Op zoek naar het kerkelijk archief
1993-07-30
Iedereen kent dat wel. Je hebt een artikel weggegooid en later heb je het toch weer nodig. Of je denkt dat een ander het wel bewaard heeft, maar dat blijkt niet het geval. Dan begint er een lange zoektocht....- Jaargang 37
- nummer 16
In de kerken is het vaak niet anders dan thuis. Archiefbeheer is nu eenmaal een vak apart. Daarom is het goed dat de Landelijke Vergadering van Utrecht (1974) besloot tot de instelling van een archief, zodat alle stukken op één plaats bewaard worden 1. Het blijkt dat veel gemeenteleden helemaal niet weten dat onze kerken zo'n archief hebben. De beheerder van het archief is de heer D. Smits uit Vlaardingen. Hij bewaart niet alleen de stukken van de Landelijke Vergadering, hij verzamelt eigenlijk van alles wat betrekking heeft op het reilen en zeilen van onze kerken. Zo maakte de eindredacteur van het Informatieboekje 1993 dankbaar gebruik van knipsels uit kranten, die de heer Smits nauwgezet gesorteerd en bewaard had. Ook is de heer Smits bereid om de plaatselijke kerken van advies te dienen bij het archiefbeheer. Voldoende reden om de archivaris eens thuis op te zoeken.
De heer Smits haalt mij af van het station en al in de auto blijkt hoezeer het kerkelijk archief hem ter harte gaat. Mevrouw Smits ontvangt ons met een kopje thee en daarna gaan we al snel naar boven. Ik had geen idee hoe zo'n archief eruit zou zien, maar: hier staat 'het' dus, tastbaar en zichtbaar aanwezig. Een ruime kamer, volgestouwd met boeken, dozen, een bureau, een archiefkast, een PC.
Mijn eerste vraag is: hoe is men eigenlijk bij u terecht gekomen?
Eigenlijk ben ik zelf de schuldige, ik ben erover begonnen. Ik schreef een brief aan de Landelijke Vergadering van Bunschoten (1973), waarin ik de vraag stelde of het niet wenselijk zou zijn om een archief en documentatiecentrum voorhanden te hebben, wat door de kerken geraadpleegd kon worden. De L.V. van Utrecht stemde hier toen, na een advies van een kommissie, mee in. En ik werd de archivaris, want ik was erover begonnen...
Maar dat vond ik niet zo erg, want ik was zelf al sinds 1960 bezig met het bijhouden van allerlei gegevens, het was dus al min of meer een hobby.
Heeft het bijhouden van een archief met uw vroegere werk te maken?
Nee, want ik was administrateur bij 'Woord en Daad'. Maar het bij houden van krantenknipsels e.d. over allerlei onderwerpen was al jarenlang een hobby van me. Het lag me dus wel, dat verzamelen. In de jaren '60 rijpte bij hem het idee om wat gerichter kerknieuws te gaan bewaren. Want, zo was "mijn idee, later willen mensen er toch graag weer achter zien te komen wat er allemaal precies gebeurd is.
Kunt u uitleggen wat hier allemaal ligt opgeslagen?
De heer Smits laat een dossierkast zien. 'Predikanten' staat op een lade Hij trekt de lade open en er verschijnen tientallen hangmappen. "Kijk, hier heb ik alle gegevens uit o.a. de pers over predikanten verzameld. Even zoeken naar Algra. Dit is wat ik over uw vader heb". En inderdaad: allerlei berichten in een map gesorteerd, beroepingswerk, enz.
"En in deze lade zitten de gegevens van alle plaatselijke kerken. Even naar Den Helder kijken". De heer Smits laat zien wat er in deze map zit. Het zijn vooral gegevens van de tijd rond de scheuring. Sommige gegevens kende ik, andere zijn nieuw voor me. Geen mooie bladzijde uit de kerkgeschiedenis, maar wel iets wat bewaard moet blijven… "En dan deze grote kast. Daar zit het archief van de Landelijke Vergadering in. Kompleet met alle cassettebandjes van de LV in Ede, die zijn uiteraard veel uitgebreider dan de acta. Mijn eerste werk was destijds eigenlijk om alle gegevens van de Landelijke Vergaderingen vóór Utrecht kompleet te krijgen. Het is nu dus een hele kast vol. ...Helaas heb ik niet alle stukken die op de eerste Landelijke Vergadering betrekking hadden compleet. De oorzaak? Er waren soms geen stukken meer aanwezig!"
Daarmee komen we toe aan een volgende vraag. Waarom is een kerkelijk archief eigenlijk belangrijk?
Ik merk nu hoe nodig zo'n archief is. In de eerste jaren na de scheuring hadden veel mensen zoiets van: daar willen we niet meer aan herinnerd worden. Juist in die tijd dacht ik: het moet bewaard worden, want later hebben we het weer nodig. En dat blijkt nu opeens. Je ziet het aan een publicatie zoals 'Een kerk ging stuk'. Maar vooral ook aan vrijgemaakte zijde merk je dat men wil weten wat er 25 jaar geleden gebeurd is. En dan is zo'n archief van onschatbare betekenis. Het blijkt dan weer dat je niet zonde! Het vastleggen van een stuk kerkgeschiedenis kunt. Dan denk ik: dat knippen en plakken heb ik dus niet voor niets gedaan. Een nadeel van deze tijd is overigens heel duidelijk het gebruik van de telefoon. Veel zaken worden onvoldoende vastgelegd, daardoor gaat er voor de toekomst veel informatie verloren.
Door wie wordt u benaderd om informatie?
De vraag om informatie komt vooral van particulieren. Mensen die bezig zijn met een historisch of wetenschappelijk onderzoek, of als er in een gemeente een herdenkingsboekje wordt geschreven. Opvallend is dat hier vragen van leden van allerlei kerken komen. Het belang van het archief is dus zeker niet beperkt tot onze eigen kerken.
Hebt u contact met archivarissen van andere kerken?
Ja, dat is iets wat een aantal jaren geleden is ontstaan. Toen was er een groep mensen bezig aan een 'Gids voor Afscheidingsarchieven 1834-1892'. Enkele van onze plaatselijke kerken hebben ook nog van die oude archieven in hun bezit. Voor mij was het heel leerzaam en plezierig om die mensen te ontmoeten; er zijn ook nog steeds kontakten. De grote kerken hebben mensen in dienst die van beroep archivaris zijn, bij de kleinere kerken zie je meer dat het kerkelijk archief het werk is van iemand die dit 'erbij' moet doen. Overigens krijgen zowel de Christelijke Gereformeerde als de Vrijgemaakt-Gereformeerde kerken binnenkort een eigen documentatiecentrum. Verder heb ik regelmatig contact met en krijg steun van het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme in Amsterdam (in het hoofdgebouw van de V.U.). Tenslotte volg ik ook het werk van de Commissie tot Registratie van protestants kerkelijke en semikerkelijke archieven, ondergebracht bij de Rijksarchiefdienst in Den Haag.
Ziet u bepaalde zwakke punten in de plaatselijke archieven van de plaatselijke kerken?
Een zwakke schakel is het voortdurend wisselen van het scribaat. De ene scriba ligt het nu eenmaal meer om alles op orde te houden dan de andere scriba. Daardoor worden er soms stukken weggegooid, die toch bewaard hadden moeten worden. Bovendien zit er vaak weinig samenhang, weinig systematiek in de archieven. Aan het begin van de jaren '80 is over dat archief ook een vragenlijst aan alle kerken toegezonden. In die tijd verscheen ook een boekje dat uitlegt hoe je een kerkelijk archief moet bewaren en op moet zetten 2. En ik ben altijd graag bereid om plaatselijke gemeenten van advies te dienen...
U hebt ook van een aantal kerkbladen e&l zelfs complete plaatselijke archieven in uw bezit. Kunt u dat allemaal gebruiken?
Ik kan eigenlijk alles gebruiken. Mensen gooien veel te gauw iets weg, zonder aan de mogelijkheid van ons landelijk archief te denken. Natuurlijk hoeft hier niet alles opgeslagen te liggen, als je maar weet dat de plaatselijke kerken er zuinig op zijn. In de praktijk blijken er in de plaatselijke kerken toch regelmatig gegevens verloren te gaan.
Wat die plaatselijke kerkelijke archieven betreft: wanneer een gemeente wordt opgeheven of wanneer het archief te omvangrijk wordt kun je de stukken aan het archief van de burgerlijke gemeente afstaan. Zo'n gemeentelijk archief neemt echter alleen goed geïnventariseerde stukken op, men wil dat niet zelf sorteren. Daar ben ik dus ook mee bezig.
U hebt hier ook persoonlijke archieven. Wat doet u daarmee?
Een persoonlijk archief is bijvoorbeeld dat van Ds L.E. Oosterhof. Hij stond indertijd zijn correspondentie af.
Daarin kom je dan één van die vele zwarte bladzijden uit onze kerkgeschiedenis tegen. Waar ik momenteel de meeste tijd aan besteed is het archief van Prof. C. Veen hof. Dat archief is door de familie ter beschikking gesteld aan onze kerken. Ik kende Prof. Veenhof niet persoonlijk, maar het boeiende is dat je hem, door al dit werk, voor je gevoel toch persoonlijk leert kennen. Ik ben bezig het archief te ordenen en te inventariseren aan de hand van zijn levensloop. Het belangrijkste is namelijk dat ik de inhoud ervan toegankelijk maak. Want in een inventaris kan men vrij vlug zien welke stukken in het archief aanwezig zijn.
Aan de hand van de levensloop van professor Veenhof probeer ik al die gegevens op orde te brengen. Dat begint in zijn eerste gemeente, in Harkstede, met o.a. de intredepreek. Ook is er veel correspondentie uit de jaren '30. Jammer is dat ook uit die tijd niet alles bewaard is gebleven, er is bijvoorbeeld niemand die mij kan helpen aan enkele jaargangen van een regionaal kerkblad, waar Ds. Veen hof regelmatig in publiceerde. Verder heb ik uit oude jaargangen van 'Opbouw' en 'De Reformatie' al zijn artikelen verzameld. Overigens merk je al bij Prof. Veen hof hoe de telefoon van invloed is geweest, want uit de roerige jaren '60 zit nauwelijks correspondentie in het archief. Toen was er kennelijk vaak sprake van telefonisch overleg.
Als de inventarisatie van dit archief is afgerond, gaat het naar het Historisch Documentatiecentrum.
Zo 'n persoonlijk archief, daar staan natuurlijk ook heel persoonlijke gegevens in. Willen nabestaanden dat wel aan een kerkelijk archief toevertrouwen? Je merkt inderdaad dat sommige mensen selectief spullen aan mij willen afstaan; sommige stukken wel, andere stukken weer niet. De mensen kunnen er echter van overtuigd zijn dat alle vertrouwelijke stukken ook vertrouwelijk zullen worden behandeld. Ze worden dan ook nooit aan een ander ter inzage gegeven zonder toestemming van de eigenaar.
Bent u nooit eens bang dat dit unieke archief verloren gaat?
Ja, dat komt wel eens bij je op. Je moet er niet aan denken dat er brand uitbreekt. Ik ben ook wel eens bang geweest dat de vloer van de zolder het gewicht van al dat papier niet zou kunnen dragen. En je krijgt wel eens spullen binnen, waar beestjes aan gevreten hebben. Maar tot nu toe is er bij mij nooit iets verloren gegaan.
U verzamelt ook nieuws uit de krant. Hoe gaat dat in zijn werk?
Ik heb zelf een abonnement op het Nederlands Dagblad en van een ander krijg ik het Reformatorisch Dagblad.
Als na een week of 2 de stapel wat groot wordt, scheur ik de kerknieuwspagina er in zijn geheel uit. Daarnaast krijg ik dan ook nog extra exemplaren van leden uit onze gemeente, die gebruik ik om de stukken over onze kerken uit te knippen en op de goede plaatsen op te bergen. Soms moet ik er zelf om lachen dat ik daar zo druk mee bezig ben. Eigenlijk ben ik iedere dag op de één of andere manier iets aan het doen voor het archief. Maar ja, het laat me niet los. Gelukkig staat mijn vrouw erachter dat ik dit werk doe ....Bovendien is het gemakkelijker geworden nu ik zelf met pensioen ben.
Wat staat er eigenlijk in al die boekenkasten?
Ik heb hier ook mijn eigen boeken staan. Wat onze kerken betreft heb ik uiteraard alle Informatieboekjes bewaard.
Daarnaast is er een hele plank met alle boeken van Prof. C. Veen hof. En er is een plank met boeken van Nederlands Gereformeerde predikanten. Jammer genoeg is dat geen complete verzameling. Eén uitgever stuurt me altijd de boeken toe, soms krijg ik een exemplaar via-via, maar ik zou voor het archief ook graag alle boeken van onze predikanten willen bewaren. Op zolder staat ook nog een hele verzameling, dat zijn o.a. de periodieken en regionale en plaatselijke kerkbladen.
Gebruikt u voor uw werk ook een PC?
"Ja, al moet ik daar soms nog mee leren omgaan. Gelukkig heb ik een schoonzoon die er heel handig in is".
De heer Smits laat zien wat hij inmiddels aan gegevens op de PC heeft opgeslagen. Dat zijn o.a. de eerste 2 jaargangen van 'Opbouw' en de titels van de boeken die werden geschreven door Nederlands Gereformeerde predikanten.
Hebt u nog wensen ten aanzien van de kerken?
Dit werk is een hobby van me. Ik wil dus ook niet veeleisend zijn. Maar er zijn een paar dingen die me van het hart moeten. In de eerste plaats is dat de vraag naar een paar mensen die me kunnen helpen. Dat is ook belangrijk vanwege mijn leeftijd. Er moeten andere mensen zijn die overweg kunnen met dit archief als ik er niet meer aan kan werken.
Verder ben ik op zoek naar een paar dossierkasten. Ik kan ze natuurlijk in de winkel kopen, maar het budget van het archief is daar niet op afgestemd. En tenslotte: het zou erg fijn zijn als mensen aan het landelijk archief denken als ze gaan opruimen. In het bijzonder zijn welkom: kerkelijke bladen, boeken van Nederlands Gereformeerden, brochures, verzamelingen van kerkelijke onderwerpen, briefwisselingen; kortom: alles wat met kerkgeschiedenis te maken heeft. Ook bijdragen uit de periode van voor 1968 zijn welkom 3. Twee uur later rijden we weer naar het station. Ik ben onder de indruk geraakt van het werk dat de heer Smits helemaal belangeloos doet voor onze kerken. Werk dat belangrijk is voor onze kerken, maar dat grotendeels in stilte gebeurt. Dat mag dan ook best eens in de schijnwerpers staan!
Noten
1 Zie ook: Opperlieden zijn TOCH belangrijk. In: 'Opbouw', 1993/4 en: 'Het archief der kerken'. In: Informatieboekje voor de Nederlands Gereformeerde kerken 1993, Buijten & Schipperheijn, pagina 4.
2 Richtlijnen voor het beheer van kerkelijke en semikerkelijke archieven, 1986 3 Het adres van de heer D. Smits is: Koekoekstraat 25,3136 XP VLAARDINGEN, tel. (010)-4746903