Verscheidenheid (2)

2010-08-20
  • Jaargang 54
  • nummer 16
Kerkgrenzen vervagen, schreef ik de vorige keer. Toen ging het over de positieve houding binnen de PKN t.o.v. de Alpha-cursus. Ditmaal een heel andere invalshoek. In De Reformatie van 2 juli schrijft dr. ir. Jan van der Stoep over de opkomst van moderne media, en over de kansen en uitdagingen die daarin liggen voor de kerk.
Maak volop gebruik van de mogelijkheden van websites en sociale netwerken, zoals Hyves en Facebook. Maar:

We moeten ons er tegelijk wel van bewust zijn dat al deze media-mogelijkheden van weinig betekenis zijn wanneer je zelf nauwelijks iets te bieden hebt. Je kunt wel heel wat investeren in je presentatie naar buiten toe via de nieuwe media, maar dat blijft altijd van secundaire betekenis. Willen we als christenen aantrekkelijke missionaire gemeenschappen vormen, dan zullen we vooral moeten investeren in de inhoud van de prediking en de kwaliteit van het gemeenteleven. () Of de boodschap van de prediking landt, hangt niet zozeer af van hoe lang een preek heeft geduurd, of welke plaatjes de predikant heeft laten zien, maar of de predikant echt wat te melden heeft en of hij spreekt in een taal die aansluit bij de dagelijkse leefwereld van mensen. Dat nauw aansluiten bij wat er onder zijn gehoor leeft, is voor een predikant in een samenleving waarin de ontvangerskant steeds belangrijker wordt cruciaal. Mensen zijn meer dan vroeger geneigd om elders te gaan shoppen wanneer de boodschap hun niet bevalt. () Predikanten moeten, met andere woorden, meer dan vroeger hun gezag verwerven.
Wil je in een netwerksamenleving mensen bereiken, dan zul je vooral naast hen moeten gaan staan. Je moet hun taal spreken en open staan voor wat ze je te vertellen hebben. Dat betekent heel concreet dat je als predikant ontzettend goed op de hoogte moet zijn van wat er in de gemeente leeft, van noden en behoeften, en daarbij moet aansluiten. Oftewel: je moet niet alleen zender, maar ook ontvanger zijn.

Maar er is meer:

Ook de manier waarop mensen met elkaar contacten onderhouden en gemeenschappen vormen, verandert. Dat is het tweede punt waar ik het over wil hebben: het samen gemeente van Christus zijn. Het gebruik van nieuwe media leidt () niet automatisch tot een meer individualistische samenleving.
Juist mensen die al veel contacten hebben, maken gebruik van Facebook, Hyves, Linkedln en Twitter om relaties te onderhouden en hun netwerk uit te breiden. Het grote verschil met vroeger is dit: mensen scheppen zelf hun sociale context. Ze sluiten zich niet meer zo vanzelfsprekend aan bij bepaalde verbanden, maar creëren hun eigen netwerken. Bovendien nemen ze niet meer zomaar genoegen met gemeenschappelijke opvattingen over bijvoorbeeld doop, schepping of seksuele moraal. Mensen halen overal hun inspiratie vandaag en construeren zo hun eigen wereldbeeld.
Ook binnen kerkelijke gemeenschappen laten mensen zich steeds moeilijker in een bepaalde groepsmoraal of een gemeenschappelijke overtuiging voegen. Via websites en sociale netwerken blijven gelovigen hier in Nederland gemakkelijk op de hoogte van wat bijvoorbeeld in de kringen van Rick Warren, John Piper, Tim Keller of Tom Wright gebeurt. Ze weten precies wat er in een andere kerk om de hoek gebeurt en downloaden veelvuldig preken van bekende voorgangers. De verbondenheid aan kerkelijke denominaties neemt hierdoor af. Criterium is geworden of men zich ergens ‘thuis voelt’.
Deze ontwikkeling, dat mensen zelf op zoek gaan naar zingeving en hun eigen gemeenschappen vormen, staat haaks op de overtuiging dat je als gelovige deel bent van een gemeenschap die je niet zelf uitgekozen hebt. Maar aan de andere kant, als mensen verbindingen aangaan en zich inzetten, dan doen ze dat vaak wel met volle overgave en overtuiging. Nadruk ligt op motivatie en betrokkenheid en niet, zoals voorheen, op het al dan niet lid zijn. Het gaat mensen er in de eerste plaats om dat ze zich met elkaar verbonden weten, niet of ze in een of ander kerkelijk register zijn opgenomen.
Je spant echter het paard achter de wagen als je van de kerk een netwerkachtige gemeenschap maakt. Het unieke van de kerkelijke gemeenschap is juist dat het een plek is waar je jezelf kunt zijn en waar je je niet groter hoeft voor te doen dan je bent, een plek waar je leert om samen van genade leven. In een wereld waarin je voortdurend moet netwerken om erbij te kunnen horen, kunnen kerken juist een schuilplaats bieden aan mensen die niet aan de standaarden voldoen en door anderen nauwelijks gezien worden.
De kerk is meer dan een netwerk van gelovigen. Het is in de eerste plaats een plek waar je onderling de liefde van Christus beoefent. Het getuigenis van individuele gelovigen is belangrijk, of dat nu op straat of via Twitter en Hyves gebeurt. Minstens zo belangrijk is echter hoe gelovigen het evangelie samen handen en voeten geven. En daarvoor moet je ook samen een gemeenschap vormen.

Drs. Menko Biewenga is predikant van de NGK Enschede

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief