Hoe leest u ‘Israël’?
2010-02-05
Voor wie geen vreemdeling is in Jeruzalem, bevat dit boekje weinig verrassingen.- Jaargang 54
- nummer 3
Welke verwachting kun je aan de Bijbel ontlenen als het om de toekomst van Israël gaat? Christenen denken daar heel verschillend over. Dit boekje is niet geschreven om dat te veranderen. Wel brengt het enkele visies samen, waardoor de lezer een aardig beeld krijgt van hoe divers de Bijbel op dit punt wordt gelezen. De vier bijdragen uit dit boekje gaan terug op een symposium van het Nederlands Dagblad. Ze zijn afkomstig van ds. Henk Poot (PKN, Christenen voor Israël), drs. Henk de Jong (NGK), drs. Michael Mulder (CGK, Centrum voor Israëlstudies) en prof. dr. Rob van Houwelingen (GKV, Theol. Universiteit Kampen).
Gods eeuwige verkiezing
Drie van de vier bijdragen zijn exegetisch van karakter. De bijdrage van Poot heeft meer iets van een collage van teksten. Daar ligt gelijk mijn moeite met zijn verhaal. Het is meer vanuit een dogmatisch paradigma geschreven dan vanuit een gedegen Schriftuitleg. Poot is er heilig van overtuigd dat Israël thuis zal komen. Hij beroept zich hiervoor op de trouw van God, maar ook de Griekse mythe over Ajax’ wedloop met Odysseus speelt een rol in zijn denken. De godin Athene laat Ajax struikelen, zodat Odysseus hem kan inhalen. Ajax krabbelt echter overeind en komt alsnog binnen. Op diezelfde manier zou God Israël eerst hebben laten struikelen, zodat de volken hun achterstand kunnen inhalen. God zorgt echter wel dat ook Israël de finish haalt. Hoe het in deze visie zit met de eigen verantwoordelijkheid van Israël blijft onduidelijk.
Over de bedekking die op Israël ligt, schrijft Poot alsof Israël iets vreemds is overkomen, dat nu eenmaal in Gods raad is besloten. Dat er aan deze bedekking een ongehoorzaamheid ten grondslag ligt, blijft buiten beeld. Ook als het om Israëls behoud gaat, laat Poot die eigen verantwoordelijkheid volledig ondersneeuwen met een beroep op Gods eeuwige verkiezing. Een rigide opvatting van de verkiezingsleer heerst zo over de Schrift.
Vanuit Christus
De meeste Opbouwlezers zullen zich meer thuis voelen bij de bijdrage van De Jong. Ook hij spreekt over Gods blijvende trouw aan Israël, maar geeft zich meer rekenschap van de centrale plaats die daarbij aan Christus toekomt.
Gods trouw ziet hij hierin, dat God zelf zorgt dat er ook onder het Joodse volk altijd zijn die Christus aannemen. Het behoud van heel Israël (Romeinen 11:26) betrekt De Jong op het gelovige Israël dat vandaag uit Joden en heidenen is samengesteld.
Om deze geestelijke duiding van ‘Israël’ te onderbouwen wijst De Jong op allerlei teksten waar de Schrift zelf ons voorgaat in een geestelijke manier van lezen. Meer dan bij Poot is zijn hermeneutisch paradigma daarmee aan de Schrift zelf ontleend.
Israël toch apart?
De bijdrage van Mulder komt in zoverre met die van De Jong overeen, dat ook Mulder bij het in Romeinen 11:25-26 onthulde geheimenis niet aan een toekomstig scenario denkt. Hij spreekt van ‘een golfbeweging van het heil’, waarbij het heil van Israël naar de heidenen gaat en weer terug. Toch gaat het bij deze golfbeweging niet om een na elkaar, maar om een naast elkaar.
Ook vandaag werkt God aan het behoud van heel Israël. Anders dan De Jong denkt Mulder daarbij aan het huidige Joodse volk. Niet aan elke Israëliet, maar aan de volheid die God voor ogen staat. Deze uitleg is exegetisch goed verdedigbaar. Lastiger wordt het wanneer Mulder de woorden ‘volheid’ en ‘geheimenis’ eschatologisch oprekt om er alsnog een toekomstscenario mee te verbinden.
Paulus’ spreken is open naar Gods toekomst, akkoord. Maar wanneer Mulder zegt dat deze openheid een extra grond geeft aan Israëls hoop, dan smokkelt hij de suggestie binnen, dat de hoop voor Israël nog een andere is dan die iedereen mag hebben die zich tot Christus wendt.
Nieuwe missie in Israël?
In het licht van zijn vrijgemaakte achtergrond is de bijdrage van Van Houwelingen opmerkelijk. Hij betrekt Romeinen 11:26 op de toekomst en stemt in met de NBV die dit vers met ‘Dan’ begint in plaats van met ‘Aldus’.
Achter (!) de toekomst voor de heidenen heeft Paulus ook een toekomst voor zijn eigen volk bij Jezus Christus gezien. Met het oog op Paulus’ missionaire stategie (eerst naar de joden en óók naar de Grieken) stelt Van Houwelingen zich de wat speculatieve vraag: ‘Waarom dan in het verlengde daarvan niet nogmaals een beweging gemaakt naar de joden toe, door hemzelf of door zijn medewerkers en hun opvolgers?’ Paulus zelf is echter aan deze teruggaande beweging niet meer toegekomen. Dat is nu onze taak. Kernpunt is volgens Van Houwelingen intussen meer dat Israël gered wordt dan de vraag hoe. Dit laatste blijft dan ook wat onduidelijk in zijn verhaal, behalve dat Gods ontferming niet buiten Christus om gaat.
Dat verbindt al deze Israëlvisies dan weer!
K. van Bekkum en M.C. Mulder (red.) (2009), Hoe leest u Israel? Nederlands Dagblad, Barneveld. 81p. € 9,95.
Dr. Jaap Dekker is predikant van de NGK Enschede en docent Bijbelvakken aan de Nederlands Gereformeerde Predikantenopleiding.