De betrouwbare dateringen van de bijbel (5)
1991-08-16
5.1. We spreken over Gods tijden- Jaargang 35
- nummer 17
Wij moeten bij het lezen van deze artikelen over de chronologie van de Schrift goed beseffen dat het gaat over Gods tijden, dat zijn de tijden die God voor Zijn daden heeft vastgesteld. De Boze is er in geslaagd die tijden bijna geheel te verdonkeremanen. Hij zegt dat de bijbel daar niet voor is! Dat is echter een grote leugen, de Schrift geeft wel degelijk volkomen betrouwbare jaartallen voor Gods handelen.
Deze artikelen zijn dan ook niet maar voor 'deskundigen', maar voor iedere bijbellezer die nog enig besef heeft van de tijdchaos die de ontspoorde westerse theologie in de Schrift heeft aangericht.
De bijbelse funderingen laten zien hoe de jaartallen in de Schrift verankerd zijn. Ze leren ons de tijd leugens van de theologie en van Schriftcritische opgravers beslist af te wijzen. Strijd over jaartallen die niet geheel op bijbelse gegevens steunen heeft geen enkele zin. Het stemt de bijbellezer alleen maar sceptisch.
"Veertig eeuwen (= 4000 jaar) van tevoren heeft de Heer Zijn Zoon beloofd."
Zo was het en zo is het.
Het 4e artikel eindigde met het jaartal 467 v. Chr. als het huwelijksjaar van koning Ahasveros en Esther. In dit 5e artikel volgen nog enige jaartallen uit de zo in verwarring verkerende Ezra-Nehemia periode. T.otdat we komen bij het begin van de bijbelse chronologie, het jaar 4 v. Chr. zijnde het geboortejaar van Jezus Christus, onze Heer.
a) 419 v. Chr. Nehemia wordt landvoogd in Jeruzalem
Ook dat is een belangrijk jaar in Gods heilsplan. In 419 v. Chr. eindigt Israëls 70-jarige ballingschap, als Nehemia landvoogd wordt. Nehemia was in 454 v. Chr. voor de eerste maal naar Jeruzalem gegaan, onder Ahasveros (Nehemia 2:1,6), in 426 v. Chr. ging hij voor de tweede maal, onder Zerubbabel (Ezra 2:2), in 419 v. Chr. gaat hij voor de derde maal, als landvoogd (Nehemia 5:14). Hij is landvoogd gedurende 12 jaar (Neh. 5:14), van 419 tot 407 v. Chr. De ballingschap was begonnen in 489 v. Chr., toen Jojachin als eerste in ballingschap ging (2 Kon. 24:12; Jer. 52:31). Dat was in het 8e jaar van Nebukadnezar, dat is dus 7 jaar na 496 v. Chr., zijnde het 1e jaar van Nebukadnezar. De ballingschap eindigt derhalve in 489 - 70 = 419 v. Chr., als Nehemia landvoogd wordt in Jeruzalem gedurende 12 jaar, d.I. van 419 - 12 = tot 407. Dat is 2 jaar voor de inwijding van de tempel in 405 v. Chr. Het jaar 405 v. Chr., als het jaar van de inwijding van Israëls tempel, de woonplaats van de levende God op aarde, ligt vast in de grote profetie van Daniël 9:25, die leert dat de 7 jaarweken (7 x 7 = 49 jaar), bestemd voor de opbouw van stad en tempel, vol zullen zijn in 454 - 49 = 405 v. Chr. Nehemia is echter landvoogd tot 407 v. Chr. In 407 v. Chr. is hij bij de koning in Perzië maar verkrijgt toestemming naar Jeruzalem te gaan om de inwijding van de tempel bij te wonen in 405 v. Chr. (Neh. 13:6). De Arthasasta uit Nehemia 5:14, die Nehemia heeft aangesteld, is waarschijnlijk Cambyses, zoon van Kores (Darius 2), dan wel zijn neef Darius 3 (Hystaspis), mogelijk dan als mederegent. Zeker is dat Darius 3 (Hystaspis) in 410/411 koning wordt, aangezien de inwijding van de tempel in 405 plaats heeft in het 6e jaar van Darius 3 (Ezra 6:15). Het 1e jaar van Darius 3 is derhalve 410/411.
Terloops zij opgemerkt dat er doorgaans weinig op gelet wordt dat de Schrift drie periodes van 70 jaar onderscheidt:
1) 70 jaar heerschappij van Babel over Israël: van 496-426 v. Chr. (2 Kon. 24:1, Jeremia 25:11).
2) 70 jaar ballingschap (deportatie) van Israël: van 489-419 v. Chr. (2 Kon. 24:15).
3) 70 jaar woest liggen van de tempel: van 479-409 v. Chr. (2 Kon. 25:8).
b) 409 v. Chr. Darius 3 (Hystaspis) hernieuwt het bevel tot tempelbouw
Na een onderbreking van de tempelbouw gedurende 15 jaar wordt het bevel tot opbouw hernieuwd in 409 v. Chr. door Darius 3 (Ezra 4:24; 6:12,15).
Daarmee eindigt in 409 v. Chr. het voorzegde 70 jaar woest liggen van de tempel. Het woest liggen begonnen in 479 v. Chr., toen de tempel - tien jaar na het begin van de ballingschap (489 v. Chr.), in het 1ge jaar van Nebukadnezar - verbrand werd en Zedekia verblind naar Babel werd gevoerd (2 Kon. 25:7,8).
c) 405 v. Chr. Inwijding van de tempel
Wij hebben dit jaartal al besproken onder 419 v. Chr. In het 6e jaar van Darius 3 (Hystaspis) vindt de inwijding plaats, waarbij Nehemia aanwezig is (Nehemia 13:7). Ezra komt eerst het jaar daarna, in 404 v. Chr. (Ezra 7:8,9).
De 7 jaarweken van Daniël 9, bestemd voor de opbouw van stad en tempel zijn nu vol en daarmee beginnnen de 62 jaarweken (62 x 7 = 434 jaar) die aanvangen bij het opgebouwd zijn van stad en tempel in 405 v. Chr. en eindigen met de uitroeiing van de Gezalfde.
Zij lopen van 405 - 434 = A.D. 29, zijnde het jaar van de kruisiging van Jezus Christus.
d) 404 v. Chr. Het eerste Pascha na de ballingschap (Ezra 6:19-20)
Tussen de viering van het 1e Pascha na de ballingschap in 404 v. Chr. en de geboorte van Jezus van Nazareth, Israëls Messias, die tevens Hoofd is van zijn reeds tot het zoonschap geroepen gemeente, in het jaar 4 v. Chr., liggen 400 jaar. Het is de langdurige tijd van beproeving voor Israël, 10 x 40 = 400 jaar. De profeet Maleachi (waarschijnlijk is het Ezra zelf) kondigt in Maleachi 3 het optreden van Johannes de Doper en Jezus van Nazareth aan. Dat optreden begint A.D. 26, drie jaar voor de kruisiging A.D. 29. Er is Schriftuurlijke grond voor de veronderstelling dat tussen de voorzegging van Maleachi en het optreden van Johannes de Doper in het jaar 26 dezelfde 400 jaar van beproeving ligt als tussen 404 v. Chr., het eerste Pascha, en 4 v. Chr., de geboorte van Johannes en van Jezus. Dat zou betekenen dat Maleachi profeteerde in A.D. 26 - 400 = 374 v. Chr., dat is 30 jaar na de reformatie van Nehemia en Ezra die in 404 v. Chr. leidde tot de viering van het 1e Pascha. Israël kent Maleachi als 'het zegel van de profeten'. Dat was Ezra ook.
Slotopmerking over de Ezra-Nehemia periode
Nehemia kwam in 454 v. Chr. voor de eerste maal in het verwoeste Jeruzalem, dat is 50 jaar voordat Ezra in 404 v. Chr. voor het 1e Pascha Jeruzalem bezoekt. Het boek Nehemia (eindredactie zeer zeker Ezra) beschrijft de periode 454 - 403 v. Chr., dat is ca. 51 jaar. Het boek Ezra loopt van 426 v. Chr. - 403 v. Chr., dat is ca. 23 jaar.
e) 4 v. Chr. De geboorte van Johannes de Doper en Messias
Jezus: Zoals eerder gezegd is onze Anno Dornlnl tijdrekening afkomstig van de monnik 'Dionysius Exiguüs', uit het jaar A.D. 532. Zijn chronologie bleek 4 jaar achter te lopen, zodat het geboortejaar van Jezus moest worden teruggeschoven naar 4 v. Chr. Dat betekende dat het jaar van de kruisiging van Jezus, op 33-jarige leeftijd, het jaartal A.D. 29 kreeg.
Afsluiting van het eerste deel
In de voorgaande artikelen hebben we een aantal belangrijke bijbelse jaartallen van een bijbels fundament voorzien.
De naar elkaar verwijzende bijbelplaatsen vormden geen treinlectuur.
We behoeven ze ook niet in ons geheugen op te slaan, al is dat lang niet waardeloos. We mogen de verwijzingen wel vergeten. Maar we moeten goed weten dat ze de bijbelse jaartallen zeer vast maken. Hadden EUSEBlUS en zijn chronologische navolgers tot op heden dat maar iets meer geloofd.
Het is fascinerend op te merken hoe nauwkeurig de Geest Gods in de 1500 jaar waarin de Schrift tot stand is gekomen ook over de juiste dateringen heeft gewaakt. Ze liggen in de Schrift verankerd, ook al weten we niet eens nauwkeurig het begin van onze Anno Domini tijdrekening. Dat betreft slechts het jaar waarin de bijbelse dateringen inhaken in de onze. Het doet niets af aan het feit dat de oude bijbel ons ook chronologisch geheel exact onderwijst.
Thans volgt het tweede deel van de bijbelse chronologie. We zullen het zeer beknopt houden. Het gaat omvatten de jaren 4004 v. Chr., de SChepping van Adam, tot 496 v. Chr., het 4e jaar van Israëls koning Jojakim, d.i. het 1e jaar van koning Nebukadnezar van Babel (Jeremia 25:1). Het kan veel korter zijn, want we weten nu wel hoe nauwkeurig de Schrift dateert.