Mijn goedheid achtloos uitgewist
1992-01-31
Niet volmaakt- Jaargang 36
- nummer 3
Het is langzamerhand onontkoombaar: mensen, die verlost zijn, die zijn allerminst volmaakt; ze vallen vaak tegen.
Het volk, bevrijd uit de macht van Farao, losgemaakt uit het slavenhuis Egypte, ze gedragen zich allerminst verlost; ze roepen bij het eerste beste probleem dat zich aandient: 'waren we maar in Egypte gebleven'.
Mensen, verlost door Jezus Christus uit de macht van de zonde, losgemaakt uit het slavenhuis van de zonden, ze gedragen zich bepaald niet als verlosten; als het tegenzit, hebben ze binnen de kortste keren het weer op een akkoordje gegooid met de zonde.
't Valt niet mee om achter de HEERE God aan te gaan, zo'n moeilijke, onoverzichtelijke weg vol verrassingen, vooral: een omweg.
Typerend
In Exodus wordt de woestijnreis beschreven, die lange tocht van veertig jaar. Natuurlijk is er veel meer gebeurd dan kon worden opgeschreven... daarom: dat wat wel opgeschreven is, dat stijgt boven zichzelf uit. Dat is maar niet een weergave van één bepaalde gebeurtenis; nee met die ene gebeurtenis wordt een typering gegeven: zo ging het toe bij het volk op de weg, de omweg door de woestijn.
Dat 'extra' valt ook op in de beschrijving van de geschiedenis bij het water van Mara. Daar kom je woorden tegen die telkens terugkeren gedurende die veertig jaar. Denk alleen al aan het drinkwater - zeker een niet gering probleem in die omstandighedeneen dagelijks terugkerend vraagstuk.
Verzet
Het laat meteen ook het gevaar van de zaak zien: het je verzetten tegen Gods plannen, Gods weg met jou, het heeft kennelijk geen uitzonderlijke aanleiding nodig... bij het eerste beste dagelijks punt sluipt de macht van de zonde je leven weer binnen...!
De brutale mond gaat weer open...
Ongelooflijk! Onvoorstelbaar na wat er eerst in Egypte is gebeurd - nog ontstellender als je tot je door laat dringen dat de geschiedenis van de doortocht door de Rode Zee nog maar net achter hen ligt. De Israëlieten morden en klaagden bij Mozes... haast het refrein van deze hoofdstukken.
Hij maakt bet bittere zoet
Als ze in Mara aankomen, dan is er wel water, maar dat is bitter. Mara betekent: bitter(heid). "Mara' is typerend voor de houding van het volk: ondanks de geweldige daden van God, ondanks Zijn getoonde macht bij de Rode Zee, ondanks dat is er nu al weer bitterheid.
Je verwacht dat de HEERE het niet langer meer neemt. Dat Zijn reeds zo vaak op de proef gestelde geduld nu toch wel op is.
MAAR: opnièuw lezen we van Gods ongekende goedheid en Zijn onwrikbare trouw!! Opnièuw: Hij doet ons niet naar onze zonden, vergeldt ons niet naar onze ongerechtigheden, maar Hij geeft, waar menselijke mogelijkheden ontbreken, waar menselijk gesproken alleen maar de dood wacht, daar brengt Hij een keer in het lot van Zijn volk. Op onnavolgbare wijze maakt Hij het bittere zoet. Door de dienst van Mozes, de Middelaar, schenkt Hij het leven!
Nogmaals: dit is maar geen enkel los voorval; dit is kenmerkend voor hoe de HEERE is opgetreden tijdens de woestijnreis.
Groot in barmhartigheid en ontferming.
Verbondstaal
Opmerkelijk is de bijzondere manier waarop dat hier wordt benadrukt.
Sommige kritische bijbelverklaarders hebben gezegd dat hier een en ander moest worden geschrapt. Waarom?
Omdat de woorden van vs 25b en 26 zo zouden zijn weggelopen uit het boek Deuteronomium. Inderdaad kun je als je zulke woorden in het boek Deuteronomium wilt onderstrepen, maar meteen het hele boek onderstrepen. Dit is typisch de taal van het verbond: de afspraken die de HEERE éénzijdig aan Zijn volk heeft opgelegd, maar die niet anders dan zégenrijk zijn wanneer het volk zich eraan houdt.
Dat hier bij Mara de opzettelijke verbondstaal wordt gebruikt, onderstreept ,dat we hier met een zeer fundamentele gebeurtenis te maken hebben.
Zoals de HEERE hier doet en spreekt, zo doet en spreekt Hij altijd.
Kwalen van Egypte
Deuteronomium 28 zegt het glashelder: wie luistert naar de stem van de HEERE God, die zal Zijn zegen entvangen - wie niet luistert naar de stem van de HEERE, die zal getroffen worden door Zijn vloek. De HEERE zal dan straffen en over hen doen komen al de kwalen van Egypte.
Dat zijn natuurlijk geen kwalen van Egyptische makelij, maar de kwalen die de HEERE als straf zond naar Egypte. De plagen van Egypte.
Datzelfde lezen we hier bij Mara: Ik zal u geen van de kwalen van Egypte opleggen. In dát licht zullen we Mara moeten verstaan. De plagen van Egypte zullen het volk niet treffen.
De Heiland
De eerste plaag in Egypte: het water van de Nijl werd ondrinkbaar, bracht de dood in plaats van het leven. Die eerste plaag wordt hier in haar tegendeel gekeerd: Ik de HEERE, ben uw Heelmeester, Die de dood wegneem en het leven schenk. Ik neem de ziekte, de straf, het oordeel weg, Ik ben uw Heelmeester. Heelmeester, een vertaling die er op gericht is delijn door te trekken naar het NT, naar de Heiland.
Ik ben uw Heiland, Ik neem de straf, het oordeel weg, door Zelf de ziekte, de straf, het oordeel te ondergaan!
Op de weg die Gods volk gaat is er telkens weer 6ndanks de boosheid van het volk Gods genade, Zijn genadig wegnemen van de straf - omdat Jezus Christus de straf heeft willen dragen.
Ik ben uw Heiland - dat zegt Hij ook tot u die de weg door het leven ervaart als een weg vol moeite en verdriet, als een omweg die zo gemakkelijk brengt tot klagen - aanklagen van God.
Het volk van God, de gemeente, wordt telkens weer op de proef gesteld; de HEERE zoekt uw hart, of u ook op Hem vertrouwt. Hij doet dat niet om ons pijn te doen, Hij doet het opdat wij des te meer op Zijn wegen wandelend zullen ervaren, dat Hij de Heelmeester is.
Eindtijdelijk
Dat is geen vrijblijvende boodschap. In de Bijbel blijkt de geschiedenis van Exodus model te zijn voor de eindtijd.
We vinden heel wat uit Exodus terug in het boek Openbaring. In dat bijbelboek keren de plagen stuk voor stuk terug.
We belichten nu slechts één voorbeeld.
In Openb. 18 lezen we: ga niet met deze wereld mee, houd er een andere levensstijl op na, ga een andere weg, anders zul je delen in de plagen van Egypte. Een onmiskenbaar doortrekken van de lijn uit Exodus.
Verstaan we de ernst hiervan voor ons vandaag?