Pastorale notitie
1993-02-12
'Bevel van mij!'- Jaargang 37
- nummer 4
Wij zijn daar niet zo vóór, geloof ik.
Maar een paus is toch zo gek nog niet.
Hij zegt 'ga' en je gaat, hij zegt 'kom' en je komt.
Zo 'n man bespaart je een heleboel toestanden die we ons nu wél op de hals halen. Gesprekken in de gemeente, overleg op de kerkeraad, voorstellen op een 'meerdere' 'vergadering, rapporten op een synode. Ja, een paus lijkt me wel wat (als ik het tenminste niet hoef te wezen en als ik er maar niet aan hoef te gehoorzamen).
Per slot van rekening schijnt paus samen te hangen met papa. En wie wil er nou geen goeie váder hebben, vooral als het een heilige is?
Ik mocht dus geen dominee worden, heb ik u de vorige keer verteld, Nou, 'dan bárst de wereld los', zoals Willeke Alberti zo treffend zingt.
De trein haast zich door een juichend voorjaar, maar van binnen is er een land van diepe duisternis - dat kan ik u verzekeren.
Maar juist dáár ziet men een groot licht, nietwaar? Hij zat opeens tegenover me en zei Koos. Hij màg dat zeggen.
Hij zei het ook. Hij noemde me bij m'n naam. Ik heb zoveel vergeven aan jou, zou jij ook niet vergeven aan hen?
U hoeft niet te geloven dat het zo was.
Als ik het maar zeker weet. Ik hoef niet te geloven dat u een licht hebt gezien of een stem hebt gehoord. Als u het maar zeker weet.
Wij moeten elkaar niet binden aan onze eigen ervaringen. We mogen elkaar wel vinden in wat we eruit hebben geleerd. Het verhaal van de ander serieus nemen en hem eraan houden.
Bij mensen met een bijna-doodervaring, bijvoorbeeld, móét dit ook denk ik. Laten staan en samen verder gaan.
Ik beweer. niet dat 'vergeven' makkelijk is. Ik beweerwel dat je er enorm van opknapt. Waar vergeving is, daar is leven - hé, was dit Luther niet? In elk geval geldt dit in het horizonale net zo goed als in het vertikale. Die nacht heb ik alle uurtjes en halfuurtjes nodig gehad. Voor de warming-up van de volgende zondag. Of misschien kun je beter zeggen: voor de cooling-down van de vorige zaterdag.
Want ik moest preken. 0 nee, een stichtelijk woord spreken, natuurlijk. In de grote stad nog wel. En ze zijn allemaal gelijk, ja, ja. In de steden en ten plattelande. Wist ik. Had ik geleerd.
Maar de stad was toch wel net een beetje meer ...
Dus had ik zaterdagavond opgebeld.
Verteld wat er was gebeurd. Gezegd dat ik zó niet kon, zondag.
Toen belde hij terug. Liet hij terugbellen.
"Zeg tegen Koos, dat-ie morgen hier preekt. Bevel van mij!"
Dus heb ik daar en toen gepreekt.
Voor het eerst zó.
En daarom vind ik een paus zo gek nog niet. Die zegt 'ga' en je gaat, die zegt 'kom' en je komt. Ze zeggen dat paus komt van papa. En wie wil er nou geen goeie vader hebben, vooral als het een heilige is?
Bevel van mij - goeie D.K.W.!