Tussen Evangelischen (2)

1994-12-30
  • Jaargang 38
  • nummer 26
In een eerste artikel heb ik geprobeerd de Freie evangelische Gemeinde (FeG), en dan toegespitst op de gemeente in Berlin-Tempelhof te beschrijven. Ik wil nu nader ingaan op de verschillen metons.

Aard van de verschillen
Er zijn met deze gemeenten verschillen, die mede een kwestie van smaak en dosering zijn. Ze zijn beslist niet verwerpelijk alleen maar omdat we ze niet kennen. Aansluitend bij wat Ds v.d. Dussen op dit punt heeft gezegd, denk ik dat we van de praktische inslag en de openheid om bijvoorbeeld vanuit het geloof te praten kunnen leren. Verschillen kortom, die niet doorslaggevend zijn, maar juist wel leerzaam. Maar er zijn ook inhoudelijke, belangrijkere verschillen tussen evangelisch en gereformeerd. AI voel je ze op zich wel aan, het was voor mij in eerste instantie wel moeilijk er de vinger bij te leggen.

De uitverkiezing
Is het de uitverkiezing? De dissertatie van Van der Dussen doet dat vermoeden. Enkele gesprekken in de gemeente alhier bevestigden dat nog eens: "ben je gereformeerd? 0, dan geloof je dus aan de uitverkiezing". Bingo! Maar toch, verder sprekend met de nieuwe predikant, luisterend naar zijn preken en naar die van anderen, ben ik tot de conclusie gekomen dat hierin niet zozeer het verschil met deze Evangelischen ligt. Gods initiatief, als het erom gaat dat iemand tot geloof komt en hoe, klinkt hier onmisverstaanbaar door. Wel zijn de predikanten op dit punt duidelijker dan verschillende gemeenteleden, maar dat is bij ons niet anders. "Je kunt er (de uitverkiezing) gewoonweg niet omheen", aldus de predikant hier. Wel had hij vraagtekens bij de dubbele predestinatie. De verwerping van eeuwigheid zou eerder een juridisch getinte konklusie uit de uitverkiezing zijn, dan een bijbels gegeven. En al lezend viel het mij op, dat bijvoorbeeld in een hedendaagse uitgave van de belijdenisgeschriften als 'Van Credo tot Amen' (Uitg. Vijlbrief, 1981) de anders zo goed gevulde kantlijn met schriftverwijzingen bij deze delen van de DL wel erg leeg is. En heel voorzichtig kan ook gezegd worden, dat de verwerping van eeuwigheid bij ons ook niet erg leeft (hoe zou dat ook?). Met andere woorden, we staan hier kennelijk dichter bij elkaar, dan misschien op het eerste gezicht lijkt.

Verbond en Doop
Het verschil in de doop heeft mij op een ander spoor gebracht. Op Hemelvaartsdag was er een (mooie) doopdienst met tien dopelingen. Allemaal volwassenen, die in het 'gemeentezwembad' kopje-onder zijn gegaan. De voorbereiding voor de deze doop was een 'Taufseminar', waar ook belangstellenden welkom waren. Daar ging ik dan.
De doop is in de FeG een geloofsdoop. Bij elkaar horen: geloof, doop, zondevergeving, ontvangst van de Heilige Geest en opname in de gemeente. Dit wordt duidelijk beargumenteerd vanuit het NT, waar deze elementen steeds bij elkaar optreden. En ook al liggen de momenten van elk van deze dingen in de praktijk uit elkaar, ze horen bij elkaar. Uitdrukkelijk werd afstand genomen van de formule, die bij de kinderdoop gebruikt wordt, dat iemand bij de doop wordt opgenomen in het Verbond der genade. De bij ons geleerde continuïteit van besnijdenis naar doop wordt niet geheel ontkend. Er wordt echter tegenover gesteld, dat het Nieuwe Verbond van een ander karakter is! Waar in het Oude Verbond de kinderen van de bondelingen er ook bijhoorden, komen in het Nieuwe Verbond alleen gelovigen bij de gemeente, aldus de FeG, en worden er dus a!leen gelovigen (dus volwassenen) gedoopt. ' Anders dan bij de Baptisten is echter een volwassen doop geen voorwaarde. Wie zelf zijn kinderdoop erkent, diens doop wordt erkend. Wie meent dat zijn kinderdoop geen 'echte' doop was, kan worden overgedoopt. Het Verbond Kennelijk is de verbondsopvatting van doorslaggevende betekenis. ,,'t Verbond met Abraham Zijn vrind, bevestigt Hij van kind tot kind" (Ps 105:3 NB) zal een FeG-er niet meezingen, dat is tenslotte maar afwachten. Het Nieuwe Verbond wordt gezien als een totale vervanging van het Oude.
Van het Oude Verbond wordt gezegd, dat het verouderd is verklaard en niet ver van verdwijning (Hebr. 8:13). Dit nu wordt als het ware zonder onderscheid op 'het' oudtestamentische Verbond toegepast, en dan verl iest ook het Oude Testament zelf aan kracht. Wat dan nog over blijft zijn de woorden uit de Corinthenbrief: "Deze gebeurtenissen zijn ons ten voorbeeld geschied" (1 Cor. 10:6). Het OT heeft dan ook maar heel beperkte belangstelling in een FeG.
Proberend dit te begrijpen, meen ik dat te rigoreus van het oude afscheid genomen wordt. Als de Hebreeënbrief spreekt over het eerste verbond, wordt uitdrukkei ijk verwezen naar de uittocht uit Egypte en dus naar het Sinaï-Verbond. Maar er zijn toch meerdere Verbonden in het OT. Het Verbond met Noach is een ander dan dat met Abraham, en weer een ander dan dat met Mozes, c.q. via Mozes met het volk Israel. Het NT leert juist dat christenen door het geloof Abrahams kinderen zijn, en daarmee erfgenamen der belofte (Rom. 4 en 9, Gal. 4, om enkele plaatsen te noemen). Het oude Verbond, zoals dat in Hebr. 8:9 wordt genoemd, is het Verbond met Mozes, dat is de Wet die de gerechtigheid niet brengen kon. Dát Verbond is door een nieuw en beter Verbond vervangen, gelukkig maar. Maar hoe werkt zo'n verschil nu uit? Merk je dat? Toch wel, en daarvoor kom ik bij het volgende:

Gemeindeverständnis
Ik heb dit woord eerst maar zo laten staan. Het betekent zoveel als: gemeentebegrip of gemeenteopvatting, en is volgens mij een cruciaal punt van verschil met mijn evangelische broeders en zusters alhier.
Bij een presentatie van de Praeses van de Bond van FeG in Duitsland, Ds Peter Strauch, werd dit gemeentebegrip als kenmerkend onderscheid tot de Landeskirche, de Lutherse volkskerk, genoemd.
Door dat verschil in verbondsleer, is dit punt mij duidelijker geworden. Wie horen bij de gemeente? Dat zijn zij, die deel uitmaken van het Nieuwe Verbond, zij, die zich bekeerd hebben, die een duidelijke keuze voor Jezus hebben gemaakt en zich hebben laten dopen. Voor alle duidelijkheid: het zijn dus volwassenen. De kinderen zijn geen lid van de gemeente.
Dat merk je toch ook aan de manier waarop met hen wordt omgegaan in de gemeente. Er gebeurt natuurlijk wel een heleboel voor de kinderen, zowel voor de gemeentekinderen als voor vreemde kinderen. Maar het komt dus voor dat in de Dienst gebeden wordt, dat God de kinderen (die apart samenkomen) moge ontmoeten. Of dat van een jongen uit een gemeente-gezin gezegd wordt dat hij zich heeft 'bekeerd' en nu aan het avondmaal zal deelnemen. Een spraakgebruik dat ons vreemd is, als het gaat om iemand uit een gemeentegezin (dit betekent overigens niet, dat iemand een bekeringsgeschiedenis móet hebben).
Deze jongen was één van de dopelingen op Hemelvaartsdag. Het verwondert dan niet, dat in dit klimaat toch meer aandacht is voor ons en onze bekering, dan voor het werk Gods. Immers, ons geloof is voorwaarde en er is geen geloof zonder bekering. De ervaring speelt dientengevolge ook een belangrijke rol, die bijvoorbeeld tot uitdrukking komt in de eerder genoemde getuigenissen, die soms in de dienst worden afgelegd. De prediking tot slot loopt het gevaar eenzijdig te worden en te vervlakken.

Evangelisch. Gereformeerd
Het is heikel om op grond van deze korte en beperkte kennismaking met Berlijnse Evangelischen in de FeG vergaande conclusies te trekken. Bovendien moet deze inperking echt gemaakt worden: dé Evangelischen bestaan niet. Maar toch, we kunnen en wellicht moeten van Evangelischen wat leren. We zouden best wat vrijer en vrijmoediger met ons geloof om kunnen gaan. In alle voorzichtigheid moeten we wellicht ook leren anders met onze geloofservaring om te gaan.
Maar wie het Nieuwe Verbond loskoppelt van het Oude, verliest m.i. toch wel erg veel. Waar blijven Gods beloften uit Nieuwe én Oude Testament? Waar draait het steeds om: om ons en onze bekering, of toch om onze God, die naar ons toegekomen is. Hoe kijken wij tegen onze gemeentekinderen aan? Hoe en in hoeverre horen zij erbij?
De ontmoeting met Evangelischen ervaar ik als heel spannend, omdat het dwingt over tal van onderwerpen opnieuw na te denken. Het maakt ons bewust van eigen tekorten, maar ook van rijkdom op het eigen erf.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief