Boekbespreking

1991-01-04
  • Jaargang 35
  • nummer 1
Als een goed soldaat
(pastoraal perspectief 12); Ds. G.F. de Kimpe. Goes 1990, 80 pagina's, prijs: f 10,50 In de vrijgemaakte serie 'Pastoraal Perspectief' is een twaalfde deeltje verschenen. Het handelt kort samengevat over kerk en militaire dienst. Het is van de hand van Ds. G.F. de Kimpe, die reserve legerpredikant is. Het is zeer te waarderen, dat in een serie over pastoraat en hulpverlening een apart deeltje gewijd is aan de problemen rond en van de dienstplichtige militair.
Het is een boekje vol praktische handwijzingen en zo nu en dan merk je ook dat de schrijver de militaire wereld, met de moeiten die kerkelijke jongeren daar kunnen ontmoeten, uit eigen ervaring kent.

De serie is "een reeks praktische boeken over belangrijke onderwerpen op het gebied van pastoraat en hulpverlening.
Boeken met dit vignet bieden hulp en geven aan hoe hulp geboden kan worden".
Met deze woorden introduceert de uitgever de serie.
De schrijver richt zich allereerst tot de kerkeraden, om hen te helpen en adviezen te geven, vervolgens tot de ouders en daarna tot de slachtoffers zelf, de' (a.s.) dienstplichtige en de beroepsmilitair. Hij legt de adviezen soms zo direkt in de mond van de ouderlingen en ouders, dat je het gevoel krijgt dat hij direkt het woord tot de dienstplichtigen richt.
Bij het lezen krijg je zo regelmatig het gevoel dat hulp en hulpverlening door elkaar lopen. Het verraadt zijn betrokkenheid, maar het werkt toch ook verwarrend.

Een belangrijker punt vind ik de teneur van het boekje. Het zou 'een aardige inzet zijn voor een discussie.
In de benadering van de (a.s.) militair kiest de schrijver voor de start vanuit hét doopformulier. Een goede zaak.
Maar hij gaat meer uit van de eis tot trouw aan God, aan de kerk en het geloof, dan van de belofte van Gods trouw aan mensen, zelfs aan mensen, die het er op een bepaald moment in hun leven 'wat bij laten zitten'.
Er zijn genoeg passages in .het boek om dit te weerleggen, maar ik ben bang, dat de inzet toch-maar ligt in de eis dan in de belofte. En ik vraag me af of je mensen niet meer helpt met een steuntje in de rug, dan 'met een vermanende vinger: "je leeft op een klein 'eilandje' temidden van veel mensen.
Hoe ga je met die anderen om? ... Heb jij je aan bepaalde normen te houden ook als een ander dat niet doet?"
Het boekje stamt duidelijk uit de vrijgemaakte kerk en de lezer zal dat dan ook merken. Bijvoorbeeld bij het gebruik van het woord 'gelovige'. Dit is gereserveerd voor de broeders en zusters van deze kerk. Deze visie kleurt ook de waardering voor de (Protestantse) GeestelijkeVerzorging.
Naast de waardering, die de schrijver heeft voor de Geestelijke Verzorqinq, dan ook een waarschuwend woord, voor de dominees uit andere kerken.
Deze zijn zijns inziens niet altijd een dienaar van het evangelie, door hun modern-theologische inzichten. Dat ambtelijke zorg daarom niet valt over te dragen aan de krijgsmachtpredikanten vind ik zwak. Daarnaast hanteert de schrijver het argument dat deze zorg alleen binnen de eigen kerk overdraagbaar is.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief