De Tempeliers in Schotland
1991-10-11
De vervolgde en vogelvrije Tempeliers vonden dus asiel in Schotland, het enige land dat voor hen openstond. En aangezien ze in Schotland al veel grondbezit en invloed hadden, was het vanzelfsprekend, dat de orde zich hier vestigde. Ze heeft haar sporen terdege nagelaten.- Jaargang 35
- nummer 21
Het is bekend, dat in 1298 Brian de Jay grootmeester was van de Schotse Tempelieren. Walter Scott heeft hem als hoofdpersoon voor zijn bekende roman 'Ivanhoe' genomen, echter onder de naam Brian de Bois Guilbert.
U let wel op beide Franse namen? U zult meer Fransen tegenkomen.
Merkwaardig dat de Schotten, hoewel kieskeurig op hun relaties, de slechte reputatie van de Tempelieren hebben gelaten voor wat die waard was. Ongetwijfeld hadden zij hun eigen goede ervaringen met deze orde; bovendien was het een publiek geheim: dat Philips IV van Frankrijk zijn vervolgingen had ingezet uit woede en afgunst, bovendien uit vrees dat de Tempelieren een koninkrijkje binnen zijn rijk zouden vormen. Vergeet niet dat ze niet onder een koning, slechts onder de paus stonden, veel adel en intellect telden en zeer vermogend waren.
Ook de Engelse koning Edward 11was begonnen de Tempelieren te vervolgen, op aanstoken van zijn Franse collega, want de paus had nog niets gezegd. In 1309 beval Edward alle Tempeliers in zijn rijk te arresteren en voor de inquisitie te brengen. Die inquisitie stond onder gezag van William Lamberton, een man afkomstig uit St Andrews (waar de oudste Schotse universiteit staat) en zelf een geheim lid van de orde. William veinsde gehoorzaamheid aan de koning, reisde naar Schotland, maar onderhield zich daar met de kopstukken der Tempeliers in plaats van ze te 'verhoren'.
Onder die kopstukkenbevond zich Robert de Bruce.
Robert de Bruce
Deze Robert, alweer een Fransman, is later de eerste koning van Schotland geworden. Iedere Schot kent zijn geschiedenis, want van Robert de Bruce begon de Schotse onafhankelijkheid.
Toen hij eens gemengd was in een Schotse stammenstrijd, heeft hij een Mac Douqall gedood ... en wel "op heilige grond". (Dat kan in een kerk, maar ook op een kerkhof zijn geweest.) Vier Mac Dougalls hebben tesamen Robert de Bruce aangevallen, om hem volgens de bloedwraak te doden. Die aanval gebeurde nabij Tyndrum, de plaats waar uw schrijver jaren lang de herten bejaagde. Aan de ingang van zijn jachtveld staat een boerderij met de naam 'Dal Righ' = koninklijke grond. Robert heeft namelijk de vier gebroeders van zich afgeschud en is ontkomen door het jachtveld, waar uw schrijver met zijn geestesoog Robert altijd nog zag trekken: langs een rivier naar het zuiden, tot aan de 'Clachan Briton', de Britse grenssteen, waar het gebied van de Hooglanden overging in vijandelijk gebied.
Intussen is Robert de Bruce beroemd geworden door de grootse veldslag, die hij in 1314 te Bannockburn tegen de Engelsen leverde. Daar versloeg hij namelijk met 6000 Schotten het overmachtige Engelse leger (20.000), het grootste leger van die tijd.
Dat was wel nodig ook. Zo'n zestien jaar tevoren hadden de Engelsen bij Falkirk de Schotten verslagen en wel omdat de Engelsen een groep Tempelridders uit Wales in het veld brachten.
Nu de Tempelieren echter in Engeland vervolgd werden, stonden ze volgaarne aan Schotse zijde en dat was een belangrijke factor. De Schotten, weliswaar moedig en op vechten belust, kenden alleen de stammenoorlog, waarbij plaatselijke kennis, handigheid en list de voornaamste krijgsmiddelen vormden. Om te beginnen werden de Schotten dus nu terdege bewapend: iedere man droeg een leren hoofdkap plus een helm, een gepolsterde leren jas, een 12 voets speer met stalen schacht, een mes, bijl en zwaard: Alle materialen waren in Frankrijk gemaakt, door de Tempeliers geschonken en in eigen schepen via Ierland overgebracht.
Maar de Tempeliers deden meer.
Eerst trainden ze de Schotse mannen in,hun oosterse vechttactieken. Geen individualisme was meer toegestaan, de mannen moesten harmonisch samenwerken: bij de aanvallen moesten ze, vier rijen diep, elk zijn voorman bij de rechterschouder vasthouden. En niet loslaten! Zo vormde een bataljon een onneembare muur, achter vier speerpunten, waar geen cavalerie zich aan waagde, laat staan het voetvolk.
Robert de Bruce was vertrouwd met deze tactiek, die naar hij wist voor de Engelsen een verrassing zou betekenen.
Men zegt dan ook dat Robert de strategie van de Tempeliers had geleerd, Toen hij gereed was lokte hij de Enge,lsen naar Bannockburn, Vooraf werd nog een andere kaart op tafel gelegd: de avond voor de strijd kwam een Engels officier, Sir Alexander Seton, naar Schotland overgelopen, met alle informatie over de bewapening, plannen en moreel van de Engelsen.
Ook hij was een geheime Tempelier.
In de slag van Bannockburn hebben de woeste tempelridders een hoofdrol gespeeld: bij hun verschijnen - nadat de Schotten de Britse legermacht acht uren lang voor zich uit hadden gedreven - sloegen de Engelsen schreeuwend van angst op de vlucht en werden verpletterend verslagen. De Tempeliers hadden de tol voor genoten gastvrijheid betaald, konden geen kwaad meer doen en hielden een leidende rol in dat land. Als u Schotland binnenrijdt via Stirling (om de hoofdplaatsen te vermijden) treft u al spoedig op de M 80 de verwijzing naar dit historische slagveld aan, waar Schotlands glorie begon.
Steenhouwers
Als gezegd hadden de Tempelieren hun eigen vakmensen. Nu is het merkwaardig, dat zich na 1300 rond Loch Awe (W. Hooglanden) een groep steenhouwers vestigde, die naam heeft gemaakt in Schotlands historie.
Ze lieten talloze grafstenen na, die samen de 'school van Loch Awe' vormen, en die beter dan papier en perkament de historie vasthouden. In ons bloedeigen dorpje Dalmally liggen ,er enkele rond het kerkje, waar uw schrijver tien jaar organist was. Maar in Kilmartin is een compleet openluchtmuseum ingericht van oude steenwerken, die duidelijk door Tempeliers zijn gemaakt.
Kenmerkend voor deze stenen is, dat de meeste een zwaard tonen in plaats van de elders aangetroffen kromstaf.
Hetgeen er op wijst, dat de persoon die een grafsteen waard was, geen bisschop maar een 'ridder was. In het museum van Kilmartin komen dan ook stenen voor, die het tempelierskruis dragen. Een enkele vertoont een schip, dat veel groter is dan de galeien van die eeuwen dat een tempeliersschip moet voorstellen. Aan de oostkust van Loch Awe, ten noorden van Ford, zijn ruïnes te vinden van een oude ronde tempel - een nabijgelegen grafsteen toont het tempelierskruis.
Johanniter Orde
Toen de Tempeliersorde officieel was opgeheven en door de paus vogelvrij verklaard, heeft een aantal tempelridders, zekerbulten Schotland, zich bij de bevriende orde van Johanniter . Ridders gevoegd. Natuurlijk zijn de Tempeliers in het geheim verder gegaan en worden nu nog aangetroffen maar onderduiken bij de Johanniters was veiliger.
Deze laatste orde had aanvankelijk een hospitaal in Jerusalem ingericht.
Men stelde zich onder de schutspatroon Johannes de Doper; voorts is de naam van Gotfried van Bouillon aan deze orde verbonden. Op den duur waren de Johanniters ook werkzaam geworden met het vervoer en de bescherming van kruisvaarders. Ze liepen dus parallel met de Tempeliers, bezaten ook veel onroerend goed in Europa en hadden een goede, wijl onschuldige, naam. Onder dat onroerend goed vielen gronden te Nijmegen en Utrecht; bovendien schonk paus Clemens V in 1314 grote verbeurdverklaarde Tempeliersgronden aan de Johanniters.
Nu staat vast dat de Johanruters in Schotland de hun toevertrouwde bezittingen van de Tempelorde niet in eigendom namen - maar die beheerden als toevertrouwd leen. Tot in de 16e eeuw is dit zo gebleven. Hetgeen wijst op een nobele orde.
Behalve in Zweden bestaat deze orde dan ook alleen uit adellijke personen.
In ons land is Prins Bernhard de Nederlandse Landcommandeur. Evenals de Tempeliers hebben ook de Johanniters hun grootmeesters, zoals ook de Maltezer Orde.
Het Johanniter kruis bestaat uit vier gelijke armen, elk uitlopend op twee spitsen; die acht punten symboliseren de acht zaligsprekingen. Want laten we niet vergeten, dat elke symboliek in genoemde orden terugslaat op de Bijbel. In al deze activiteiten kunnen we zien: uitingen van een bewust wordend christendom, dat wereldwijde betekenis kreeg.
Die aan de Bijbel ontleende symbolen vinden we ook terug in de Orde van Vrijmetselaren, die ... in Schotland zijn oorsprongen heeft.
(slot volgt)
• Als we deze uitrusting vergelijken met die in de slag van CulIoden (1746), waar de Schotten slechts met zeisen bewapend waren, krijg.t de historie perspectief.