Tussen kerk en keuken
1991-06-21
Vaderdag- Jaargang 35
- nummer 13
Volgende week is het vaderdag. Als u dit stukje onder ogen krijgt, zit die dag er al weer op. Ik werk met toekomstbeelden en u moet herkauwen. Enfin, het is niet anders.
Ik ben in het algemeen slecht in het onthouden van data.
Zeker een dag als 'moederdag' of 'vaderdag' scoort bij mij hoog om vergeten te worden.
Vroeger was de kans op het laten sloffen van zo'n dag minder groot, want er kwam altijd wel een kind met een briefje waarin stond: Voor mijn lieve vader; of "voor de liefste papa van de wereld". De terminologie hing van de juf af.
Vervolgens moest ik geverfde stenen met bestemming presse-papier, een das van crêpe-papier of een boekenlegger ergens in een kast verstoppen.
Tijdenlang heeft zo'n kei in woeste kleuren op mijn mans bureau gelegen.
Hij hield alles vertederd in ere. Alleen de stropdas ging hem wat ver.
Gelukkig onthield Janneke welk pakje van wie was, want ik raakte met vier pakjes de kluts kwijt en duwde, zonder aanzien des kinds, kadootjes in handen.
Omdat ik de zwakheid 'geen datum onthouden' onderkende bij mezelf, heb ik één keer zo'n dag wel zeer op tijd gevierd: Begin juni werden de eerste folders met gereedschappen voor vaders in de brievenbus gestopt. Ze varieerden van schoffels, grasharken en spaden tot elektrische klopboormachines en televisietoestellen.
Nu had ik op deze folders altijd een goed antwoord en dat heette: boek of boekenbon. Soms, als ik een slechte bui had, luidde het: das of sok. Maar dat was een uitzondering.
Ik dacht na het zien van de folders "Aha, dat pak ik nu eens perfect aan ..."
Ik had gelezen dat er weer een deel van 'Het Koninkrijk der Nederlanden in de tweede wereldoorlog', van dr. L. de Jong uit was, haastte me naar de boekwinkel en liet het inpakken. Daarnaast kocht ik een boekje van ds. H. de Jong, want eigen erf wil ook wat.
De kinderen kwamen niet thuis met kadootjes en hoewel ik dat wat vreemd vond, kreeg ik er ook een goed gevoel van. Zo van: Ze worden wel laks op die scholen tegenwoordig ... Nee, kijk dan eens naar mij ... Eigenlijk wel behagelijk om eerlijk te zijn.
Ze mochten zakdoeken kopen en een mini-tuinset. Niet omdat ik vond dat twee boeken niet genoeg was, maar eigen inbreng werd altijd hoog gewaardeerd.
De vaderdag werd gevierd met toeters en bellen en met thee en beschuit op bed. Nu behoort mijn man tot de soort die ontbijt op bed lijdzaam verdraagt en beschuitkruimels in bed verafschuwt, maar de portie ellende van de ene en de opbouwende woorden van de andere De Jong vergoedden veel.
De kinderen stonden trots en verheugd te kijken hoe goed de kado's in de smaak vielen.
Vaderdag werd verder in gepaste vreugde gevierd.
De woensdag daarop kwam het eerste kind met een geheimzinnig gezicht en een pakje onder zijn jack thuis.
"Voor vaderdag", zei hij opgewekt.
De anderen volgden welgemoed met wensjes die alvast voor moeder opgezegd werden.
"We heben toch al vaderdag gevierd", zei ik verbijsterd.
"Te vroeg. Vieren we het fijn nog een keer. Haal maar weer taart", zeiden de kinderen blij.
Er bleef me niet veel anders over.
Weer thee met beschuit op bed vergezeld door wensjes en kadootjes. Weer taart bij de koffie. Ik had zelf geen kado meer gekocht want ik bleef niet aan de gang. Bovendien herinnerde ik me de woorden die mijn vader mijn moeder placht toe te voegen op moederdag: "Je bent m'n moeder niet."
Ze kreeg daarna wel altijd een schitterende bos bloemen.
Maar zelfs die gaf ik niet. Ik kreeg ze.