Finney als Opwekkingsprediker (1)

1993-09-24
  • Jaargang 37
  • nummer 20
Naar aanleiding van Dr. A. van der Dussen.
De vrije keus? De spanning tussen vrijheid en rede in de revivaltheologie van Charles Grandison Finney. 1792-1875. Boekencentrum. Zoetermeer. 1993.
216 pp. prijs' 29,-

Gepromoveerden
Het zou onjuist zijn te beweren dat het aantal 'doctores theologiae' in onze kring hand over hand toeneemt, maar het verdient vermelding dat in het voorjaar van 1992 en het begin van 1993twee predikanten met succes hun proefschrift hebben verdedigd. Dat zijn resp. dr. Frank Sawyer die de gemeente van Zoetermeer heeft gediend en nu, na geruime tijd in Midden-Amerika te hebben gewerkt, verbonden is aan de Theologische Faculteit van Sarospatak in Hongarije, en de Eindhovense predikant Dr. Ad van der Dussen. Onder het kopje 'betaal uw schulden' hoop ik beide proefschriften wat nader bij u in te leiden, te beginnen met laatstgenoemd werk. In feite gaat het hier dus om een recensie, waarbij ik vrij veel van de inhoud hoop te citeren. Vanwege de omvang van het te bespreken materiaal, komt deze recensie, zo is de bedoeling, in twee achtereenvolgende afleveringen van 'Opbouw'.

Opwekkingen
In de geschiedenis van de Verenigde Staten komen we geregeld het verschijnsel 'Opwekking' tegen; in een bepaalde regio of stad is, vaak onder aanwijsbare invloed van bepaalde predikers 'de Geest over een grotere groep mensen vaardig geworden'. We lezen vaak van grote aantallen mensen die, in het algemeen in een diep besef van Gods heiligheid en eigen onheiligheid en niet zelden in een sfeer van zeer grote emotionaliteit, een diepgaande koerswijziging in hun leven hebben ervaren. Ze hebben 'een keus voor Christus gemaakt' en 'Hem als Heer en Verlosser van hun leven aangenomen'. Niet zelden is de invloed van zo'n opwekking, zo'n revival, ook duidelijk zichtbaar geworden in het economische en sociale leven van zo'n regio. Zo is ook door historici wel gesteld dat het achttiende eeuwse Engeland een eigen variant van de Franse Revolutie had kunnen meemaken, ware het niet dat zo'n groot aantal mensen door de Methodistische Opwekking tot bekering is gekomen. Als dat zo is - en hard bewijs valt in zo'n geval niet zo snel te geven, dunkt me is de leus 'tegen de revolutie het evangelie' dus geenszins een holle frase. Daarmee is de relevantie van het Woord weer eens te meer aangetoond, niet alleen in het leven van enkelingen, maar van hele naties. Dat is een van de redenen waarom 'opwekkingen’ zo'n uitermate boeiend en ook uitdagend thema vormen, ook voor ons die wellicht leven in een andere culturele situatie en in een andere tijd.

De Verenigde Staten
Het lijkt erop dat in de Verenigde Staten en Engeland veel meer opwekkingen zijn voorgevallen dan te onzent het geval is. Door de onvermoeide aktiviteit van mensen als Jonathan Edwards, maar ook John Wesley en George Whitefield, Engelsen die voor hun verkondiging in de toenmalige Britse kolonie de Atlantische Oceaan overstaken, is er in de 18e eeuw al veel te melden van grote geestelijke beweging op Amerikaanse bodem. Opvallend is daarbij dat zowel Calvinisten als mensen met een arminaanse ligging kennelijk door de Here voor de verkondiging gebruikt zijn. In de vorige eeuw gaat die beweging onverminderd door; dan zijn de bekendste 'opwekkingspredikers' Dwight Lyman Moody en Charles Grandison Finney. Over beiden had ik persoonlijk wel het een en ander gelezen; mag ik nogmaals vermelden dat deze onderwerpen in de kerkgeschiedenis buitengewoon boeiende stof zijn om te lezen! Van Finney kwam er in 1967een Autobiografie in het Nederlands uit, op (eerlijk gezegd) onaantrekkelijke wijze uitgegeven door Elmer Klassen in Duitsland. (Waarom die editie daar vandaan komt weet ik niet.) De inhoud van deze 'Memoirs' is, ondanks de vormgeving, wel zeer de moeite van het lezen waard.

Motivatie voor dit proefschrift
Het is de verdienste van dr. Van der Dussen dat hij de visie die Charles Finney op zijn werk heeft, zijn visie op noodzaak en mogelijkheid van bekering en in feite zijn hele theologie uiteenzet en aan een nader onderzoek onderwerpt.
In het 'Woord vooraf' geeft hij aan dat hij tot zijn keuze gekomen is door ervaringen in de gemeente; hij vermeldt dat hij "geconfronteerd werd met mensen die overgingen van reformatorische kerken naar evangeliegemeentes, en omgekeerd. Hun motieven hadden vaak betrekking op beleving en sfeer maar meestal bleken onder de oppervlakte theologische factoren een rol te spelen". Verder boeiden "de ontwikkeling van kerkleden, die door hun kontakten met evangelische groepen en organisaties tot een verdieping van hun geestelijk leven kwamen, maar daarin geen aanleiding zagen de kerk te verlaten. Karakteristiek voor hen acht ik hun praktische vroomheid, vaak voortkomend uit wat zij hebben ervaren als een reële bekering." Door dit alles komt dr. vd Dussen tot "een analyse van de theologie van een van de markantste vertegenwoordigers van de Amerikaanse opwekkingsbeweging: Charles Grandison Finney."

Charles Finney als mens en prediker
Het eerste hoofdstuk (van de acht) geeft het levensverhaal van deze Finney (1792-1875). We lezen over zijn aanvankelijk lauwe geloofsleven, zijn krachtdadige bekering en vervolgens zijn fenomenaal succesrijke prediking.
Met recht spreekt vd Dussen van "een opzienbarende loopbaan. Finney bracht het ene dorp na het andere in opschudding door zijn indringende prediking. Overal doorbrak hij de gezapigheid in het kerkelijk leven. Dat irritatie en weerstand daardoor zijn deel werden kon hem niet deren; veel belangrijker voor hem was dat het vuur van de opwekking overal waar hij preekte om zich heen greep." Ik betreur het dat het gedeelte over zijn leven in het geheel van de dissertatie niet meer ruimte krijgt dan het geval is, maar het is duidelijk dat de schrijver al snel 'de diepte in wil' in zijn bespreking van de inhoud van Finney's werkwijze en achterliggende theologie. Het levensverhaal van Finney kan elders meer gedetailleerd worden aangetroffen dan hier wordt gepresenteerd.

Eigen methoden
Finney blijkt er bij zijn verkondiging als opwekkingsprediker zeer eigen methoden op na te houden. Die werkwijze houdt onder andere in dat mensen zeer langdurige campagnes meemaken, die wekenlang kunnen duren.
Een intrigerende zin luidt: "Af en toe werden handel en nijverheid stilgelegd om de prediking in het middelpunt van de belangstelling te plaatsen." Nog boeiender is het om te lezen hoe Finney, geruime tijd voor de opkomst van de psychologie als wetenschap, zijn toehoorders zowel verstandelijk als emotioneel, onder toenemende druk zet. Later spreekt van der Dussen ook over het theologische debat als "een klopjacht op de koppige zondaar, die naar uitvluchten zoekt om zich tegenover God te handhaven.
Elke vluchtweg moet worden afgesneden, uit elke schuilplaats moet hij worden opgejaagd, net zolang tot dat hij het onhoudbare van zijn toestand inziet en zich bekeert." (89,90) Dat is dus een meer verstandelijke wijze om de ongelovige 'prooi' te omsingelen.

We lezen echter ook van de noodzaak om onbekeerden in "grote benauwdheid te brengen" (85) en van "hartverscheurende anxiety". (86) Dat laatste kan men vertalen als 'bezorgdheid, angst, gekweldheid'. "Verreweg de meest opzienbarende methode die Finney hanteerde was zijn introductie van de 'Anxious Seat': geen van de 'new measures' riep zoveel ergernis en verzet op als deze. Dat is geen wonder: Finney oefende hiermee een pressie uit op potentiële bekeerlingen die verder ging dan wat men ooit had meegemaakt. Anxious Seats waren gereserveerde plaatsen voorin de zaal waarin de bijeenkomst gehouden werd. Mensen die, onder de indruk van de prediking, zich zorgen maakten over hun behoud, werden nu opgeroepen op te staan, maar voren te komen en te gaan zitten op dit 'zondaarsbankje'. Daar zouden zij, ten overstaan van alle aanwezigen, hun zonden moeten belijden en zich gewonnen geven aan God, terwijl er dringend voor hen gebeden werd. Finney realiseerde zich' niet minder dan zijn critici, dat het plaats nemen op de 'anxious seat' als gênant werd ervaren. Maar in zijn ogen maakte dat juist de waarde van deze methode uit. Uit eigen ervaring wist hij, dat valse schaamte een struikelblok kan zijn op de weg van overgave aan God. De 'Anxious Seat' was er bij uitstek voor geschikt de zondaar in zijn trots tot een beslissing te dwingen."( 23)

Aandacht voor details
Mensen worden dus ook in hun.gevoelsleven diep aangesproken en dat op een weloverwogen, systematische wijze. Uit vd Dussens weergave zien we hoezeer ook de intellectuele strijd en de emotionele druk samenhangen.
"Behalve van een directe prediking en van de 'new measures' (nieuwe maatregelen', PJvK) verwacht Finney ook heil van aandacht voor de kleinste details." Tot de details die vooraf moeten worden overwogen en doordacht horen "met de juiste intonatie spreken over de verschrikkingen die de onboetvaardigen staan te wachten", terwijl ook "het zingen van waarschuwende liederen onder begeleiding van een donderend orgel kan bijdragen aan de benodigde sfeer van ernst en beklemming. Het moet verboden worden opwekkingssamenkomsten te bezoeken in gezelschap van huilende kinderen of van honden: zij kunnen op beslissende momenten de aandacht afleiden!" (24)
Dat deze voorbeelden een eenzijdig beeld kunnen geven wordt ook in het proefschrift erkend. "Tenslotte is te wijzen op de grote plaats die Finney toekent aan het gebed. Zijn eigen ervaring is dat de effecten van zijn prediking onmiddellijk terugliepen zodra hij verslapte in het gebed, terwijl omgekeerd het vuur van de opwekking hoger oplaaide naarmate hij er intenser om bad. Hij ziet zelfs een oorzakelijk verband tussen het tot stand komen van een revival en het bidden daarom."(24)
Toch ligt in het proefschrift een zeker accent op de aanpak die Finney volgt. Vd Dussen maakt melding van "psychische hoogspanning die hij in zijn benadering opwekte". Ook meldt hij "zijn onconventionele wijze van werken. Behalve zijn 'gewone' taalgebruik schokte vooral het feit dat hij vrouwen inschakelde bij de publieke voorbede. Finney legde dit soort kritiek naast zich neer. Voor hem telde alleen de effectiviteit van de methode: succes was voor hem het kenmerk van het ware." een opwekking is "alleen gebaat bij een aanpak die shockeert."(25)

Maakbaar
Het gaat in de tijd van Finney er dus 'heet' aan toe, zowel intellectueel als emotioneel. Uit dr. vd Dussens proefschrift bleek - en dat ik althans niet zo verwacht - dat Finney als prediker veel tijd en aandacht investeerde in 'methodiek' en feitelijk van mening was dat een opwekking niet een wonder van God was, maar een gevolg van een uitgekiende strategie, van een intense concentratie van gebed eneigenlijk moet het hoge woord er toch maar uit - van een zeker effectbejag.
Dat laatste kwam voor mij althans als een verrassing en als ik eerlijk ben, weet ik niet, of ik daar nu zo blij mee ben ...
Finney beschouwde zijn sukses als prediker stellig als gevolg van Gods zegen, maar ook als een vrucht op goede en deugdelijke planning. Het (voor mijn besef) toch wel wat verontrustende gevolg is dat voor Finney een opwekking ten diepste 'maakbaar' lijkt. Hij komt in conflict met predikers van presbyteriaanse achtergrond en de reden wordt als volgt omschreven.
"De diepste oorzaak van de afwijzing waarop Finney bij de behoudende presbyterianen stuitte, ligt evenwel in zijn uitgangspunt dat er rechtstreeks verband is tussen de methodes die men gebruikt en de zegen die God geeft. Hij beroept zich daarvoor op het feit dat de bijbel het werk van de evangelie- prediker vergelijkt met dat van de zaaier. Hij acht het onomstreden dat een goede oogst de zaaier alleen ten deel valt, wanneer God diens woord zegent. Tegelijk komt die zegen niet onverwacht: wanneer op de goede wijze gezaaid is, mag er eenvoudig op zegen gerekend worden. Zo is nu ook een revival geen wonder, dat God in zijn soevereine vrijheid schenkt op de tijd die Hem goeddunkt, maar het met zekerheid te verwachten resultaat van een deskundig opgezette evangelisatie campagne. Op de komst van revivals hoeft niet lijdzaam gewacht te worden - het behoort tot de verantwoordelijkheid van mensen om ze langs methodische weg tot stand te brengen. "(26)

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief