Persschouw

1991-03-01
  • Jaargang 35
  • nummer 5
O. Mooiweer, Enschede

Een antwoord afschuwelijk, maar onvermijdelijk.

VREDESBEWEGING STAAT GEïSOLEERD.

Dat is de kop van een artikel van Ds. L.H. Kwast in het 'CENTRAAL WEEKBLAD' d.d. 15 februari 1991. Hij schrijft, dat de vredesbeweging in Nederland moeilijke tijden doormaakt.
Ze vinden nl. onder de Nederlandse bevolking weinig echo en kunnen niet verbergen, dat hun eigen huis niet eensgezind is. Vervolgens stelt de scribent de vraag waarom die vredesbeweging vandaag in een geïsoleerde positie verkeert. Is de grote meerderheid van de bevolking oorlogszuchtig geworden? Of onverschillig? Ds. Kwast merkt vervolgens op, dat in bepaalde zin de diskussie over de plaatsing van kruisvluchtwapens op Nederlandse bodem van enkele jaren terug een gesprek binnen de muren van een laboratorium kan worden genoemd. Maar hij stelt vervolgens, dat de hedendaagse diskussie zich in elk geval niet afspeelt in een laboratorium.
Er ligt nl. een overduidelijk geval op tafel. Wij nemen hierbij het tweede deel van het artikel van kollega Kwast over:

Noodklok
Oorlog is een afschuwelijk kwaad.
Maar collectief onrecht is dat ook. En dan kan een internationale gemeenschap voor de verschrikkelijke keuze staan of zij naar militair geweld als laatste middel moet grijpen dan wel het collectief onrecht moet laten voortbestaan.
Het is een keuze tussen kwaad en nog erger. In beide gevallen maakt men vuile handen. Want wie de oorlog als laatste middel afwijst, moet zich in alle ernst afvragen of hij dan geen handlanger wordt van het zich continuerende onrecht. Prof.dr. H. Berkhof gaf in 1958 een heel simpele maar niet onware voorstelling van zaken toen hij Wereldoorlog I op rekening van de militaristen schoof en Wereldoorlog II op die van de pacifisten.
Hitier hád kunnen worden gestopt als hem op ferme wijze te verstaan was gegeven dat hij met vuur speelde.
Maar als eenmaal de noodklok luidt, blijft er weinig keuze over. Dan gaat het niet meer over de vraag of men zich zal inschepen, want men zit al in het schip! Het is in het geval-Koeweit niet in augustus vorig jaar begonnen, maar al eerder, veel eerder. Het Irakese bewind kreeg zo ongeveer alles geleverd wat het begeerde toen West-Europa en de VS Iran als spookbeeld in het vizier hadden. De ene demon werd bestreden door een andere demon en het Westen sloot daarbij de ogen voor wat het bewind in Bagdad onder de Koerden aanrichtte. In een onontwarbare vervlechting van politieke, militaire enïndustriële belangen werd het Irakese bewind in staat gesteld zich tot een geduchte militaire macht in het Midden-Oosten te ontwikkelen.
De inval in en de annexatie van Koeweit is mede het gevolg van Westerse kortzichtigheid. Daarom was het in augustus 1990al bijna te laat.
Maar vandaag heeft het geen zin meer - behalve voor historici - om uit te vorsen waar in het verleden wat had moeten gebeuren om aan de fatale ontwikkeling een halt toe te roepen.
Vandaag staan wij voor het verschijnsel van een onberekenbare dictatuur die zich aan internationale afspraken niets gelegen laat liggen en een onmiddellijke bedreiging van de wereldvrede vormt. Dat Koeweit een voorname olieproducent is, is van minder belang dan dat het volwaardig lid van de Verenigde Naties is, precies zoals bijvoorbeeld Nederland. Zal het Handvest van de Verenigde Naties nog enige betekenis hebben, dan moet de agressor desnoods kwaadschiks tot de orde worden geroepen.
En dan hebben wij het nog niet eens over Israël en de levensgrote bedreiging waaronder het verkeert! Wie vandaag over de Golfoorlog klaagt, moet zijn beklag bij de heer Saddam Hoessein indienen. Hij is het juiste adres.

Onderhandelen met mensenhater?

Ongetwijfeld heeft de vredesbeweging gelijk als zij zegt dat ten aanzien van Saddam Hoessein de politiek heeft gefaald. Maar als daaruit de conclusie wordt getrokken dat men opnieuw moet pogen met hem in gesprek te komen, sluit men de ogen voor de feiten. Saddam Hoessein heeft meer dan duidelijk bewezen dat hij een mensenhater is. Dat kunnen de nog in leven zijnde Koerden in het noorden van Irak getuigen. Ook de gedecimeerde oppositie in Irak. Ook de Iraniërs die negen jaar geleden werden overvallen. Ook de Westeuropeanen en Amerikanen die maanden lang werden gegijzeld. Ook Israël dat met de dood werd bedreigd en het geweld van Irakese raketten ondergaat.
Kerk en christenheid zijn per definitie niet voor oorlog. Oorlog staat haaks op alles wat het Evangelie van Jezus Christus aan mensen doorgeeft. Maar telkens breken uren aan waarin de mensheid, kerk en christenheid inbegrepen, geen keuze meer heeft. In 1938schreef Karl Barth dat iedere Tsjechische soldaat die het geweer aanlegde, dat deed in dienst van Jezus Christus. Dat was een bijzonder krasse uitspraak. Maar Barth had scherpe ogen. Hij had het karakter van Hitier en diens nationaal-socialisme herkend. Hij had een systeem voor ogen dat mensen verachtte en haatte en niets en niemand ontziende een wereld in het verderf zou storten.

De feiten liggen op tafel: vandaag hebben wij weer te maken met een man die desnoods de hele wereld in gijzeling neemt. Daarop is evenals in 1939 maar één antwoord mogelijk. Het is een afschuwelijke conclusie, maar ze is wel onvermijdelijk.

Hoe het nu verder zal gaan in het Midden-Oosten kan geen sterveling exact voorspellen. Laten wij allen aan God blijven vragen of Hij wil bewerken, dat deze oorlog, die rechtvaardig begonnen is, in alle opzichten rechtvaardig mag worden gevoerd en op zijn tijd ook rechtvaardig mag worden beëindigd. We mogen ons mèt onze militairen in de Golf en in Turkije geborgen weten in de notteven Gods almachtige Vaderhand. Het is een goede zaak, dat COGMA ook voor hen, die ver van huis in een kritieke situatie verkeren, iets wil betekenen!
We smeken om vrede onder de volken, maar bovenal kennen we de bede om de vrede van Gód, die alle verstand te boven gaat en die onze harten en gedachten behoeden zal in Christus Jezus.
Die laatste bede wordt altijd verhoord!
Men zal het merken. Want Fil. 4:7 begint met het woordje: EN. Het is het tastbare effekt van het wegbidden van alle bezorgdheid (vs. 6). We noemen dat het evangelie van de voegwoorden.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief