De dame streelde haar hond teder over de kop en de hond jankte.
"Houden honden van konijnen?" fluisterde Reinier beducht.
En ik zei zacht terug: "Ja... Erg."
Hij legde zijn handen stevig op de doos en maakte kalmerende geluiden tegen het konijn.
Toen we aan de beurt waren liet de assistente ons in een kleine behandelkamer en zei: "U moet straks niet schrikken, want de dokter komt helemaal ingepakt binnen. Hij is namelijk allergisch voor knaagdieren."
Reinier en ik dachten aan een mop en proestten waarderend.
Toen ging de deur open en de dokter kwam binnen, in plastic gehuld.
Hij zag eruit als een mengvorm tussen een middeleeuwse pestdokter, u weet wel, met zo'n witte kap, en een maanmannetje.
"Tjonge...," hoorde ik Reinier binnensmonds mompelen.
"Mijn assistende heeft verteld dat ik allergisch ben?" zei de dierenarts vanachter zijn plastic masker. Wij knikten ernstig.
Hij boog zich over het konijntje en constateerde een gebroken poot.
Een half uur later liepen we weer terug.
Flopsje zat in het gips en ik moest een hoesje maken zodat ze het gips er niet af kon knagen.
Omdat het een damesachtig konijn is, maakte ik er één van witte katoen met een groene strik. Het stond haar chic.
Inmiddels is het gips er af, maar ze moet nog een week in haar nachthok blijven. Dat vraagt veel schoon stro en stapels kranten. Ik geef het konijn graag kwaliteit, dus de krijgt de degelijke pers als ondergrond. Geen advertentiebladen, geen Libelles, geen Donald Duck's, want die zitten niet lekker en nemen niet op. Gewoon Trouw of het Nederlands Dagblad.
Helaas gaat er door dat dubbele gebruik wel eens een artikeltje verloren dat in een knipselmap thuishoort, maar tenslotte moet je iets voor je dieren overhebben.
Zo is het maar net!