Boekbespreking
1991-09-13
D.W.L. Milo, Nunspeet - Jaargang 35
- nummer 19
Scheiden… kàn dat?
Dr. H.M. Mulder, 'Scheiden ... kàn dat?'
Uitg. V.d. Berg, Kampen
Aangezien onze God van oordeel is, dat het niet goed is dat de mens alleen zij, heeft Hij de man een gezellin geschonken, die bij hem past. Een levensgeschenk dus, zo'n huwelijk 'uit Gods hand'. Elders verbindt men zich onder ede "for better and worse" , trouw inclusief de mee- en tegenvallers; wij zeggen: tot er de dood op volgt. Het huwelijk is dus een aardse zaak: gebonden aan de tijd van ons aardse leven. Daarna is ons huwelijk nietig. Want in het koninkrijk Gods huwt men niet, maar leeft als de engelen, zei onze Heiland.
Waar dit Godsgeschenk dient, eerst om elkaar in liefde te helpen, voorts om het mensengeslacht in stand te houden, is het vanzelfsprekend, dat echtgenoten elkaar trouw blijven in voor- en tegenspoed. Mozes gaf Gods boodschap door: niet doodslaan, niet stelen, niet het huwelijk schenden. Een bijzondere wet-ten-Ieven: niet echtbreken.
En Jezus, die de wet niet doorstreepte maar onderstreepte, zei: "wat God samengevoegd heeft zal de mens niet scheiden".
De enorme lichtvaardigheid, waarmee vandaag huwelijken ontbonden worden (en waarin de wetgeving alle kansen biedt), gaat niet aan de kerkdeuren voorbij. De stortvloed van informatie, de bewustwording van de vrouw (die, minder aan huiswerk en kinderen gebonden, haar werk buitenshuis zoekt en eigen inkomsten heeft), de prestatie-gerichte maatschappij, die van de man een tiran kan maken, ze werken funest op de sfeer van het gezin: kinderen groeien op onder tweespalt en scènes (geduld en incasseervermogen bij de ouders worden als zwakheden gezien) en missen de bescherming van het ouderlijk nest, kunnen straks ook hun kinderen die niet bieden. Op deze wijze heeft de Satan de meest kwetsbare plekken van ons leven in handen!
Dr. Mulder was geroepen om in een commissie van de NGK te Kampen de echtscheiding met haar aan- en afloop grondig te bestuderen. Daar hij bovendien een grote kennis van de Schrift bezit en als classicus tot de bronnen van christelijke begrippen en wanbegrippen kan doordringen, was hij de aangewezen man om deze 'Bijbelstudie' op ons aller tafels te leggen.
De schrijver heeft blijkbaar alle facetten van de echtscheiding bezien en als hij tot een duidelijk 'neen' komt, is dit niet een despotisch verbod, bèslagen met prikkeldraad, maar een duidelijke handwijzer: dat echtscheiden ons niet vooruit, maar achterop brengt. Hierinen in vrijwel alle details - ademt zijn werk de Geest van onze Heiland, die zijn leerlingen leed en dwaling wilde besparen.
Enkele details. Terecht hekelt hij ons verouderde huwelijksformulier, dat de vrouw dienstbaarheid, smart, begeerte en gehoorzaamheid oplegt - zonder te zien dat dit de straf van de menselijke zonde betekent en niet de norm voor een rechtvaardig huwelijk. Ook de heerschappij van de man is strafgeen vrijbrief, laat staan norm. Hij verwijst naar de CG Kerken, die met hun nieuw formulier baan breken.
Een ander punt is de schijnbare tegenspraak tussen Mozes en Jezus Christus.
De laatste zei: "wat God samengevoegd heeft ..." - de eerste kwam met een complete scheidbrief. Dr. Mulder legt uit dat de Heiland niet Mozes kwam ontkrachten, maar vervuilen.
Mozes gaf geen vrijbrief tot scheiden, maar regelde slechts de procedure, ingeval een man "in hardigheid van zijn hart" zijn vrouw wegzond; inclusief alle stations van schrijven, ondertekenen, ter hand stellen van de brief, afwachten en de onherroepel ijkheid!
Een sterk punt: de schrijver toont aan dat door een misverstand van het woord 'vlees' het christelijk huwelijksverkeer onder een onchristelijk taboe is geplaatst, * hetgeen een gezonde opvoeding van onze gezinnen in de weg stond. De 'openheid' van vandaag is dan ook geen verbetering, maar een aanval op een onverdedigbare vesting.
Waar Paulus - die het meeste over het huwelijk schreef - nadrukkelijk zegt, dat in het huwelijk de partners niet meer meester zijn over eigen lichaam, dat immers in de nieuwe twee-eenheid is ingebracht, daar waarschuwt hij tegen eenzijdige opzegging; deze is een vorm van echtbreuk, die de andere partij stimuleert hetzelfde te doen.
Over proefhuwelijk en samenwonen is dr. Mulders oordeel ook naar de Schrift: in deze tijd alleszins begrijpelijk, maar in wezen een ontkenning van het een-vlees-zijn. Mulder is niet bang het kind bij zijn naam te noemen en vraagt christelijk mededogen met strandende en gestrande huwelijken, liever dan de schuldvraag te stellen.
Dit boekje is vruchtbaar voor allen, die meer bij het zevende dan bij het negende gebod zijn opgegroeid. Het is alweer een kostelijke aanwinst voor onze bijbelclubs, gemeente-avond, of privé bezinning.
• Paulus gebruikt het woord vlees dikwijls voor onze zondige aard, - maar in Genesis betekent vlees gewoon lichaam, zelfs voor de zondeval.