Pastorale notitie
1992-05-08
Aardbeving- Jaargang 36
- nummer 10
Ik weet niet meer of het een film was of een boek.
Misschien zowel het een als het ander.
'Manon van de bronnen', dat was de titel en ik ken in grote lijnen het verhaal nog.
Het gaat over een bergdorpje waar de inwoners water halen uit een pomp op het dorpsplein. De pomp wordt gevoed vanuit een bron in de bergen.
Op een dag is het dorp in rep en roer: de pomp geeft geen water. Is de bron uitgedroogd? Ingestort? Niemand weet het en niemand weet ook waar de bron ontspringt.
Niemand, behalve Manon, een klein loedertje van rond de twintig, een outcast. Ze ligt om een of andere reden met het hele dorp overhoop. Bij toeval heeft ze op een zwerftocht door de bergen ontdekt waar de bron ontspringt.
Om wraak te nemen op het dorp is ze naar de bron gegaan en heeft ze de watertoevoer naar het dorp versperd.
Als het water op is raakt het dorp in nood.
De pastoor roept de bevolking op tot het houden van een bidstond. Het hele dorp stroomt toe, want nood leert bidden.
Niks op tegen volgens Kuitert.
Pak van mijn hart want ik heb het meerdere keren in praktijk gebracht maar vermoedelijk nooit aan anderen geleerd. Jammer.
Na afloop van de bidstond gaan de mensen naar de pomp, die vlak voor de kerk staat. De pomp geeft water!
Niemand twijfelt: hier zijn gebeden verhoord. • Het dorp dankt God.
Maar wat is er gebeurd?
Manon heeft berouw gekregen en is tijdens de bidstond naar de bergen gegaan om de versperring van de bron op te ruimen.
Ze gaat ook biechten en belooft de pastoor dat zij het dorp om vergeving zal vragen van haar snode daad. Maar de pastoor vindt dat ze dat beter niet kan doen.
Waarom niet?
De pastoor kent zijn parochianen en denkt dat zij dan df#terugkeer van het water niet meer als een ingrijpen van God zullen zien en dat was nu juist de winst van het hele gebeuren.
Wat mensen kunnen verklaren zien ze niet meer als werk van God. Was het Harry Mülisch niet die zei: Met elke auto die van de lopende band komt gaat God een beetje dood?
Hoe ik nou op dit verhaal kwam?
Het kwam bij mij boven in de dagen na de aardbeving.
Ik heb de schokken wel gevoeld maar hoorde pas de volgende dag wat er was gebeurd. Een heel oude zuster zei tegen mij: "Ik moet alsmaar aan de jongste dag denken".
Dat zal ook wel de bedoeling zijn, denk ik.
Ik volg met aandacht wat de seismologen ons allemaal over de aardschok kunnen vertellen: hoe zwaar die was, en waar het precies begon en hoe ze tot op de cm nauwkeurig kunnen berekenen hoe groot de verschuiving van de aardlaag was. En dat ze ook wisten dat de schok op een zeker moment moest komen!
Boeiend om dat allemaal te lezen.
Maar wat je hierbij zo hard nodig hebt is het besef dat de wetenschappers ons niet de gehele waarheid vertellen.
Het was niet 'alleen maar' het verschuiven van een aardlaag die nacht.
Wat heeft A. Janse dàt aan de onderwijzers van zijn dagen helder duidelijk gemaakt. Ik denk aan zijn boek 'Het eigen karakter der christelijke school'.
Wat hebben we daar behoefte aan: onderwijzers die met verstand van zaken aan de kinderen iets vertellen van wat een aardbeving is, maar die er ook bij durven zeggen wat die oude zuster mij zei: "Ik moet alsmaar aan de jongste dag denken ".
En wat die pastoor betreft van dat dorpje in de bergen.
Als die Janse had gelezen en begrepen, misschien dat hij dan de eerste de beste zondag de preek in de volgende trant was begonnen: "Lieve mensen ", want zo mogen pastoors dat zeggen, "wij hebben God gedankt voor het water, vandaag doen we dat nog eens dunnetjes over, maar laat ik u nu de gehele waarheid vertellen ... ".
Zo ongeveer zou ik dat willen doen.
Maar ja, moeilijk hoor, zó preken: altijd de gehele waarheid vertellen, dat van die aardlaag en dat van God, die zegt: Waakt!