Finney als Opwekkingsprediker (2, slot)

1993-10-22
  • Jaargang 37
  • nummer 22
N.a.v Dr. A. v.d. Dussen. De vrije Keus? De spanning tussen vrijheid en rede in de revival-theologie van Charles Grandison Finney. (1792-1875).
Het Boekencentrum, Zoetermeer, 1993.
216 pp. prijs f.29,

Een theoretischedoordenking
In ons vorige artikel is al aandacht gevraagd voor de toch wel opmerkelijke manier waarop de Amerikaan Finney evangelisatie-werk deed. We hebben het gehad over de grote aantallen mensen die hij daarbij bereikte en ook welke methoden hij daarbij nu wel heeft toegepast. Dat zijn zaken die dr. van der Dussen in zijn proefschrift met grote helderheid weergeeft en waar hij impliciet en, naar het einde van het proefschrift toe, ook wel expliciet van aangeeft wat hij er zelf van vindt. Het is uit het proefschrift wel duidelijk dat hij niet alleen maar een fan van deze Finney geworden is en dat hij hem kritisch wenst te volgen.
Tegelijk is het natuurlijk toch wel de grootheid van Finney dat hij, als een van de weinige evangelisten, een min-of-meer uitgewerkte theologie en theoretische doordenking van zijn werk aan ons voorlegt. Weinigen van zijn collega's hebben dat immers ooit gedaan; het waren veelal mensen van de praktijk die een theoretische en theologische beschouwing niet de moeite waard vonden of de tijd en het niveau misten om er een voor de tijdgenoten en het nageslacht te produceren.
Dat is bij Finney dus anders.

Praktische consequenties
Zoals te verwachten is, blijkt voor Finney het geloof in de Here Jezus Christus vele praktische consequenties te hebben. Dat bleek in elk geval uit zijn radicale standpunt t.a.v. het grote kwaad van de slavernij. Hij was daar vurig tegen en dat bracht hem in conflict met tijdgenoten die op het punt van het geloof in God wellicht even vroom waren als hij, maar voor wie dat geloof geen rechtstreekse gevolgen had voor het weren van de slavernij uit de toenmalige samenleving. Dr.
van der Dussen zet deze felafwijzende houding stellig terecht binnen het veel grotere kader van Finney's kijk op kerk en staat en op zijn verwachting van de effecten van ware revivals op Kerk en wereld. Ik citeer opnieuw wat zinsneden uit dit proefschrift, van pagina 34 tot 41. "Finney zag de revivals niet alleen als een onmisbaar middel om het gewenste doel van de bekering te bereiken, maar was er ook van overtuigd dat zij in die hoedanigheid absoluut noodzakelijk waren voor het voortbestaan en de werfkracht van de kerk, ja zelfs voor welzijn van de natie, en uiteindelijk de voor de komst van het duizendjarig rijk." Hij was dus een soort chiliast, zij het dat hij ook wel weer verschilde van sommige chiliasten die ik persoonlijk ken. Hij verwachtte van revivals "ook een maatschappelijk en ze een eschatologische uitstraling".
Hij was van mening dat de kerk van zijn dagen veel te slap was en sprak van haar gebrek aan levensheiliging.
"Daarom concludeert hij dat de kerk niet kan bestaan zonder revivals. Alleen langs die weg zal zij de slapheid, die gegeven is met een louter emotionele en verstandelijke godsdienstigheid, te boven kunnen komen. Een opleving binnen de kerk staat evenwel niet op zichzelf. Wanneer christenen breken met een wèrelds leven en tot ware gehoorzaamheid aan Christus komen, heeft dat namelijk grote gevolgen voor hun omgeving: zij zullen zich bijvoorbeeld actief inzetten voor evangelisatie, maar ook ten aanzien van de slavernij tot anderè keuzes komen. In die zin hebben revivals een indirect effect op de goddeloze wereld buiten de kerk." Hij meende overigens ook dat een oorlog in de Verenigde Staten zou kunnen uitbreken die ook gekomen is, de Amerikaanse Burgeroorlog. "Alleen een revival zou het land kunnen behoeden voor een ramp."

Ethische implicaties van bekering
Finney heeft bij zijn beschouwing van politiek, economie en het sociale leven "oog op de ethische implicaties van de bekering". Hij eist van de zakenman dat die onkreukbaar leeft en weerstand biedt aan iedere verleiding van corruptie. Ook wijst hij speculatie met grondprijzen resoluut van de hand. "Hij acht dat absoluut onaanvaardbare praktijken, voor welke goede doelen men de verkregen winsten ook bestemt. Door zich zo uit te spreken over economische vraagstukken, maakte Finney duidelijk dat een godsdienstige opwekking niet zonder gevolgen voor het maatschappelijk leven kan blijven."

De slavernij
Vervolgens zegt dr.vd Dussen:"Diezelfde herleiding van de problematiek tot de personele ethiek is terug te vinden in Finney'sbenadering van het vraagstuk van de slavernij. Als abolitionist verwachtte hij alles van de persoonlijke bewustwording van het zondige karakter van het houden van slaven. Naar zijn mening konden veel christenen het houden van slaven verenigen met de dienst aan God, doordat zij niet inzagen dat slavernij tegen Gods wil is. Nu dat inzicht echter door Gods voorzienigheid ging doorbreken, lag het op de weg van de kerk om al haar leden daaromtrent duidelijk te informeren." Ook is interessant de volgende zin:"Opmerkelijk is, dat het probleem van de slavernij primair geldt als een probleem van de kerk. Zolang de kerk het houden van slaven legitimeert, zullen ook de goddelozen geen reden zien de bakens te verzetten. Maar omgekeerd: zodra de kerk duidelijk zou uitspreken dat hier ZONDE bedreven wordt waarop sancties staan, zou in heel het land de slavernij binnen drie jaar verdwenen zijn onder de druk van de publieke opinie!"

Belangeloze liefde
Wat is het gevolg van deze gedachten voor de opwekkingspreker Finney? "Gelet op de reusachtige uitwerking die Finney aan de revivals toekent, is het geen wonder dat hij het noodzakelijk acht ze te bevorderen, alle afwijzing en reserves te spijt. Daarbij moet benadrukt worden dat hij geen andere weg ziet waarlangs dezelfde doeleinden bereikt zouden kunnen worden. De opleving van de kerk; de redding van zielen; de zuivering van het politieke, ekonomische en sociale leven; de komst van het duizendjarig rijk; de verheerlijking van God - dat alles kan slechts gerealiseerd worden wanneer mensen zich bekeren en in belangeloze liefde gaan leven. En dat is alleen te verwachten waar door middel van revivals maximaal druk op zondaren wordt uitgeoefend. Opvallend is, dat morele uitwerking van revivals geen doel in zichzelf is. Het gaat erom dat heel de wereld gehoorzaamt aan God; daartoe moet de voortgang van revivals beoogd worden. De levensheiliging die tot stand komt, is op haar beurt weer middel om nog meer zielen te winnen."

Vooruitgangsgeloof
Meteen na deze woorden neemt dr. van der Dussen het woord "voortuitgangsgeloof" in de mond/pen. "Voor Finney stond het vast, dat bij een uiterste krachtsinspanning het doel van de geschiedenis op korte termijn bereikt zou kunnen worden." De opwekkingsprediker Finney laat zich in dat cultuur optimisme, (als dat het goede woord hier is) zien als een kind van zijn tijd. Het geloof in de "maakbaarheid" van de samenleving is door hem in een christelijke versie naar voren gekomen. Dat zal ook wel voor een deel de basis zijn van zijn latere "perfectionisme", dat in dit verband het geloof aangeeft dat men al in dit leven een staat van volmaaktheid bereiken kan. Van der Dussen geeft uitvoerig aan dat voor Finney er sprake is van "een aansluiting van het werk van God op het werk van de mens".

Afronding
Op dit punt kunnen we heel wat zaken in Finney's denken aanstippen die stuk voor stuk fascinerend zijn: zijn denken over de' bijdrage die de mens kan leveren naast die van God Zelf. De wijze waarop de Almachtige haast van onze menselijke inspanningen afhankelijk is. Finneys conflict met de klassieke calvinistische theologie, zijn visie op het gebed en op de gevolgen van ons gebed. Zijn hartstochtelijke verzet tegen het gebruik van formuliergebeden. Zijn visie op de bekering en alwat die met zich meebrengt. De verschillende opvatting die Finney en een van zijn voorgangers, Jonathan Edwards, op het punt van de vrije wil hebben, het zijn alle heel interessante thema's die vd Dussen ook boeiend weergeeft. Hoofdstuk 5 en 6 van het proefschrift, die over de heilsorde en de zedelijkheid gaan, vond ik, qua thematiek, net wat minder boeiend, maar dat is stellig een uiterst subjektief oordeel. Veel in de hier wat uitvoeriger aan de orde gestelde dissertatie is echter van het grootste belang! Veel lezers zullen er aanzienlijke winst mee kunnen doen. Ik heb het werk met animo en interesse gelezen en vind ook de prijs van f.29,- zeer redelijk. Daarom wil ik dit werk van harte aanbevolen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief