Pastoraat bij het kampvuur
2010-09-17
Na een klein jaar missionair werk in de NGK van Ede, had Marian Burgering nog genoeg energie over om twee weken als pastor aan het werk te gaan op een camping in het zonnige Zeeland. Marian werkte daar samen met haar man Eelco en een recreatieteam van Dabar. Het was een geweldige ervaring en zeker voor herhaling vatbaar!- Jaargang 54
- nummer 18
Elke camping heeft wel iets van een klein zomers dorp en dat geldt ook zeker voor de camping waar Marian met man en jongste zoon neerstreek. Van de campinggasten komt een behoorlijk aantal uit Brabant en België en de meesten hebben een seizoensplaats.
Sommigen kwamen als kind al op deze camping en staan er nu weer met hun eigen kinderen. Zo groeit een camping uit tot een plek waar lief en leed gedeeld wordt!
Sores
In twee weken pastoraal werk kom je veel tegen. Marian: ‘Wat mij opviel was een hoog alcoholgebruik bij jong en oud, terwijl ouders zich tegelijk ook zorgen maken over hun kinderen, vanwege bijvoorbeeld drugsgebruik of het comazuipen onder jongeren. Ik kwam een weduwe tegen, die haar man verloor aan de alcohol. Je merkt ook hoeveel relationele gebrokenheid er is. Je ziet veel eenoudergezinnen en nieuw gevormde relaties met alle spanningen en onoverzichtelijkheid die dat geeft – ook voor de kinderen. Verder hoor je over ziekte in de familie en depressiviteit, en soms stuitte ik op occulte invloeden zoals het leggen van tarotkaarten.’
Openheid
Tegelijk werd Marian getroffen door de openheid en genoot ze van de mensen.
‘De mensen kennen elkaar, weten veel van elkaar (een caravanwandje is dun). Als je daar dan als campingpastor rondloopt, merk je dat mensen heel gemakkelijk iets van hun leven vertellen. Ze doen zich ook niet mooier voor dan ze zijn, verlangen (net als ieder ander mens) naar wat geluk en wat stabiliteit. En dan heb je vlug een gesprek van hart tot hart, bijvoorbeeld tijdens het eieren gooien op het voetbalveld of op de dijk bij het kampvuur. Een luisterend oor, een beetje tijd en aandacht was al voldoende en zo mocht ik een stukje delen in hun leven en hun pijn. Ook al hebben ze meestal geen christelijke achtergrond of zijn ze van huis uit katholiek, maar niet meer praktiserend. Regelmatig hoorde ik: ‘Je komt toch nog wel een bakkie doen hè? Mijn naam is Gerdie van nummer 116*, zul je het onthouden? Gerdie van nummer 116’. Vruchten op het werk!’
Tieners
Iedere dag begonnen Marian, Eelco en het Dabarteam met Bijbelstudie en gebed en deelden ze het verlangen om Jezus Christus bekend te maken. Marian: ‘Aarzelend hebben we om een opwekking gebeden en hebben we uitgezien naar wat God ging doen. En Hij heeft het gedaan! Zo is het Dabarteam met een aantal jongeren in de Bijbel gaan lezen. Tot onze verwondering waren veel tieners daar heel open voor! Ze verlangden naar meer kennis over het geloof en waren echt nieuwsgierig om dingen te horen. We merkten op een gegeven moment dat ze het fijn zouden vinden om een eigen Bijbel te hebben.’
Eigen Bijbel
Het Dabar-team gaf aan het eind van twee intensieve weken aan twaalf jongeren een Bijbel mee. Marian: ‘Ook een meisje van een jaar of tien wilde dolgraag een eigen Bijbel. We waren nog met elkaar in overleg wat een goede keuze zou zijn, toen iemand van de plaatselijke commissie met een prachtige kinderbijbel kwam, gekregen van een gemeentelid. Dagelijks kwam dit meisje bij het Dabarteam met de vraag om met haar uit deze Bijbel te lezen. En tijdens de campingdienst heeft ze zelf een stukje uit haar Bijbel voorgelezen. Een ontroerend moment.’
Volgend jaar weer!
En zo gebeurde er meer. Marian vertelt over de keren dat ze aan volwassenen het evangelie uit mocht leggen: Mijn zoon van 16 jaar zei in de eerste week: ‘Mam, bij ons thuis in Veenendaal word je geboren in een christelijk gezin, ga je naar een christelijke school, kun je gaan werken bij een christelijk bedrijf en ga je braaf als christen weer dood. Maar hier moet je zijn. Hier hebben de mensen Jezus nodig!’
Ze sprak ook een jongeman van even in de twintig, die via het jaarlijkse Dabarwerk tot geloof was gekomen en nu bij een gemeente in zijn woonplaats een Alphacursus gaat volgen. Verder was er een man, die na zijn vakantie, voor zijn werk in Antwerpen moest zijn en van daaruit voor de Sing-in ’s avonds ‘even’ naar de camping kwam.
De laatste avond had ook zo zijn mooie momenten: ‘Het was tijd voor afscheid nemen. Een vrouw sloeg, voor mij onverwacht, haar armen om mij heen en ik kreeg een “big hug”. En ze vroeg me: “Kom je volgend jaar weer?” “Ja, ik kom volgend jaar weer”, was mijn antwoord. “Zeker weten?”, “Ja, zeker weten”, zei ik. Dus volgend jaar zit ik weer tussen deze mooie mensen. Beloofd is beloofd!’
*Naam en campingnummer zijn om privacyredenen gefingeerd.
| De HGJB is één van de instanties, die al vele jaren campingwerk organiseert. Dat werk heeft een recreatieve én evangeliserende kant, die door het Dabar-team wordt ingevuld. Zo’n team bestaat uit een groep jonge christenen die een afwisselend programma verzorgen voor kinderen, tieners en jongeren. Daarnaast gebeurt er ook pastoraal werk door een campingpastor, met name gericht op volwassenen. In de praktijk levert dat een heel vruchtbare samenwerking op tussen de campingpastor met zijn of haar gezin en het Dabarteam. Zie verder: www.hgjb.nl/dabar. |
Marian Burgering studeerde HBO-theologie aan de CHE Ede en is tot oktober 2010 missionair werker in de NGK Ede.