Jeugdrubriek

1991-10-11
  • Jaargang 35
  • nummer 21
Onbesproken gedrag
Als je opgroeit is het verlangen naar een partner en naar een sexuele relatie vaak een belangrijk deel van je leven. Toch is dat iets waar we niet zo vaak en niet zo makkelijk over praten.
Als het al gebeurt is het vaak met vrienden, op school of op de straat, en dan is het niveau van het gesprek soms wel erg laag. En dat terwijl de Bijbel zoveel goede en mooie dingen over de liefde en het verlangen zegt.
Lees het Hooglied eerst eens en lees dan verder in dit artikel.

Liefde
Voor het begrip liefde zijn in het grieks en hebreeuws verschillende woorden gebruikt. De meest bekende zijn eros, filia en agapé. Agapé is de overgave, de opofferende liefde. Het is de betrouwbare liefde, waar het niet zozeer gaat over gevoelens en verliefdheid, maar om de houding waarin je steeds het beste zoekt voor de ander. Het tweede woord is filia. Dat is de vriendschap.
Het is houden van in de zin van iets graag willen, waarderen, lief hebben.
Maar dan dat derde woord, de eros. Dat woord is de aanduiding voor de erotiek, de hartstochtelijke verlangende liefde, de liefde die de ander begeert. Dat woord eros komt in de Bijbel niet voor, maar dat wil niet zeggen dat de Bijbel geen oog heeft voor dit aspect van de liefde. En het wil ook niet zeggen dat deze begeerte en dit verlangen verkeerd zouden zijn. Als Paulus het heeft over het huwelijk, dan zegt hij dat het goed is ongetrouwd te ' blijven en het leven te wijden aan het evangelie, maar hij zegt ook dat het goed is om te trouwen. Want, zegt hij, het is beter te trouwen dan van begeerte te branden. Dat wil zeggen: het is niet verkeerd om van liefde, van begeerte te branden, maar als je zo opgaat in je begeerte voor elkaar doe je er goed aan om die begeerte in het huwelijk vorm te geven en te beschermen.

Het meest duidelijk op dit punt is natuurlijk het Hooglied. Het Hooglied zindert van de erotiek. Daarom was het voor de kerk en voor het Jodendom heel lang omstreden of dit boek wel bij de Bijbel hoorde. Pas in het jaar 100 na Christus besloten de Joodse rabbijnen dat het boek erbij hoorde. Het was daarmee één van de laatste boeken die werd toegelaten tot de canon. En tegelijk werd er een kunstgreep uitgehaald: het hele Hooglied werd uitgelegd als beeldspraak van Gods liefde voor Israël. In de kerk deed men hetzelfde en men zag in alles afbeeldingen van de liefde van Christus voor de gemeente. Alleen door het boek zo als beeldspraak uit te leggen kon het een plaats krijgen in de lijst van gezaghebbende Bijbelboeken.
Bovendien had men in de synagoge de regel dat iemand het Hooglied pas mocht lezen als hij dertig jaar of ouder was. Een beetje mosterd na de maaItijd.
Hooglied moet je lezen als je jong bent en nog iets te leren hebt op het gebied van de erotiek. Hooglied is vooral voor jonge mensen die aan het ontdekken zijn waar Abraham en anderen de mosterd halen.

Een waarschuwing als refrein
ln onze tijd komt men steeds meer tot de overtuiging dat het boek Hooglied voor alles een beschrijving is van de begeerte van een jonge man en een jonge vrouw. Meeslepend, opwindend, hartstochtelijk gaan ze tekeer in hun liederen van de liefde. De bruid en de bruidegom spreken elkaar aan, bezingen elkaar, beminnen elkaar. Ze dromen van elkaar en in de dromen wordt de begeerte wakker. Het verlangen is zo sterk dat ze zichzelf af en toe in de rede vallen. Dat maakt het Hooglied ook een beetje een warrig boek. Het ene moment zijn ze in afwachting van de huwelijksdag en -nacht, het andere moment is de bruiloft al gaande. Maar zo is dat in de liefde bij ons ook. Het ene moment gaan we op in het verlangen, en het andere moment krijgt dat vorm in de werkelijkheid. En dan staat er als een refrein tussendoor die woorden die de hele erotiek weer onder vuur nemen en waarschuwen voor de begeerte. Dat is opvallend, want in dit boek is het verlangen voortdurend aanwezig. Nu eens smeult het en dan laait het weer op. De liederen lijken geen andere bedoeling te hebben dan het aanwakkeren van de hartstocht. En uitgerekend in dat boek vallen de zangers zichzelf in de rede met de waarschuwing: "wekt de liefde niet QPen prikkelt haar niet voordat het haar behaagt". Alsof ze zich af en toe opeens weer bewust worden dat je ook te snel, te jong kunt zijn. Oh, niet dat men dan terug valt in de preutsheid, want onmiddellijk gaat de begeerte weer verder, maar het staat er wel steeds: "wekt de liefde niet op en prikkelt haar niet, voordat het haar behaagt". Liefde moet spontaan, letterlijk on-gedwongen ontstaan en groeien. Begeerte is prima, dat hoort er helemaal bij, maar het is ook weer niet alles. Kijk uit dat je je er niet aan vertilt als je er nog niet aan toe bent.

Zelfbeheersing
Het Hooglied is dus niet alleen een fofzang opde erotiek, het is tegelijkertijd een waarschuwing voor de erotiek.
Dat hebben we in onze tijd ook wel nodig, want we worden van alle kanten in deze wereld opgeroepen om toch vooral maar onmiddellijk toe te geven aan de begeerte. In een radioprogramma hoorde ik eens een gesprek met meisjes van veertien over hun vaders. Eén meisje zei: "mijn vader is zo verschrikkelijk ouderwets, die vindt dat je pas met elkaar naar bed mag als je vaste verkering hebt".
Ik moet zeggen dat ik daar van schrok.
Natuurlijk vindt het grootste deel van onze jeugd dat liefde op de een of andere manier een voorwaarde is voor sexualiteit, maar de ontwikkelingen staan niet stil. Sex wordt al heel vaak gezien als een onschuldig tijdverdrijf dat je doet als je er zin in hebt, en waarbij het niet zoveel uitmaakt met wie dat gebeurt, zolang het maar veilig gebeurt. Maar dan ben je ver weg van het Hooglied. In het Hooglied gaat het niet om de sex op zich. Het gaat om de begeerte van jonge mensen die elkaar lief hebben en toe leven naar een bruiloft. En in dat toe leven naar verlangen ze ook naar elkaars lichaam. Natuurlijk verlangen ze daar ook naar, want dat lichaam hoort er helemaal bij in een relatie. Maar het Hooglied waarschuwt ons wel dat je te snel en te vroeg kunt toegeven aan het verlangen. Sterker nog: het Hooglied beschrijft ons jonge mensen die hun verlangen in de hand kunnen houden en kunnen wachten op de bescherming van het huwelijk.

Ook op een ander gebied waarschuwt het Hooglied. In hoofdstuk 2:15 staan de volgende woorden: "vangt ons de vossen, de kleine vossen, die de wijngaarden verderven nu onze wijngaarden in bloei staan". Dat gaat over de risico's die een ontluikende relatie bedreigen. En dat kunnen er heel wat zijn. Jaloezie, wantrouwen, leugentjes om bestwil, egoïsme. Je kunt een relatie makkelijker afbreken dan opbouwen.
En je zou kunnen zeggen dat als er dan alleen erotiek is, dat het dan gauw voorbij is met die relatle. Het verlangen is gauw weg als je niet uit kijkt. Dan is er toch ook de vriendschap en de opoffering nodig, die andere woorden voor liefde in de Bijbel.

Het Hooglied is heel kritisch ten opzichte van de liefde. Maar tegelijk is het een lofzang op de liefde, op het verlangen, op de begeerte.' Zo mooi mag het zijn. Zo mooi kan het zijn. Zo heeft de HEERE ons gemaakt dat we kunnen genieten van elkaar, kunnen verlangen naar elkaar, elkaar kunnen begeren en beminnen. Niet zonder na te denken, maar juist in de zuiverheid van echte liefde. In de zuiverheid die de Here God ons ook.wil geven. Hooglied weet van de verziekte sexualiteit die we in onze tijd zo goed kennen.
Het weet van machtsstrijd en sexueel geweld. Het weet van relaties die verstoord worden door indringers van buiten af. Maar Hooglied weigert zich daardoor te laten bepalen. De zangers van Hooglied blijven het volhouden dat de liefde en de begeerte goed zijn omdat ze van God zijn.

Brand!
De erotiek is een vuur. Zo zei Paulus het, het is beter te trouwen dan van begeerte te branden. Zo zegt het Hooglied het ook: "Sterk als de dood is de liefde, onverbiddelijk als het rijk van de doden de hartstocht. Haar vlammen zijn vuurvlammen, een vuurgloed des HEREN". Zo worden dood en liefde op één lijn gesteld. Dat zijn twee krachten in het leven van een mens die ons heel snel te sterk zijn.
Vuur is het. Vuur waar je je soms aan kunt warmen, maar ook vuur dat je kan verteren als je er niet voorzichtig mee om kunt gaan. Je kunt je zelf branden aan de begeerte, en de littekens daarvan blijven je hele leven. Wie te snel, te vroeg of verkeerd toe geeft aan de begeerte kan zijn hele leven daar de pijnlijke gevolgen van meedragen, zo sterk, dat elke relatie daarna met veel pijn en moeite gepaard gaat. Dat is iets om heel voorzichtig mee te zijn.

Sexualiteit komt van God
Maar het is wel een vuurgloed des HEREN! Dit vers is de enige plaats in het Hooglied waar de naam van de Here God ter sprake komt. Want zeker als het gaat om onze verlangens moeten we daar niet te snel de naam van God bij halen. Te makkelijk verwar je je eigen verliefdheid en verlangen met de wil van God. Maar hier moet het er dan toch wel staan: Een vuurgloed van de HEERE. Op een bepaald moment kun je dat in de erotiek ook ontdekken: daar zit de Here God achter. Samen vrijen en samen bidden, dat is een goede basis voor je huwelijk. Zo sterk kan het verlangen zijn dat niets ter wereld het kan uitblussen. Dat is de ware liefde, zo heel anders dan de betaalde 'liefde' die een vers later minachtend wordt beschreven. Maar dat echte, zuivere, pure, reine verlangen van bruid en bruidegom mag gezien en beleden worden als een gave van God. Daar hoef je je niet voor te schamen.

De broers van de bruid hebben het goed gezien (Hooglied 8). Op het huwelijksfeest zingen zij ook een lied.
Een terugblik op de tijd dat onze zus een zusje was. En ze zingen in hoofdstuk acht van het Hooglied hoe ze met haar omgaan. Hoe ze haar wilden behandelen als er minnaars op de proppen kwamen. Prachtige verzen die ons heel concreet iets leren voor de opgroeiende jeugd, de houding die we bij onze jongeren mogen aanleren als het gaat om relaties en sexualiteit.
De broers zeggen het beeldend: "Als zij een muur is bouwen wij daarop een zilveren tinne, maar als zij een deur is, dan sluiten wij haar af met cederen planken". Dat wil zeggen: als zij zichzelf afsluit als een muur, dan zullen we haar bekronen met een zilveren toren.
Dan mag iedereen zien dat ze mooi is.
De broers willen haar beschermen voor teveel terughoudenheid, want ze is mooi genoeg om gezien te worden.
Maar als-ze een deur is, die zomaar iedereen binnen laat, dan zullen ze haar afsluiten. Ze zullen haar beschermen voor lichtzinnigheid zodat ze geen slet wordt. Geef jezelf niet te veel, maar ook niet te weinig. Wees niet te terug getrokken, maar ook niet te open. En dan antwoordt het meisje: "ik was een muur, maar ik werd voor hem een deur". Alleen voor die ene die bij haar zal horen. Alleen voor die ene die haar hele leven haar man zal zijn. Voor iedereen is zij een endoordringbare muur, maar voor hem zal ze zich in overgave aanbieden. Daar krijgt de erotiek haar juiste plaats.
Daar mag het verlangen en de begeerte gekoesterd en beleefd worden.
Niet daarbuiten. Niet zomaar naar iedereen toe. Maarwelnaar haar bruidegom. De jongeman heeft daar ook voldoende aan. Hij heeft er zijn handen aan vol. Salomo had een wijngaard, een harem vol vrouwen. Maar hij is niet jaloers. Hij verlangt niet naar de vele vrouwen van Salomo. Laat die zijn wijngaard maar houden, voor deze jongeman is er ook een wijngaard.
Dat is hem genoeg. Daar geniet hij al zo volop van dat hij geen oog heeft voor anderen. En zo gaan de bruid en de bruidegom op in hun liefde, hun verlangen en hun begeerte.
Hartstochtelijk is het begin van hun huwelijk. Hartstochtelijk, maar wel zuiver. Niet banaal, niet grof, maar heilig en vurig. Want dat kan heel goed samen gaan. Kinderen van de Heer mogen weten dat de liefde en de begeerte van God gegeven zijn en dat ze er daarom volop van mogen genieten binnen Gods grenzen.

Daarom is het ook niet verkeerd om in dit alles dan ook nog een beeld te zien van Christus en de gemeente. Niet bij voorbaat, niet alsof het eigenlijk alleen daarom gaat. Maar dezelfde overgave, hetzelfde verlangen naar de ander, dat vinden we ook bij de Here Jezus Christus. Hij geeft Zichzelf over aan zijn gemeente en vraagt van zijn gemeente diezelfde overgave. Hij verlangt naar het eeuwige samenzijn, en de gemeente van de Here Jezus Christus, de bruid, verlangt even intens naar de dag van de hemelse bruiloft.
Op de achtergrond van het Hooglied mogen we dit beeld er ook nog in zien.
Maar eerst en vooral tekent het Hooglied ons hoe mooi het kan zijn als je van elkaar houdt. Hoe zuiver het kan zijn om naar elkaar.te verlangen. En hoe dodelijk als je daar verkeerd mee omgaat. Sterk als de dood is de liefde.
Vuurvlammen zijn het. Een vuurgloed des Heren. Als je voorzichtig bent word je daar door en door warm van.
Maar als je niet uitkijkt loop je brandwonden op waarvan de littekens je hele leven lang blijven.

Het is jammer wanneer sexualiteit bij het gedrag hoort dat niet besproken wordt. Iets dat zo sterk is, zo gevaarlijk kan zijn, en zo hoort bij je ontwikkeling, en bovendien een gave van de Here God is, verdient gewoon een plaats in een eerlijk gesprek.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief