Proeve van een avondmaalsformulier

1991-03-29
  • Jaargang 35
  • nummer 7
Onlangs maakte ik voor de gemeente van Zeist een inleiding op de avondmaalsviering gereed die als een alternatief 'formulier' zou kunnen dienen voor wie behoefte aan afwisseling heeft. Je kunt het niet kort of verkort noemen en om er nog een preek aan te laten voorafgaan is misschien teveel van het goede. Gekombineerd met een verootmoedigings- en genadeverkondigingsliturgie aan het begin is het met de viering zelf meegerekend voldoende voor een zondagmorgenavondmaalsdienst.
Misschien inspireert het anderen om ook eens wat op papier te zetten.

Geliefde Broeders en Zusters,

Wij vieren vandaag als 'gemeente van Christus het Avondmaal des Heren of de maaltijd van het Nieuwe Verbond.
De instelling daarvan is ons beschreven door de apostel Paulus in de eerste brief aan' de Korintiërs. We beginnen met daarnaar te luisteren.

I Korintiërs 11:23-26: "In de nacht waarin de Here Jezus werd overgeleverd, nam Hij een brood, sprak de dankzegging uit, brak het en zeide: dit is mijn lichaam voor u, doèt dit tot mijn gedachtenis. Evenzo ook de beker, nadat de maaltijd afgelopen was, en Hij zeide: Deze beker is het Nieuwe Verbond in mijn bloed, doet dit, zo dikwijls gij die drinkt, tot mijn gedachtenis.
Want zo dikwijls gij dit brood eet en de beker drinkt, verkondigt gij de dood des Heren, totdat Hij komt."

Het verband waarin Paulus deze woorden schrijft maakt duidelijk dat wij de maaltijd des Heren niet lichtvaardig of gedachteloos moeten gebruiken. Er kwamen in de gemeente van Korinte misstanden voor die de viering van het avondmaal tot een aanfluiting maakten.
Paulus wil daarom dat er gewerkt zal worden aan een sfeer die passend.
is voor de viering. Zelfonderzoek bij het licht van Gods Woord is daarvoor.
noodzakelijk, zowel in gemeentelijke als in persoonlijke zin. Eerbied en dankbaarheid, verwondering en blijdschap zullen voor die goede sfeer kunnen zorgen. Elk vanzelfsprekendheidsgeloof is daarentegen schadelijk.
Om van erge dingen als het ontbreken van verzoeningsgezindheid en zelfs haatdragendheid in de onderlinge verhoudingen maar helemaal niet te spreken.

Het heilig avondmaal is een maaltijd van brood en wijn. Maar omdat daar een zinnebeeldige betekenis aan gegeven wordt zijn de hoeveelheden die we gebruiken beperkt: een enkele beteen eenenkele teug. Hét brood staat voorhet meer gewone voedsel dat in de dagelijkse levensbehoefte van de mens voorziet. De Psalm (104:15) spreekt van "het brood dat het hart des mensen versterkt", De wijn voegt aan dat gewone het extra van de feestvreugde toe, zoals hetzelfde psalmvers zegt: "de wijn die het hart des mensen verheugt". Van brood en wijn gaat derhalve een versterkende en verheugende werking uit.

Christus maakt nu aan het avondmaal het brood en de wijn tot tekenen van zijn lijden en sterven voor ons. Wanneer het brood met het oog op de uitdeling gebroken wordt mogen we daarin een beeld zlenvan de verbreking van zijn lichaam aan het kruis. En het inschenken van de wijn herinnert ons aan het uitgieten van zijn bloed bij het offer dat Hij bracht. Zo is de Heiland met zijn verbroken lichaam en vergoten bloed ons dagelijks brood en onze zondagse wijn. Wonderlijk, wat voor Hem de zeer bittere kruisdood was, is voor ons de onuitputtelijke bron van kracht en vreugde!

Om de betekenis van het avondmaal goed tot ons te laten doordringen kunnen wij een viertal gezichtspunten onderscheiden.

1. In de eerste plaats kijken wij aan de maaltijd des Heren achterwaarts.
Christus heeft gezegd: "Doet dit tot mijn gedachtenis". Onze gedachten gaan daarom aan tafel terug naar het moment dat de Here Jezus aan het kruis zijn leven voor ons heeft uitgegoten in de dood om ons te redden van Gods toorn. "Om onze overtredingen werd Hij doorboord, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf die ons de vrede aanbrengt was op Hem, en door zijn strièmen is ons genezing geworden" (Jesaja 53:5). We laten dit aan het avondmaal goed op ons inwerken en schakelen daartoe al onze vijf zintuigen in: we horen de woorden die de viering begeleiden, we zien het brood en de wijn, we proeven de tekenen, we ruiken ze zelfs en we betasten ze met onze handen. Onze zintuigen zijn de toegangswegen tot ons hart; de Here benut ze aan het avondmaal alle om ons 'met zijn liefde te bereiken.

2. Maar we richten aan het avondmaal de blik ook voorwaarts. "Doet dat totdat Ik kom", heeft de Here Jezus gezegd.
Dus spannen wij aan de maaltijd onze verwachtingen naar het tijdstip 'dat onze Here en Meester in levenden lijve voor ons zal staan. Wij verlangen sterk naar dat ogenblik. De nood van de wereld en de onverlostheid van ons eigen bestaan drijven ons daar naar toe. "Maranatha!", "Kom, Here Jezus, ja, kom haastig!", bidden wij daarom aan tafel.

3. Ook verheffen wij aan het avondmaal de harten opwaarts in de hemel waar Christus nu is. We blijven met onze gedachten niet staan bij de uiterlijke tekenen van brood en wijn. Dat zijn immers maar tekenen die naar . Hem verwijzen. Hijzelf is nu niet onder ons, tenzij dan met zijn Woord en Geest. In persoon is Christus nu aan de rechterhand van de Vader. Daarheen richt zich dan ook onze aanbidding.
Zoals het in de oude kerk al klonk: sursum corda!, de harten omhoog!

4. Tenslotte is aan de tafel de aandacht ook zijwaarts gericht. Wij vieren het avondmaal niet op ons eentje maar als gemeente. Paulus wil dat wij al etende en drinkende het lichaam des Heren zullen onderscheiden. Hij bedoelt dan stellig het lijfelijke lichaam van Christus waarnaar het brood en de wijn verwijzen, maar toch mogen we die andere betekenis, namelijk die van zijn kerk, er ook in beluisteren.
Ook in die zin zullen wij Christus' lichaam onderscheiden. Daarop gelet is ons alle individualisme verre en zijn wij blij dat we elkaar als broeders en zusters aan de familietafel van Christus mogen begroeten. Met welgevallen kijken wij opzij naar degene die naast ons zit. Hoe goed en hoe liefelijk is het als broeders en zusters ook tezamen zijn!

AI deze blikrichtingen: rugwaarts, voorwaarts, opwaarts en zijwaarts, tonen aan hoe rijk de betekenis van het avondmaal is. Het zal dan ook zelden gelukken aldie aspekten tegelijk en even intens te genieten. Nu eens zal de ene kant, dan weer zal de andere zijde die er aan het avondmaal zit meer aanspreken of bijzondere aandacht krijgen, in het leven van de gemeente en van iedere gelovige. Dit hoeft niemand te verontrusten en kan zelfs gezien over de jaren bijdragen tot een rijk gevarieerde avondmaalsbeleving.
Het is ook hier de Heilige Geest die bij elke viering aan een ieder toedeelt gelijk Hij wil.

Laaf ons nu bidden.

Onze Vader, die in de hemelen zijt, Wij hebben Uw Zoon, onze Here Jezus Christus, lief zonder Hem gezien te hebben. Alleen zijn woord hebben wij bij ons.
Dat is zeker zeer veel en toch kunnen wij ons verlaten voelen. Daarom danken wij U dat Christus ons een zichtbaar teken van zijn tegenwoordigheid gegeven heeft: de maal': tijd van brood en wijn.
Wij bidden U dat wij deze maaltijd in geloof, hoop en liefde mogen gebruiken en dat de rijke betekenis ervan goed tot ons mag doordringen.
Laat ons terugziende opnieuw onder de indruk komen van de grote liefde die Christus voor ons heeft opgebracht toen Hij Zichzelf aan het kruis ter verzoening van onze zonden offerde.
Laat ons vooruitziende groeien in het verlangen naar Christus' wederkomst.
Laat ons opziende door de Heilige Geest verenigd worden met Christus in de hemel.
Laat ons opzijziende onze broeders en zusters ontdekken die Gij ons gegeven hebt.
Wij bidden U ook voor de jeugd der gemeente en voor belangstellenden van buiten die onderwezen worden in de leer van het evangelie. Laten zij mogen komen tot een overtuigde belijdenis van hun geloof zodat zij met ons aan 's Heren maaltijd mogen deelnemen.
Wij bidden U voor de kerk in de wereld, oud of pas gesticht, rijk of arm, gerespekteerd of vervolgd, een of helaas verdeeld. Dat Uw genade en wil haar beheersen mogen.
Wij bidden U ook voor ons kerkverband en de plaatselijke kerk waar we deel van uitmaken. Geef dat wij de naam 'kerk' en 'Nederlands' en 'gereformeerd' waardig drag-en mogen.
Ook bidden wij U voor o'nze broeders en zusters die in omstandigheden verkeren dat zij ons meeleven en onze voorbeden dringend behoeven: de zieken, de ouden van dáqen, de eenzamen, de rouwenden, degenen die verdriet hebben, de werkzoekenden, degenen die in militairet-dienst zijn (opeens weten wij in deze tijd weer waarvoor zij kunnen komen te staan), degenen die ver weg zifn. In stilte noemen wij nu hun namen ...
Wees met de zendelingen en hun helpers en met allen die in 'dienst van het evangelie zijn uitgegaan.
Tenslotte bidden wij U voor hen die in deze wereld in het groot of op beperkte schaal tot regeren geroepen zijn. Hun taak schijnt wel steeds moeilijker te worden en wij benijden hen niet. Dat zij dan hun sterkte in U mogen zoeken en vinden.
Wij smeken U dit alles in Jezus' naam, in de stellige verwachting dat Hij zal terugkomen en Gij dan, Here, zult zijn alles en in allen.
Onze Vader die in de hemelen zijt ...
Amen.

Komt nu, want alle dingen zijn gereed...
' Dankgebed na de viering: Hemelse Vader, Wij prijzen U om het geschenk van het avondmaal. ' Er is geen gelegenheid waarbij we zo onontwijkbaar voor Uw heil in Christus worden geplaatst als wanneer wij aan de tafel van het Nieuwe Verbond zijn.
Gij bezet ons .dan van achteren en van voren en Gij legt Uw hand op ons.
'De prediking kent de variatie: nu eens die tekst en dan weer dat onderwerp.
De ene boodschap neemt daarin de veelkleurigheid aan.
Maar het avondmaal herhaalt met grote nadrukkelijkheid het centrale en draagt ons dat langs alle toegangswegen die een mens bezit naar het hart.
Zo voedt en versterkt U ons met deze teerkost voor onderweg.
Laat ons dan nu we weer van tafel opstaan en onze reis door het leven en door de geschiedenis met blijdschap vervolgen, totdat wij thuiskomen en voor U 0 God verschijnen in Sionbidden wij U in Jezus' gezegende Naam.
Amen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief