Ex Libris

1992-04-10
  • Jaargang 36
  • nummer 8
Weer een tegenvaller. maar ook een aanwinst
Hebt u dat nou ook? Als boekenliefhebber kijk ik elk jaar met een zekere spanning uit naar het nieuwe boekenweekgeschenk.
Maar het ene jaar na het andere voel ik me teleurgesteld. Is er nou echt niet wat beters te vinden?
Jaren lang protesteren christelijke boekhandelaren tegen de keuze. Helpt het iets? Ach, het nieuwe boek, Weerborstels, is niet direct tégen het christendom, hoor. Nee, het heeft er alleen geen boodschap aan. En aan christenen ook niet. De naam van God wordt gebruikt als stoplap, op de eerste regel al. En een paar stevige Hollandse vloeken, wie kan daar nou bezwaar tegen hebben?
Christenen? Ach kom nou, dat moet toch kunnen?
Ik word er kwaad van én het maakt me verdrietig. Wat is dat voor een cultuur waar we mee te maken hebben, wat is dat voor een beschaving? 0, die Van der Heijden is een knappe jongen, hoor.
Intelligent. En schrijven kan hij ook.
Maar wat hebben we eraan? Wat'voor een leeg bestaan tekent hij in dit boek?
En als hij nou nog liet zien dat het inderdaad léég was! Maar nee, er wordt nog wat diepzinnig over gedaan, er wordt nog wat gefilosofeerd over snelheid en licht en als de hoofdpersoon zich met zijn auto te pletter heeft gereden, ziet de ik-figuur een glanzende wieldop liggen.
En dan krijgen we het volgende slot van het boek: Als ik er zo met mijn ogen dicht op neerkijk, op dat matglanzende koepeltje waar een okeren licht over strijkt, herken ik Robby's gemillimeterde schedel, waarop lang geleden bij het geflakker van een kaarsvlam in al hun tegendraadse glorie de weerborstels zichtbaar werden. Hij is niet dood.

Waar gaat het boek over? Nou, eigenlijk vooral over snelheid en dood. De vader van Robby probeert door middel van wielrennen de sleur van zijn bestaan te doorbreken, maar met een heel mager resultaat. Robby doet het intenser, feller.
Als jongen van zeventien klimt hij met twee vrienden 's nachts op het dak van een hard rijdende bus. En dan gaan ze rechtop staan.
De éne vriend ziet niet tijdig dat er een viaduct nadert, wordt van de bus geveegd, slaat tegen het asfalt, is dood.
Robby zoekt ook later het gevaar, wordt na een ongeluk klinisch dood verklaard, knapt toch weer op, maar rijdt zich aan het einde definitief te pletter. En dat was het dan. o ja, ik zei het al, er moet een zekere filosofie in zitten. En nou kijk ik eens even naar bladzijde 88. Robby is tegen een boom gereden. En dan lezen we: Omwonenden dachten eerst nog dat een vrachtwagen met lege biervaten in een slip was geraakt en een deel van zijn lading had verloren, want zo klonk het.
Dit dreunende geweld als slotakkoord van een leven is me te primitief, te theatraal; om dat van Robby uit te luiden, heb ik subtielere muziek nodig, voor minder doe ik het niet. "Symbolen worden tot cymbalen in de ure des doods", zegt de dichter en niet de geringste. Nu ik de foto terugzie, het ontmantelde wiel, krijg ik grote lust om eens te kijken of die regel ook omkeerbaar is ...

Filosofie? Het citaat is van Gerrit Achterberg en het komt uit zijn gedicht De Werkster. Daar staat o.a.: God zal haar eenmaal op Zijn bodem vinden, gaande de gouden straten naar Zijn troon, al slaande met de stoffer op het blik.
Symbolen worden tot cymbalen in de ure des doods ...

De symbolen van het nederige, onderworpen leven van de werkster worden tot cymbalen: muziekinstrumenten waarmee God wordt geëerd!
Het magnifieke beeld van Achterberg is in dit boekenweekgeschenk verworden tot een wanklank. Ik ben geneigd dat inderdaad als een symbool te zien.
Jammer. Opnieuw geen geslaagd geschenk.
Weer een tegenvaller.
(Weerborstels zijn volgens Van Dale: haren die tegen de streek staan.)

Gelukkig heeft de boekenweek ons meer opgeleverd. Neem bij voorbeeld: Twee jaargetijden minder, door A. Alberts.
Alleen al de moeite waard door de informatie over het Indië uit de tijd van Multatuli.
Wie de Max Havelaar leest, doet er goed aan dit ook eens door te nemen.
Prijs f 4,95.
En dan was er nog meer materiaal i.v.m.
Indonesië: over literatuur, over de mensen, over het land. Heel interessant en leerzaam. Er is verder nog veel te koop dat ongetwijfeld de moeite waard is, b.v.
de nieuwe roman van Heila S. Haasse: Heren van de thee. Afijn, kijkt u zelf maar eens in het dikke blad dat u bij de boekhandel kunt krijgen. Je moet alleen veel tijd hebben om dat allemaal te kunnen lezen!

Wat ik wel als een aanwinst beschouw, is: DE JOODSE OORLOG & UIT MIJN LEVEN, geschreven door Flavius Josephus.
Een heel mooie uitgave die ik van harte wil aanbevelen. De Joodse Oorlog is wel eens het vijfde evangelie genoemd, omdat daarin de geschiedenis van het joodse volk ná Christus is verteld.
Het is lange tijd in veel landen het meest gelezen boek ná de Bijbel geweest.
De wetenschappelijke inleiding zult u vermoedelijk wel eens met gefronste wenkbrauwen lezen: het Nieuwe Testament wordt als historisch onbetrouwbaar beschouwd, een soort propagandageschrift.
De profetie van Jezus (Lucas 21) zou pas achteraf, ná de verwoesting van de tempel in Jezus' mond zijn gelegd. En Pilatus heeft nooit echt 'zijn handen in onschuld gewassen'.
Maar afgezien van deze opstelling in de inleiding, het is een boek waar ik erg blij mee ben.
De vertaling levert een goed, vlot te lezen Nederlands op; de inhoud vind ik buitengewoon interessant. Weliswaar heb ik alleen nog maar hier en daar gedeelten van het boek gelezen, (het telt 646 bladzijden) maar ik wil niet nalaten u er nu al attent op te maken. Het ziet er ook mooi uit, het is stevig gebonden in een zwarte linnen band. Echt een boek om te hebben. De prijs is f 95,-. Misschien vindt u dat véél voor een boek?
Volgens mij is het die prijs beslist waard. Uitgever is: Ambo, postbus 308, Baarn. Daar zijn in de reeks Klassieken meer boeken verschenen die ik onder de aandacht van belangstellenden wil brengen. Ik noem alleen maar van Tacitus: Historiën, en van Augustinus: Belijdenissen en De Stad van God. U zou eens een catalogus kunnen vragen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief