Pastorale notitie

1991-05-24
  • Jaargang 35
  • nummer 11
G. v.d. Brink, Veenendaal

Een doodgeboren kind
De dikke Van Dale geeft: Dat wetsvoorstel is een doodgeboren kind. De uitdrukking is ontegenzeggelijk raakvoor-
de-zaak: grote inspanning baart een dood produkt. Voor wie echt een doodgeboren kindje in de armen heeft gehad is de terminologie wondend.
Denk aan jonge mensen, die maanden lang in blijde verwachting hebben geleefd. Ze hebben met veel zorg het wiegje klaargemaakt, de kinderkamer, de kleertjes. Dan ineens ligt het kleine popje dood op bed. Er wordt een kistje gebracht. Vader gaat zijn schat wegbrengen.
Denk ook aan zo'n verdriet in de kring van een al groter gezin. Nooit vergeet ik de stralende morgen waarop wij, kinderen, opgevangen werden door een zorgzame overbuurvrouw, die zelf maar één kind had gekregen. Toen het bericht de straat overstak, dat ons zusje doodgeboren was, zei ze: "Voor jullie is het niet zo erg. Jullie hebben er al zo vee/!" Dat contrasteerde hevig met de zee van tranen waarin ik moeder aantrof. En vader keek zo strak! Het was de eerste maal dat ik in aanraking kwam met de dood. Het zusje was heel mooi, maar ze was zo koud! We hebben het samen weggebracht: Vader en ik, als oudste zoon. De dominee kwam later. Ik zie nog de begrafenisdienaar met het kleine kistje op zijn knieën. En hoe de man zich liet zakken in het kleine graf je. Daar zette hij het kistje neer in het zand. Het witte kleedje nam hij er af en hij vouwde het netjes op. Dat ging mee terug naar huis. Gelukkig slijt zulk verdriet. Maar men onderschatte het rouwproces niet.
Natuurlijk is het heviger als het kind een tijdje heeft geleefd. Een doodgeboren kindje heeft nog geen naam.
Maar er bestond een fysieke en emotionele band tussen ouders en kind.
Moeder voelde haar kind bewegen en vader voelde mee. Drs. C. van Voorst tot Voorst merkt op in het blad 'Rondom het Kind' (nr. 4, juli 1990) dat een vijf-maands kindje zich al voegt naar de hand van moeder of vader op de buik. Eer er oogcontact is, is er al lichaamscontact. Een doodgeboren kindje had nog geen naam. Maar een naam in de zin van karakter had het wel degelijk. Vraag maar aan mensen die praematuurtjes verplegen. De echte vechtjasjes haal je er zo uit. Een doodgeboren kindje is echt zoals de tachtigers zeiden, een bloem in de knop gebroken en voor de ochtend van haar bloei vergaan. Je hebt het niet leren kennen. Maar het was er. Tot vandaag kan het me gebeuren dat ik haper als de vraag gesteld wordt: "Met z'n hoevelen waren jullie thuis?"
Dan heb ik neiging te antwoorden: "Met z'n achten", in plaats van: "Met z'n zevenen". Mijn doodgeboren zusje is niet weg. Prof. K.J. Popma fantaseert over de mogelijkheid dat de Here alle geaborteerde en doodgeboren kindertjes van de hele wereld zal binnenbrengen op de nieuwe aarde. Wie weet! Onze doodgeboren kindertjes liggen onder de vaderlijke vermaning van de Dordtse Leerregels (I, 17): godvruchtige ouders moeten toch vooral niet twijfelen aan de verkiezing en het heil van hun vroeggestorven kindertjes.
Er wachten ons nog grote verrassingen, straks. Ik zal mijn zusje leren kennen en mijn ouders hun kind. Moeders zwangerschap is niet voor niets geweest.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief